Wie op straat komt te staan doordat zijn werkgever in economische problemen zit, loopt mogelijk flink wat geld mis. Wat is de beste strategie om een ontslagvergoeding te bemachtigen?
Ontslagen vanwege de crisis. Wat nu? In de tegenaanval, of zonder morren op zoek naar de volgende baan?
Elke situatie is anders. Loopt het ontslag via het UWV Werkbedrijf of via de kantonrechter? Is de reden bedrijfseconomisch of je persoonlijke functioneren? Is het terecht, of probeert je werkgever je met een lepe list de laan uit te sturen? In alle gevallen geldt: zorg dat je alles zwart op wit hebt en teken niets.
„Ontslaan kan op drie manieren”, zegt Wessel Agterhof, woordvoerder bij het UWV Werkbedrijf (voorheen CWI). „Het kan via ons. Dan vraagt de werkgever een vergunning aan om te mogen ontslaan en onderzoeken wij of dat gegrond is. Vervolgens zeggen we ja of nee. Ontslag kan ook verlopen via de kantonrechter. Daar staat het UWV volledig buiten. En ten slotte kan ontslag plaatsvinden met wederzijds goedvinden van werkgever en werknemer. Dat regelen ze dan onderling. Een werknemer verspeelt daarmee overigens wel z’n recht op een uitkering.”
„Je ontslag moet je altijd weigeren”, zegt Henk Vlaming, auteur van Het Ontslagcircus. „Tenminste, als je een zo hoog mogelijke vergoeding mee wilt krijgen, want daar gaat het uiteindelijk om. Je baan raak je toch wel kwijt, want iemand ontslaan lukt altijd. Als een werkgever maar voldoende ruzie maakt, dan oordeelt een kantonrechter dat de situatie onwerkbaar is en volgt ontslag.”
Volgens Cees Wallis, kantonrechter te Breda is dat herkenbaar. „Een werkgever geeft bijvoorbeeld als reden het disfunctioneren van een werknemer. Na onderzoek blijkt dat twijfelachtig. Sommige kantonrechters oordelen: ondanks de zwakke grond is het met deze twee over een paar maanden waarschijnlijk weer hommeles, dus ik ontbind. Men zegt wel eens dat je bij de kantonrechter elke ontbinding kunt kopen. Hoewel dat te sterk is uitgedrukt, wordt in meer dan acht van de tien gevallen de werknemer ontslagen.”
Niet iedereen krijgt na ontslag een hoge vergoeding of gouden handdruk. De kantonrechter berekent de hoogte van de vergoeding met de kantonrechtersformule. Wallis: „Door een wijziging per 1 januari 2009 valt die voor de meeste werknemers lager uit dan voorheen. Over het algemeen geldt: meer dienstjaren en een hogere leeftijd betekent een hogere vergoeding. Is de werkgever vooral schuldig aan het ontslag, dan wordt de vergoeding hoger. Is de werknemer de hoofdschuldige, dan valt de vergoeding lager uit of wordt zelfs helemaal geen vergoeding toegekend.”
Bij faillissement belandt de werknemer met lege handen op straat. Een curator zorgt dat de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden. De werknemer kan z’n ontslag aanvechten voor de rechter, maar zelfs als hij gelijk krijgt, valt van een kale kip niet te plukken.
Als de werkgever van het UWV een vergunning heeft gekregen om werknemers te ontslaan ontvangt de werknemer geen vergoeding, tenzij dat in een sociaal plan anders is afgesproken met de vakbonden. „Wil je toch een vergoeding, dan moet je zelf naar de rechter stappen”, zegt arbeidsjurist Ulli Hoogland van de Arbeidsrechter te Leeuwarden. „Zeker als het ontslag op bedrijfseconomische grond is, maak je eigenlijk alleen kans als in de procedure fouten zijn gemaakt. Dus in de fase voorafgaand aan het ontslag moet je kritisch zijn. Is ontslag via het UWV eenmaal rond, dan heeft de werkgever meestal een goede grond voor het ontslag. Het is de vraag of het zinvol is om dat aan te vechten via de rechter. Ik kan het wel waarderen als mensen dan zeggen: ’Laat maar, het is mooi geweest. Ik wil verder’.”
„Als je het gevecht niet aangaat, ben je een dief van je eigen portemonnee”, werpt Vlaming tegen. „Dus je moet het er nooit bij laten zitten. Dan ben je de verliezer in dit spel. Met een goede advocaat kun je het dienstverband rekken. Dat betekent inkomen en een betere kans op nieuw werk. Wie wil winnen moet een vijandige houding aannemen.”
Hoogland: „Zeker niet. Als je naar de rechter gaat, is de truc juist om over te komen als iemand met wie je goed kunt samenwerken. Vijandigheid is gunstig voor een werkgever. Die zegt dan: ziet u wel, en dit is dus al jaren het probleem. En de rechter zal tegen je zeggen: je ziet toch zelf ook wel dat dit niet meer werkt.”
