Op Zweedse crèches zijn leraren verplicht om rolpatronen te doorbreken. Jongens en meisjes worden gelijk behandeld.
Jongens in het prinsessenbed, meisjes op het Vikingschip. Zo zien ze het graag op voorschool Tüppan in Stockholm. Op de crèche worden kinderen van 1 tot en met 5 jaar, net als op alle Zweedse voorscholen, gestimuleerd om ’sekseneutraal’ te spelen. Traditionele rolpatronen moeten er doorbroken worden. Dus geen keukentjes en speelgoedtractors voor de peuters. Kinderen moeten zich vrij ontwikkelen, zonder in typische mannen- en vrouwenrollen gedrongen te worden.
„Wij zijn er als leerkrachten altijd alert op dat wij jongens en meisjes precies gelijk behandelen”, zegt pedagoge Yvonne Hüll, schoolcoördinator van Tüppan. „Drukke jongens moeten niet kortaf tot de orde geroepen worden. Leidsters moeten hen geduldig uitleggen waarom ze rustig moeten zijn, net zoals je dat met een meisje zou doen.”
Het klaslokaal is erop ingericht om de fantasie te prikkelen. In de Stockholmse school hangen geen plaatjes van overbekende stripfiguren aan de muur, want die zouden de fantasie maar beknotten. Kinderen moeten hun eigen wereld creëren met knuffeldieren en verkleedkostuums. „Niet alle ouders zijn er blij mee,” zegt Hüll. „Ze willen niet dat hun zoon straks feeënvleugels aantrekt. Maar zo zwart-wit is het ook niet. We proberen kinderen alleen te interesseren voor dingen die volgens het rolpatroon niet typisch ’mannelijk’ of ’vrouwelijk’ zijn, maar waarvoor eigenlijk geen goede reden is. Waarom zou een meisje niet aan techniek kunnen doen? En een jongen geen thee kunnen schenken?”
Pedagoog Hüll is blij met het klimrek dat de ouders voor een klas bouwden, en dat met een paar simpele ingrepen van Vikingschip tot prinsessenbed is om te bouwen. Aangetrokken tot het één, komen kinderen ook in aanraking met het ander. „Blokken in de poppenhoek leggen, is ook zo’n manier om meisjes ander speelgoed te laten ontdekken. En het trekt jongens ook die hoek in.”
De Zweden proberen in het onderwijs traditionele rolpatronen al sinds de jaren zeventig te doorbreken. Tot 1998 was dat slechts een aanbeveling aan leerkrachten, daarna werd het een verplichting. De gelijke behandeling van jongens en meisjes stelt hoge eisen aan de leerkrachten. „Wij evalueren ons eigen werk iedere week”, zegt Hüll. „Voor iedere klas staat een academisch opgeleide pedagoog en iemand met een hbo-opleiding pedagogie. Zij letten erop dat er in de klas geen sekseongelijkheid ontstaat.”
Probleem daarbij, vindt Hüll, is dat er zo weinig mannen geïnteresseerd zijn in een baan als voorschool-leerkracht. De kinderen krijgen daardoor niet het goede voorbeeld. „Slechts 3 procent van de leraren is man. Mannen willen nu eenmaal niet werken in een omgeving met zo weinig andere mannen. En het betaalt minder goed dan andere scholen, dat vinden zij ook belangrijk.”
„Aan het lage aantal crècheleiders zie je dat de rolpatronen nog steeds sterk leven”, zegt Nyamko Sabuni, minister van seksegelijkheid. „Wij willen mensen aansporen om keuzes te maken die juist niet gebonden zijn aan sekse. Dat lukt bijvoorbeeld goed bij de politie. Voor het eerst hebben zich dit jaar meer vrouwen dan mannen ingeschreven. Het sekseneutrale onderwijs moet trouwens nog verder worden doorgevoerd. Dus niet alleen op lagere en middelbare scholen, maar ook op universiteiten en hogescholen.”
Het succes van het ’gender-gelijke’ onderwijs staat voor de meeste Zweden wel vast. „We doen het nu ongeveer veertig jaar, en het werpt sinds een jaar of vijftien vruchten af”, zegt emancipatiejournalist Camilla Wagner van het zakelijke tijdschrift Veckans Affürer. „Mannen die het sekseneutrale onderwijs kregen, schamen zich niet om thuis te zitten met de kinderen. Onder jonge, hoogopgeleide mannen is echt een verandering gaande. Zweedse mannen zijn softies geworden.”
Vader Per Stenström (29) bestrijdt dat laatste. „Ik heb zelf ook op een voorschool gezeten. Maar ik ben daardoor toch geen softie geworden? Ik zorg voor mijn dochter, neem een half jaar vaderschapsverlof op en doe mijn deel van het huishoudelijke werk. Dat vind ik vanzelfsprekend.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.