*

 

Gespannen verjaardag van de grote opstand

Leonoor Kuijk − 10/03/09, 00:00

Tibet herdenkt vandaag de vijftigste verjaardag van een grote opstand tegen het Chinese gezag. Peking heeft de beveiliging aangescherpt uit angst voor herhaling.

  •  (Trouw)
    (Trouw)
  • Een verwoeste tempel in Deqin, in Tibetaans gebied in Sichuan.  (FOTO JÿRGEN CARIS, TROUW)
    Een verwoeste tempel in Deqin, in Tibetaans gebied in Sichuan. (FOTO JÿRGEN CARIS, TROUW)

Mensenrechtenorganisaties rapporteren dat de politiebewaking in Tibet is toegenomen en dat er een gespannen sfeer hangt. De verjaardag van de grote opstand tegen de Chinese bezetting van 1959 mag ditmaal niet, zoals vorig jaar, tot protesten leiden. De tientallen vreedzame demonstraties die Tibetanen vorig jaar maart hielden, werden – net als in 1959 – hardhandig neergeslagen. In 1959 vielen er tienduizenden doden. Vorig jaar waren dat er volgens China negen, volgens gevluchte Tibetanen meer dan honderd.

Het was slechte reclame voor China. Het probleem van de onderdrukking van de Tibetanen werd, nota bene kort voor de Olympische Spelen, opeens weer het probleem van de hele wereld.

Ondanks de huidige verscherpte veiligheidsmaatregelen, wist vorige week een Tibetaanse monnik in de zuidwestelijke Chinese provincie Sichuan de aandacht te trekken doordat op hem werd geschoten nadat hij zichzelf in brand had gestoken. Hij wilde zo protesteren tegen het verbod op een religieus festival. Of de man het heeft overleefd, is onbekend. Op 19 februari opende de politie het vuur op demonstranten in Nagchu, in Centraal Tibet. In Lithang, in Tibetaans gebied in China, werd er eerder die maand ook al op demonstranten geschoten.

Al die informatie komt via mensenrechtenorganisaties die zich op Tibet richten. Die zijn doorgaans betrouwbaar gebleken. Maar het blijft ingewikkeld dat informatie uit Tibet nauwelijks valt te controleren. Buitenlanders mogen Tibet niet in en de toegang tot de omliggende Tibetaanse gebieden is aan banden gelegd. Chinese journalisten en wetenschappers worden streng gevolgd. Zelfs reisorganisaties zeggen dat het regelen van toeristenvisa voor het gebied moeilijker is, hoewel Peking ontkent veranderingen te hebben doorgevoerd.

Na de mislukte opstand van 10 maart 1959 sloeg de geestelijk leider van de Tibetanen, de dalai lama, op de vlucht naar India. Vijftig jaar later lijkt het er niet op dat hij ooit kan terugkeren naar Tibet.

Vanaf 1950, nadat Tibet militair gezien was overwonnen, begon China zich langzaamaan te mengen in de Tibetaanse manier van leven. Mensen die zich politiek manifesteerden, riskeerden lange gevangenisstraffen zonder duidelijk proces. Tijdens de culturele revolutie (1966 tot 1976) werden in Tibetaans gebied, net als in de rest van China, vele religieuze gebouwen verwoest. Maar waar die gebouwen in de rest van China langzamerhand weer worden opgebouwd, blijft het Tibetaanse boeddhisme onder streng staatstoezicht en hebben alleen ’officiële’ kloosters een kans. Monniken moeten een contract ondertekenen dat ze afstand nemen van de dalai lama.

Het is moeilijk na te gaan hoe Tibet zich ontwikkeld zou hebben als China het met rust had gelaten. Niemand beweert dat het Tibet van voor 1950 een toonbeeld was van vrijheid en democratie, zoals China benadrukt. Maar datzelfde kan gezegd worden van het China van voor 1950, en van veel andere landen in de Aziatische regio. Daar zitten ook landen bij die zich nadien tot een betrouwbare rechtsstaat hebben ontwikkeld, zoals Zuid-Korea. Feit is dat China nog steeds een éénpartijstaat is. Terwijl de dalai lama in India van zijn gemeenschap van zo’n 80.000 gevluchte Tibetanen in ieder geval een nette democratie heeft gemaakt.

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />