*

 

Paus sprak echt niet over homo’s

Frank G. Bosman − 16/01/09, 00:00

De critici van paus Benedictus zouden er goed aan doen hem te beoordelen op wat hij echt zegt.

Het vaderland was weer eens te klein. Verschillende kranten in binnen- en buitenland brachten met verrassend weinig variatie dezelfde boodschap: ’Paus vindt homoseks een grotere bedreiging voor het voortbestaan van de aarde dan de vernietiging van het regenwoud’. Het COC begon een actie om het Vaticaan zijn recht af te nemen de Verenigde Naties toe te spreken. D66-EuroparlementariĆ«r Sophie in ’t Veld riep de voorzitter van de Europese Commissie Jose Barroso op om zich openlijk uit te spreken tegen deze ’grove schending van de scheiding kerk-staat’. „De paus predikt haat”, zei In ’t Veld in een emotionele oproep. Bovendien gaat minister van buitenlandse zaken Verhagen pauselijk nuntius BacquĆ© op het matje roepen om zijn ’bezorgdheid’ uit te spreken.

Bij zoveel verbaal geweld vraag ik mij af of iemand van Benedictus’ critici de moeite heeft genomen zijn feitelijke toespraak in zijn geheel te lezen. Wie dat doet, ontmoet toch iemand anders dan een homohaat predikende kerkelijke potentaat. Het Vaticaan hielp hier trouwens ook niet echt aan mee door de tekst lange tijd niet op zijn website te publiceren. Inmiddels is dat wel gebeurd.

Benedictus sprak op 22 december de Romeinse Curie toe ter gelegenheid van Kerstmis en keek terug op het afgelopen jaar, vooral op de Wereldjongerendagen in Sydney en de start van het Paulusjaar. Wat betreft zijn optreden in AustraliĆ« geeft Benedictus blijk van milde zelfspot: „Sommige analyses neigen ertoe deze dagen als een uiting van de jeugdcultuur te zien, een soort rockfestival met een kerkelijk sausje, met de paus als de hoofdattractie.” Vervolgens wijst Benedictus er op dat een dergelijk feest niet af te dwingen valt, nota bene met een citaat van Friedrich Nietzsche, de wijsgeer van ’God is dood’ : „Het belangrijkste is niet om in staat te zijn een feest te organiseren, maar om mensen te vinden die het kunnen waarderen”. Benedictus gaf hier blijk van een brede filosofische bagage.

Vervolgens herhaalde Benedictus zijn inmiddels bekende mantra over zijn zorg voor de aarde. „De aarde is niet slechts ons bezit dat we kunnen uitbuiten zoals we dat willen. Zij is een geschenk van de Schepper (*) en wij als de beheerders van zijn schepping, moeten de aarde respecteren”. De mens die vergeet voor de aarde te zorgen, vernietigt zichzelf, en daarmee het werk van God. Tot zover nog geen sprake van enig onvertogen woord, mijn inziens. Ik denk dat een meerderheid van de mensheid hiermee kan instemmen, met of zonder inbegrip van de verwijzing naar God.

Om zijn bezorgdheid verder onder woorden te brengen, gebruikt hij – misschien minder gelukkig gekozen – het woord ’gender’. Dit koppelt hij echter niet, zoals in de media te lezen viel, aan homo- of transseksualiteit, maar aan ongebreideld liberalisme en doorgeschoten individualisme. Als schepsel is de mens in Benedictus’ visie afhankelijk van God en niet absoluut vrij om zijn eigen zin te doen. Vervolgens haalt de paus de regenwouden erbij, die net als de mensen bescherming verdienen.

De vergelijking is er misschien een beetje met de haren bijgetrokken. Maar Benedictus zegt hier niet dat homo- en transseksuelen een grotere bedreiging voor de aarde vormen dan de vernietiging van het regenwoud, zoals de homobewegingen suggereren. Benedictus roept op om de aarde en de mensen die haar bewonen te beschermen tegen elkaar en zichzelf. Wat is daar in hemelsnaam mis mee?

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />