*

 

Niet te laat voor excuses van Ali Eddaoudi

Youssef Azghari, publicist en docent communicatie, cultuur en ethiek aan Avans Hogeschool − 15/04/09, 00:00

Goed omgaan met vrijheid van meningsuiting moet je leren. Laat Ali Eddaoudi tonen dat hij dat heeft begrepen, en geef hem die baan.

Nederlandse moslims zijn minder vrij om te zeggen wat ze denken. Dit beweert de geestelijk verzorger Ali Eddaoudi sinds de politiek in negatieve zin zich bemoeit met zijn loopbaan bij de overheid. Zijn stelling klopt niet want op elk platform waarop hij verscheen kon hij tot op heden alles wat in hem opkwam eruit flappen.

Dat zijn nieuwe baan als geestelijk verzorger bij het ministerie van defensie op losse schroeven staat heeft niets te maken met zijn islamitische identiteit, maar met zijn boude uitlatingen in zijn eerdere publicaties. Zo noemde hij Osama bin Laden ’de idealist eersteklas’ en premier Balkenende een ’hypocriet’.

Zijn voordracht als vertrouwenspersoon bij het defensieapparaat heeft tot protest geleid bij de rechtse politieke partijen. Zij vinden hem vanwege ondermeer zijn uitspraak over de premier - ’geen deurmat waardig’ - en zijn opvatting dat christenen nog altijd in oorlog zijn met de islam, ongeschikt als geestelijk verzorger.

Inderdaad waren zijn opinies niet altijd goed doordacht, ontbrak het aan een stijlvolle presentatie en waren zijn ideeën nauwelijks progressief. Wanneer hij kwaad was sloeg hij met woorden om zich heen. Als hij louter de ander voor rotte vis uitmaakte, zag ik soms in hem de islamitische Wilders aan het woord. Maar om Ali Eddaoudi te bestempelen als een geradicaliseerde imam gaat mij te ver. Ten eerste is hij geen imam. Ten tweede heeft hij volgens mij nog nooit tot geweld opgeroepen. Hij is één van de zeldzame conservatieve moslims die het debat aandurven over taboes, zoals homoseksualiteit in de islam.

Ik heb hem leren kennen als iemand die niet bang is om ook met liberale moslims, zoals ik, van inzicht te verschillen. Daarmee is hij lichtjaren verwijderd van intolerante types zoals Mohammed B. Te waarderen valt zijn bijdrage aan het islamdebat. Hij gaf rondhangende jongeren met islamitische wortels, die uit verveling en gebrek aan zelfrespect de buurt terroriseren, een gezicht. Als ervaringsdeskundige vertolkte hij vooral de stem van ex- straatschoffies. Zij waren niet gewend om hun frustraties verbaal te uiten. Door zelf in de pen te klimmen en te debatteren gaf hij het voorbeeld.

Goed omgaan met vrijheid van meningsuiting is niet iets waar je mee geboren wordt. Het is cultuurbepaald. Eddaoudi heeft deze vaardigheid nooit thuis geleerd. In Marokkaanse families is vrijheid ondergeschikt aan respect. Om conflicten te vermijden en niet te kwetsen behandel je de ander als gast. Sommigen noemen dit weer hypocriet gedrag. Hoe je het ook noemt, de prijs voor teveel respect is hoog. Kritisch denken is not done want niemand durft de vuile was buiten te hangen. Daarom ging Ali er zeer rauw mee om toen hij eenmaal de smaak te pakken had van vrijheid van meningsuiting.

Het is waanzin om onder het mom van vrijheid te spugen op de westerse beschaving of de islam. Dat kan elke ezel. Een manier van geweldloos verzet tegen misstanden is om een debat in eigen kring op een respectvolle wijze te starten. Moslimjongeren moeten eerst leren met hun ouders in gesprek te gaan. Om dit te bereiken is het nodig dat kinderen vroeg leren om te gaan met vrijheid van meningsuiting. Autochtone kinderen hebben een voorsprong. Zij worden door hun ouders vanaf het begin opgevoed in een oude democratische traditie.

Voor veel niet-westerse Nederlanders, met name fanatieke ex-moslims of radicale bekeerlingen, staat vrijheid van meningsuiting gelijk aan recht op beledigen. De ander zwart maken is hun handelsmerk. Ondertussen denken ze dat wie in de media en politiek het hardst kan spugen op de ander vanzelf kampioen van de vrijheid van meningsuiting wordt. Dat is kolder.

Natuurlijk kent vrijheid geen grenzen. Maar als het neerkomt op haat zaaien en oproepen tot geweld, pleit ik ervoor om mensen een cursus op te leggen.

Voor Ali Eddaoudi is het niet te laat zijn excuses aan te bieden voor zijn foute uitspraken. In dat geval heeft niemand het recht hem zijn nieuwe baan te weigeren.

Vrijheid gedijt het best in een veilige omgeving met wederzijds respect. Dan maakt het niet uit of je moslim of niet-moslim bent. Laten we in dit verband vooral niet vergeten dat Azdin Chadli, van Marokkaans-Nederlandse afkomst, in Uruzgan is gestorven voor onze vrijheid en veiligheid!

mailIcon print |