Thijs Maas won een kleine twee jaar geleden overtuigend – met zowel de jury- als de publieksprijs – het Concours om de Wim Sonneveldprijs van het Amsterdams Kleinkunst Festival. Door de jury werd hij geroemd als ’uitstekende instrumentalist’ met een ’aangename zangstem’ die ’bewijst een groot talent te zijn’. Altijd afwachten of dat ook zo is natuurlijk, maar met zijn eerste voorstelling, ’Eén’, laat hij zien dat hij veel in huis heeft.
In ’Eén’ speelt Maas een intense optimist. Relatie uit? Geen probleem, hij geniet héérlijk van zijn vrijheid. Kredietcrisis? Ach, op korte termijn is er altijd wel wat. Milieuproblematiek? Met een lange lijst aan cijfers en feiten veegt hij veel van de zorg om ons leefklimaat in één klap van tafel. Het gaat goed, dat is de boodschap.
Maar snel zie je barstjes. Hij weet tot op de seconde hoe lang hij en zijn ex uit elkaar zijn en zoekt openlijk, met een zaklamp, een nieuwe vrouw. Hij weet feilloos de clichés uit vrouwenbladen op te lepelen om indruk op haar te maken, en dat doet hij erg grappig. Zijn begeleiders, the Satellites, hebben het ook al laten afweten, dus Maas moet het echt in zijn eentje klaren. Hij zoekt naar verbondenheid. In het klein en in het groot. Een ramp brengt mensen bij elkaar, maar zijn missie is ons één te laten worden voor het zover is.
Thijs Maas is een onderhoudende cabaretier. Hij is bijzonder welbespraakt en citeert waar en wanneer het hem maar uitkomt. Die citaten zijn net zo goed van schrijvers als Jan Wolkers als van een televisiepersoonlijkheid als Patty Brard. Hij vertelt losjes, zingt mooie liedjes en heeft goede grappen. Af en toe lijkt het allemaal iets te geacteerd, te ingestudeerd, maar dat zal de relatieve onervarenheid zijn.
Muzikaal is hij zeker – hij kan met zijn stem doen alsof er een hele band op het podium zit en zijn liedjes zijn dik in orde. Met name ’Hou van me’ en ’Geloof ze niet’ springen eruit. Maas zingt ook een vertederend duet met zichzelf als hij het bandje met de stem van de vierjarige Thijs laat horen die uit volle borst ’Zo verdomd alleen’ van Ciske de Rat zingt.
Maar er zitten zeker ook dips in ’Eén’, zoals het te lang uitgesponnen verhaal over een hoerenbezoek. In de voorstelling zitten nog een aantal elementen van ’Wondermens’, het festivalhalfuurtje waarmee hij won. De verhaallijn rond zijn vader, die hem wat mij betreft kwetsbaarder en theatraal interessanter maakte, heeft hij er helaas uitgelaten. Blijft over: een debuut dat er mag zijn, met een paar kanttekeningen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.