*

 

Barroso richt zich vooral op eigen carrière

Gijs Moes − 16/06/09, 00:00

’Mister Europe’ is voorzitter Barroso van de Europese Commissie nooit geworden. Daarvoor was zijn optreden de afgelopen vijf jaar te voorzichtig, te diplomatiek. Maar de regeringsleiders, die hij nooit voor de voeten heeft gelopen, gunnen hem wel een tweede termijn.

  • Toen hij vijf jaar geleden naar voren werd geschoven als nieuwe voorzitter van de Europese Commissie, was Barroso een grote onbekende. (FOTO AFP)

Maoïst, conservatief, technocraat en allemansvriend – voorzitter José Manuel Durrão Barroso van de Europese Commissie heeft vele gezichten. Eén overeenkomst: ze stralen altijd van enthousiasme over het ’Europese project’.

Een maoïst was Barroso aan het begin van zijn politieke carrière, als jonge rechtenstudent in Lissabon, kort na de Anjerrevolutie die Portugal bevrijdde van 48 jaar dictatuur. Dat maoïsme was een opportunistische keuze, zei Barroso later. Er waren destijds voor een Portugese student maar twee relevante politieke smaken: maoïsme en leninisme.

Maar binnen enkele jaren sloot Barroso zich aan bij de Partido Social Democrata, die in tegenstelling tot wat de naam suggereert, getypeerd kan worden als conservatief-liberaal. Om het nog ingewikkelder te maken, hoort de PSD en dus ook Barroso bij de christen-democratische Europese Volkspartij (EVP), net als het CDA.

Die EVP is nu Barroso’s steun en toeverlaat bij zijn poging om een tweede termijn te krijgen als commissievoorzitter. Prominente politieke bondgenoten als de Duitse bondskanselier Merkel, de Franse president Sarkozy en premier Balkenende hebben hun steun aan Barroso al toegezegd. Ook sociaal-democraten als de Britse premier Brown en zijn Spaanse collega Zapatero steunen de Portugees.

Barroso heeft zeker capaciteiten die hem geschikt maken als commissievoorzitter. Hij spreekt zijn talen (Engels, Frans en Spaans, naast het Portugees natuurlijk) en dat is een verademing na het moeilijk verstaanbare gemompel van zijn voorganger, de Italiaan Romano Prodi.

Bovendien lijkt hij een kordate, efficiënte commissievoorzitter te zijn. Velen vroegen zich af hoe een Europese Commissie ooit zou kunnen functioneren met 27 leden. De slagkracht zou verloren gaan in zo’n groot gezelschap. Maar Barroso houdt de teugels strak, over interne twisten is de laatste jaren weinig vernomen.

Dat zal dan wel komen doordat de commissie de lat heel laag heeft gelegd, reageren de critici. Want de verwachting van vijf jaar geleden, dat deze ploeg met doortastende voorstellen zou komen, is niet ingelost. Barroso blaakte in 2004 van ambitie, maar veel grote resultaten kan hij nu niet laten zien.

Toen hij vijf jaar geleden naar voren werd geschoven als nieuwe voorzitter van de Europese Commissie, was Barroso een grote onbekende. Als premier van Portugal had hij weinig indruk gemaakt, de kiezers hielden niet echt van deze technocraat.

Barroso kwam uit de hoge hoed van de regeringsleiders, nadat andere kandidaten afvielen. De Belgische premier Verhofstadt was vooral voor de Britten veel te ambitieus en pro-Europees, de Britse eurocommissaris Chris Patten kreeg op zijn beurt te weinig steun van andere landen.

In een hoorzitting vroeg Barroso het Europees Parlement destijds expliciet om steun. „Hoe meer steun ik krijg, des te meer autoriteit zal ik hebben om, als het echt nodig is, eens een keer ’nee’ te zeggen tegen de regeringen.” Die steun kreeg hij, maar van nee zeggen is weinig terechtgekomen.

„Hij heeft geen visie getoond en geen initiatief genomen”, zegt Thijs Berman, aanvoerder van de drie PvdA’ers in het Europees Parlement. „Hij heeft niks gedaan aan de financiële crisis, hij heeft niet gezorgd voor goed toezicht op de banken toen het nog kon. Hij was veel te passief, hij heeft zich alleen op zijn eigen carrière gericht.”

Dat is het bezwaar van alle critici van Barroso: hij heeft gedanst naar het pijpen van de regeringsleiders, die nu eenmaal het laatste woord hebben in Europa. Zo heeft hij de kans laten lopen om de Europese Commissie, het dagelijks bestuur van de EU, een eigen politiek gezicht te geven.