Volgens Vlaming moet je minstens zo gemeen zijn als je werkgever: „Als hij je beschuldigt van slecht functioneren, dan beschuldig je hem omgekeerd van nalatigheid. Zeg dat je geen duidelijke werkinstructies hebt gehad en dat je onvoldoende bent gesteund. Voor de kantonrechter valt vaak de term ’goed werkgeverschap’, maar nergens is omschreven wat dit precies is. Je moet aanwijzingen van slecht werkgeverschap verzamelen. Getuigenverklaringen van collega’s opnemen: uitgetypt en ondertekend.”
Mathieu Wakim, jurist en oprichter van Allied Advocaten in Amsterdam, kiest voor gezond wantrouwen: „Van een autodealer geloof je ook niet alles. Zo moet je ook je werkgever benaderen als hij zegt dat hij een goeie deal voor je heeft en dat je zo weer een andere baan vindt. Vaak verloopt een ontslag ongeveer zo: je zit lekker op je kantoortje te werken en de personeelsfunctionaris komt binnen: ’Henk, heb je even. Erg vervelend, we hebben slecht nieuws. We moeten je ontslaan. Maar we hebben hier een keurig voorstel. Lees het maar even door en teken het.’ Als je tekent kan het maar zo zijn dat je instemt met je eigen ontslag en daardoor je recht op WW verspeelt. Op ons kantoor komen geregeld mensen binnen die iets ondertekend hebben waar ze niet achter staan. Dat is wel weer recht te breien uiteindelijk, maar daar is wel een advocaat voor nodig.”
Teken niets, staat dan ook bovenaan vrijwel alle tiplijstjes van advocatenkantoren, juridische adviesdiensten en andere deskundigen die zich op internet profileren. Meestal wordt de tip gevolgd door het advies: ga nergens mee akkoord. „Het eerste voorstel is nooit het laatste voorstel”, zegt Wakim. „Bedenk dat de werkgever een onderhandelingstraject ingaat.” Volgens Vlaming moet je bovendien categorisch protesteren: „Je moet de reden van je ontslag voortdurend in twijfel trekken. Als de werkgever zegt dat de relatie verpest is, ontken je dat. Zelfs als je in functioneringsgesprekken slecht beoordeeld bent, moet je gewoon zeggen dat je nu wel goed functioneert en toelichten waarom dat zo is.”
„Je moet elk voorstel serieus nemen”, werpt Hoogland tegen. „Zeker als je kort in dienst bent, kan dat verstandiger zijn dan het helemaal uitvechten. Naarmate je langer in dienst bent, wordt de gang naar de rechter interessanter, omdat het dan om meer geld gaat.”
Protesteer schriftelijk, is ook een populair advies. Altijd doen, zeggen zowel Hoogland, Wakim als Vlaming. Volgens Wakim is een e-mailtje al voldoende: „De formulering maakt niet uit, als maar blijkt dat je niet ontslagen wilt worden.” Hoogland adviseert om geen standaardbrief te gebruiken: „Daar circuleren er veel van op internet. Het komt bij een kantonrechter beter over als je naar je werkgever een persoonlijke brief hebt gestuurd met daarin de boodschap dat je overleg wilt, dat je beschikbaar bent voor werk en dat je protesteert tegen je ontslag.”
Een andere terugkerende tip is dat je mobieltje, laptop en de auto van de zaak moet houden. „Het zijn secundaire arbeidsvoorwaarden die gelden zolang je in dienst bent. Een chef zegt soms dat je de spullen in moet leveren, maar dat moet je niet doen”, zegt Wakim van Allied Advocaten. „Je gedrag bevestigt dan dat je het eens bent met je ontslag”, vult Hoogland aan. „Bovendien staan er vaak privĂ©-gegevens op je laptop en je mobiel – die moet je er wel af kunnen halen. Als de werkgever echt aandringt, begrijpt de rechter het trouwens best dat je de spullen toch inlevert.”
Vlaming vindt dat je de spullen juist wel moet inleveren zodra de werkgever daar om vraagt. Je wilt tenslotte niet worden beschuldigd van diefstal. „Maar je moet wel schriftelijk protesteren en vragen welke maatregelen de werkgever neemt om je functioneren te garanderen.”
„Ontslag is ingrijpend. Je zekerheid valt weg en dat hakt erin”, besluit Hoogland. Ook Vlaming maakt die kanttekening: „Ik sprak onlangs een werknemer die tien jaar heeft gevochten. Hij had elke snipper bewaard en een dik dossier opgebouwd. Uiteindelijk trok hij aan het langste eind. Hij won. Maar ten koste van z’n privĂ©leven. Zoiets maak je met euro’s niet meer goed. Als je wilt winnen moet je gemeen zijn, maar niet iedereen kan dat. Het sloopt je, zorgt voor psychische problemen en kost je je gezondheid.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.