Het is goed dat burgemeesters te horen krijgen dat een zedendelinquent zich in hun stad vestigt. Maar informeren alleen is niet genoeg.
Burgemeesters in Nederland krijgen er een grote verantwoordelijkheid bij. Een grote verantwoordelijkheid omdat ze in de nabije toekomst geïnformeerd worden over de terugkeer van pedoseksuelen in een wijk of buurt. Minister van justitie Hirsch Ballin maakte dat gisteren bekend in een interview met Trouw.
Aanleiding is de maatschappelijke onrust die ontstond toen een veroordeelde pedoseksueel na het uitzitten van zijn straf terugkeerde in zijn Utrechtse flat waar ook zijn slachtoffertje woont. Voor burgemeester Wolfsen was het incident in zijn stad aanleiding om te pleiten voor informatieverstrekking aan burgemeesters over de vestiging van zedendelinquenten. Wolfsen vindt dat de burgemeester als hoeder van de rust in zijn stad toch dient te weten wie zich in zijn gemeente ophoudt. Minister Hirsch Ballin is dat met Wolfsen eens en gaat in een speciale regeling vastleggen dat burgemeesters voortaan door het Openbaar Ministerie worden geïnformeerd over de vrijlating van zedendelinquenten.
Een logische stap; de burgemeester is nou eenmaal verantwoordelijk voor de openbare orde en veiligheid in zijn gemeente. En als mensen zich daar vestigen die een risico voor de samenleving meebrengen, dan moet hij hiervan op de hoogte zijn. Maar wat moet en kan de burgemeester met die informatie? Er wordt van de burgemeester verwacht dat hij ook gevolgen verbindt aan de kennis die hij heeft.
En daar komt het professionele netwerk in beeld. En in het bijzonder de reclassering. Het is overigens een misvatting te veronderstellen dat de reclassering per definitie betrokken is bij de terugkeer van delinquenten in het algemeen en zedendelinquenten in het bijzonder. Dat gebeurt alleen als er sprake is van een zogeheten justitieel kader, wanneer de rechter bijzondere voorwaarden heeft opgelegd. Dan komt er reclasseringstoezicht die de dader begeleidt en controleert of hij de voorwaarden naleeft. Dan is er een stok achter de deur om een gedetineerde te motiveren en te dwingen om bepaalde dingen te doen en te laten.
Als de reclassering toezicht houdt op de bijzondere voorwaarden, heeft deze dienst ook de informatie over de zedendelinquent. Samen met de burgemeester kan in dat geval een netwerk (politie, welzijnswerk, woningbouwverenigingen) worden georganiseerd dat bij het toezicht wordt ingezet. Maar ook zónder het justitiële kader kunnen de burgemeester en de reclassering samen optrekken bij het organiseren van een dergelijk netwerk. In dat geval ligt het initiatief en de regie bij de burgemeester die de informatie die hij heeft met de reclassering kan delen. De reclassering kan dan bijvoorbeeld in opdracht van de burgemeester zogenoemde nazorg van de zedendelinquent uitvoeren.
Overigens mag de burgemeester zelf bepalen met wie hij de informatie deelt. Er moet wel een dringende noodzaak zijn om anderen in te lichten. Bijvoorbeeld als er kans is op herhaling van crimineel gedrag. Maar een reden kan ook zijn dat de burgemeester maatschappelijke onrust wil voorkomen. Dan is er misschien helemaal geen aannemelijke kans op herhaling, maar bestaat er in de toekomstige omgeving van de ex-dader wel de angst voor herhaling. De burgemeester kan dan, samen met de reclassering en anderen, de buurt informeren om de rust te behouden of escalatie te voorkomen.
En toch. Zeker bij risicovolle zedendelinquenten is een aanzienlijke – in sommige gevallen misschien wel levenslange – toezichtperiode op basis van bijzondere voorwaarden het meest gepast en effectief. De komst van de nieuwe wet voorwaardelijke invrijheidstelling is wat dat betreft een zeer welkome ontwikkeling. Als een veroordeelde de opgelegde voorwaarden schendt, wordt de invrijheidstelling teruggedraaid. De veroordeelde moet dan alsnog de rest van zijn straf of een deel daarvan uitzitten. In gevallen dat er geen sprake is van voorwaardelijke invrijheidstelling – bijvoorbeeld omdat de gevangenisstraf te kort is – zou een langere proeftijd uitkomst kunnen bieden. Zolang er risico op herhaling is, zou die proeftijd telkenmale verlengd moeten kunnen worden, net zoals bij tbs. Essentieel blijft het creëren van die zogenoemde stok achter de deur. Zonder dat kan ook een burgemeester weinig beginnen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.