„Hij was gewoon het schoothondje van de lidstaten”, zegt Sophie in ’t Veld, die nu leiding mag gaan geven aan een driekoppige D66-fractie in het EP. „Zij wilden de commissie verzwakken en daarin zijn ze geslaagd. De Europese Commissie is verworden tot een secretariaat van de Raad (van regeringsleiders, red).”

Maar had het anders gekund? De lidstaten hebben nu eenmaal het laatste woord in de EU, de eurocommissarissen kunnen alleen maar voorstellen doen. Zo bezien heeft Barroso misschien wel het beste gemaakt van een lastige positie.

De Europese Commissie is geen echt politiek orgaan, zegt een Nederlandse diplomaat in Brussel. De regeringsleiders houden de touwtjes in handen. Barroso heeft zich opgesteld als diplomaat, die de politieke verhoudingen altijd scherp in de gaten heeft gehouden en „zeer bekwaam” reageerde op veranderende situaties.

Zo liet hij zijn lievelingsproject, de ’Lissabon-strategie’, los toen het een mislukking werd. Die strategie moest van de EU in 2010 de meest dynamische en concurrerende economische macht in de wereld maken. Maar dat bleek te hoog gegrepen en zo verdween dit plan in een diepe la.

Dat andere ’Lissabon’, het verdrag dat in de plaats kwam van de Europese Grondwet, had een nieuw hoogtepunt moeten worden. Anderhalf jaar geleden, tijdens het Europees voorzitterschap van Portugal, werd het tijdens een mooie ceremonie getekend in Lissabon door de regeringsleiders.

Maar na het Ierse ’nee’ in een referendum is het verdrag nog altijd niet van kracht. En daar kan de commissie weinig aan doen. Het wachten is op een nieuw referendum en de beslissing van de Tsjechische en Poolse presidenten en het Duitse grondwettelijk hof.

In het klimaatprobleem vond Barroso een nieuwe uitdaging, die hij wel energiek heeft opgepakt. Hij heeft zijn nek uitgestoken om de Europese doelstellingen voor het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen erdoor te krijgen. Met het klimaat- en energieplan loopt de EU wereldwijd voorop.

Toch zijn die doelstellingen „bij lange na niet voldoende”, meent Berman. „Hij heeft de auto-industrie gewoon haar zin gegeven en de emissie-eisen afgezwakt.” In die afzwakking speelde overigens eurocommissaris Verheugen (industrie), een Duitse sociaal-democraat, de hoofdrol.

Een zwakte van Barroso ligt zeker in de rol die de commissarissen hebben kunnen spelen. Die rol heeft hij sterk ingeperkt. Van tevoren waren de verwachtingen vrij hooggespannen, want deze commissie had een duidelijke politieke kleur: liberaal, en dus zou de Europese vrije markt nog verder kunnen groeien.

Maar veel meer dan wat ’leuke dingen voor consumenten’, zoals lagere internationale tarieven voor mobiele telefoons en goedkopere vliegtickets, heeft dat niet opgeleverd. Ondanks alle klachten van linkse partijen zoals de SP over het ’neoliberale Europa’, heeft de commissie weinig gedaan om de marktwerking te vergroten.

Natuurlijk mocht Neelie Kroes schitteren in haar rol als beschermvrouw van de eerlijke concurrentie. Maar zij heeft als toezichthouder een weinig politieke rol; voorstellen voor nieuwe regelgeving doet ze zelden.

Zo heeft Barroso in ieder geval één kans gemist: het gezicht van Europa te worden. Door meer en verdergaande voorstellen te doen, door voorop te lopen, had hij Brussel minder anoniem kunnen maken voor de Europese burgers. Een duidelijk voorstel voor één Europese toezichthouder op de financiële markten had bijvoorbeeld veel aandacht kunnen trekken.

Natuurlijk was zo’n voorstel afgeschoten of uitgekleed door de lidstaten, Groot-Brittannië voorop. Maar Barroso had het tenminste kunnen proberen om te laten zien dat Europese oplossingen nodig zijn voor grensoverschrijdende problemen.

Nu heeft hij zich heel voorzichtig opgesteld in de crisis. „Hij heeft de bal bij de lidstaten gelegd, want daar zit het geld”, zegt Corien Wortmann ter verdediging. De herkozen CDA-Europarlementariër is ook ondervoorzitter van de EVP, die Barroso opnieuw naar voren schuift. „Natuurlijk kan het altijd beter, maar de meeste kritiek is wel heel gemakkelijk. Wat niet is bereikt, kun je niet allemaal op Barroso’s bord schuiven.”

Donderdag komen de EU-regeringsleiders bijeen in Brussel. Zij zullen daar waarschijnlijk Barroso nomineren voor een tweede termijn. Het Europees Parlement zal zeker flink tegensputteren en het is nog maar de vraag of hij daar voldoende steun krijgt. Maar een tegenkandidaat is er niet.

mailIcon print |