*

 

Water en religieuze twisten

Henny de Lange − 15/04/09, 00:00

Morgen gaat de opera ’De Waterman’ in première in Dordrecht. Gebaseerd op twee oer-Hollandse thema’s: water en religie.

  • (Trouw)
  • Solisten Arnout Lems en Machteld Vennevertloo tijdens het repeteren van ¿De Waterman¿ in de Dordtse Biesbosch. (FOTO MARCO DE NOOD)

Vijf miljoen liter water stroomt er bij elke voorstelling van de opera ’De Waterman’ over het podium. Overal siepelt water uit, niet alleen uit de doorgebroken dijk, maar ook uit het aquaduct dat deel uitmaakt van het decor. Al met al wordt het een behoorlijk natte bedoening in het Energiehuis in Dordrecht, waar morgenavond de première plaatsvindt van deze opera. Die is gebaseerd op de gelijknamige roman van Arthur van Schendel uit 1933 die zich afspeelt rond de rivier de Merwede tussen Gorinchem en Dordrecht. „Maar de bezoekers houden het droog”, verzekert Cilia Hogerzeil, artistiek leider van Muziektheater Hollands Diep en regisseur van De Waterman.

Met lieslaarzen aan hebben de medewerkers de afgelopen weken gerepeteerd. Voor de hoofdrolspeler is er zelfs een wetsuit om op temperatuur te blijven in het koude water. Eigenlijk zouden de voorstellingen plaatsvinden in een tijdelijk theater op een landtong, met de rivier als bewegend decor. Maar deze locatie op de Stadswerven in Dordrecht werd in een laat stadium afgeblazen door de gemeente. Erg jammer, constateert Hogerzeil. Want het ontwerp voor het uit zeecontainers opgebouwde theater bood een uitgelezen kans om de rivier heel direct in de voorstelling te betrekken. „We hadden nu maar een paar maanden de tijd om een decor te laten bouwen voor het Energiehuis.”

Maar het resultaat mag er zijn. De decorbouwer heeft een stoere ’dijk’ aangelegd en die beschilderd met verf in een roestige kleur die prachtig harmonieert met de stalen spanten in het negentiende-eeuwse ketelhuis. Het is een geabstraheerde dijk, legt Hogerzeil uit, maar hij moest erin omdat ze de moeite die het kost om tegen een dijk op te lopen – die specifieke beweging – ook zichtbaar wilde maken in de voorstelling. Maar gemakkelijker is het er niet op geworden voor de spelers, die voortdurend moeten balanceren op die steile dijk.

Toen Hogerzeil een paar jaar geleden ’De Waterman’ nog eens las, een klassieker die al decennia op de boekenlijst van middelbare scholieren prijkt, wist ze meteen dat er een opera in zat. „Twee oer-Hollandse thema’s die ook nog eens superactueel zijn, komen daarin aan de orde. Het gaat over het water en over religieuze twisten. Bovendien is het ook nog eens een prachtig geschreven boek. Als scholier valt je dat waarschijnlijk niet op, maar er staan zulke mooie zinnen in. Een van de mooiste vind ik de volgende uitspraak van de hoofdpersoon: Goed gewild, maar dom gedaan.”

Hoofdpersoon in ’De Waterman’ is Maarten Rossaert die zich als kind al sterk aangetrokken voelt tot het water. De Merwede tussen Gorinchem en Dordrecht speelt een belangrijke rol in zijn leven: zijn moeder, zusje en zoontje verdrinken erin. Zelf bevaart hij als binnenschipper de rivier, waaraan hij verknocht is maar die ook tot zijn noodlot wordt. De Waterman, zoals Rossaert wordt genoemd, is een eigengereide man die zich niet wil voegen in de sociale en religieuze orde van zijn omgeving. Hij groeit op in het orthodoxe protestantse milieu uit die tijd (de tweede helft van de negentiende eeuw), dat zich verzette tegen de ideeën van de Verlichting en ’vrijdenkerij’. Hij trotseert dat in zijn ogen huichelachtige milieu door met een rooms-katholiek meisje te trouwen en zoekt zijn heil bij de christelijke communie ’De Zwijndrechtse Nieuwlichters’, die ondanks alle mooie idealen uiteenvalt. Als zijn vrouw op de wal gaat wonen nadat hun kind is verdronken, vaart Rossaert alleen verder.

In zijn boek beschrijft Van Schendel de eenzaamheid van de Waterman als volgt: ’Tussen haar en hem zat het element, het water. Hij was ervan, zij niet. Hij kon het haten, hij kon er tegen vechten, maar hij kon er niet van weg.” Hogerzeil richt zich in de opera op de essentie van het boek: een verhaal over een strijdbare man die tot het einde zijn verlangen volgt naar een God die vrijheid en liefde niet insnoert tot fatsoensregels en eigenbelang. Een man ook voor wie het water noodlot en verlossing betekent. Universele thema’s, net als in haar eerdere opera’s ’Oresteia’ en ’Achnaton’.

Niet alleen door de thema’s water en religie, maar ook door de gebruikte taal, een soort fonetisch geschreven Nederlands, is het een oer-Hollandse opera geworden, zegt Hogerzeil. De opera is gelardeerd met een ’onderstroom’ van oude psalmmelodieën. En om de opera heen is een raamwerk gemaakt van teksten van Job, het bijbelboek waarin de Waterman zijn vragen naar de (on)zin van het lijden herkent, en passages uit de Lorelei over de verraderlijkheid van het water. Het slotkoor van de opera zingt de mystieke brieventekst van Paulus in zijn brief aan de Romeinen: ’Want uit Hem en door Hem en tot Hem zijn alle dingen’.

Ook voor Hogerzeil persoonlijk zijn de thema’s die centraal staan in het leven van de Waterman heel herkenbaar. „Mijn ouders zijn gemengd getrouwd, wat tot veel discussies leidde in de familie. Maar iedereen zal er dingen in herkennen. Laatst was er nog een discussie in de Grote Kerk van Dordrecht over het aantal kaarsen met de Kerst. Voor de hervormde bonders mochten dat er niet te veel zijn, want dat was te rooms. En op bredere schaal speelt die discussie natuurlijk ook met de islam.” Ook de magie van het water die centraal staat in het boek van Van Schendel, is voor haar herkenbaar. „Ik kom van de zandgronden in Overijssel. Maar sinds ik in Dordrecht woon, ben ik gegrepen door het rivierenlandschap. De beweeglijkheid van het water heeft iets magisch, maar water roept ook angst op, waartegen de mens zich probeert te beveiligen met dijken.”

„Net zoals orthodoxe gelovigen zich verschansen achter tradities en religieuze ideeën dat alles is voorbeschikt. Ergens snap ik die bekrompenheid ook wel waartegen de Waterman zijn hele leven vecht”, besluit Hogerzeil.

mailIcon print |