Een kwestie van fatsoen
Bij Unilever ontwikkelde Antony Burgmans een keurmerk voor duurzame visserij. Hij vindt het vanzelfsprekend dat bedrijven hun verantwoordelijkheid nemen.
Antony Burgmans, voormalig bestuursvoorzitter van Unilever, nam binnen zijn concern het initiatief voor de oprichting van het Marine Stewardship Council (MSC), een keurmerk voor verantwoorde vis. In zijn mooie kantoor, tegenover de Haagse Hofvijver, staat een glazen plaquette op de schouw. ’Founder of the MSC’ is erop gedrukt. Ook toen hij vijf jaar geleden een eredoctoraat ontving, werd melding gemaakt van zijn initiatieven op milieugebied. Toch verbaast het hem steeds weer dat hij het etiket duurzaam krijgt opgeplakt. „Ik heb het gevoel dat mijn inzet bij Unilever vooral gold op zakelijk gebied. Goed bestuur, er voor zorgen dat de boel niet omvalt.”
Burgmans vindt duurzaam ondernemen eigenlijk vanzelfsprekend. „Het is een kwestie van fatsoen om rekening te houden met maatschappelijke zaken. Unilever heeft daar altijd oog voor gehad.” Eind 19de eeuw stichtte zeepfabrikant William Lever Port Sunlight bij Liverpool – een grote fabriek en een dorp met goede huizen en voorzieningen voor de arbeiders. „Bedrijven die continu overhoop liggen met hun omgeving zijn niet succesvol,” zegt de oud-topman, die op zijn 25ste bij Unilever begon als marketingassistent.
Onlangs adviseerde Burgmans als voorzitter van de commissie Verantwoord Ondernemen dat elke onderneming een beleid moet hebben voor maatschappelijk verantwoord ondernemen. En als er meer dan vijftig werknemers zijn, dan behoren ze elk jaar te rapporteren over de vorderingen. Burgmans: „Een onderneming moet zo nu en dan in beeld brengen wat haar imprint is op maatschappij en milieu.” De zeep- en voedingsfabrikant doet dat vooral op het gebied van water, landbouw en visserij. Zo liep Unilever volgens Burgmans voorop met het terugdringen van fosfaten in wasmiddelen. Ook duurzame landbouw is een thema, daar haalt de international twee derde van zijn grondstoffen.
De reden om te werken aan een duurzamer visserij, was volgens de oud-bestuursvoorzitter ’de dramatische teruggang van de voorraden vis’. „Er werd al jaren een vruchteloze discussie gevoerd. Volgens vissers was er niets aan hand. Ook biologen overdreven, zij zeiden dat bijna alle vis op was. En dan had je de overheid die de kool en de geit wilde sparen.”
„Toen het Wereld Natuurfonds (WNF) naar ons toe kwam om samen iets op te zetten, vroeg mijn groep, de Europese divisie van Iglo: ’Moeten wij dat nou doen?’ Ik vond van wel. Niet dat ik me schuldig voelde over de overbevissing, we waren nog niet verantwoordelijk voor 1 procent van de totale visvangst. Maar dat ontslaat je nog niet van de plicht om iets te doen.”
Er werd een onafhankelijke certificeerder in het leven geroepen om gedragscodes en criteria voor duurzame visvangst en beheer van visserijgronden te formuleren. „Het kostte wel wat volharding om een goed bestuur te vinden, maar na een jaar of vijf hadden we het behoorlijk op poten,” vertelt Burgmans. „Medewerkers meldden dat ze het fijn vonden dat we zo’n keurmerk hadden, ze waren trots op hun bedrijf. Overheid en visserij waren heel negatief: waar bemoeiden we ons mee?”
Natuurbescherming is geen sport van grote stappen snel thuis, beseft Burgmans. „Je kunt niet verlangen dat iedereen de liefde voor de natuur deelt, maar verschillende motieven kunnen wel leiden naar eenzelfde doel. Bedrijven zien op den duur in dat de maatschappij slecht beheer niet op prijs stelt. Bovendien kunnen ze voor duurzame vis een hogere prijs vragen. Na tien, twintig jaar zie je dat Albert Heijn, Tesco en Walmart duurzame vis gaan verkopen. Dan gaat het werken.”
Een half jaar geleden was Antony Burgmans bij de visafslag van Scheveningen op een bijeenkomst van MSC Nederland. Veel vissers waren nog steeds boos, maar nu om een andere reden. „Ze wilden allemaal meedoen en klaagden dat ze twee jaar moesten wachten op het logo”, lacht Burgmans. „Misschien gaat het hen niet in eerste instantie om het milieu, maar om het feit dat een kwaliteitsmerk een toegevoegde waarde geeft. Het enige dat de visserijsector voorheen deed, was hun waar verramsjen voor de laagste prijs. Alsof het om aardappelen ging! In wezen hebben ze wild in handen. Wat is er mooier dan zo’n natuurproduct?”
Burgmans is voorzitter van de raad van toezicht van het WNF, hij vertoeft graag in de natuur. Maar ook zijn persoonlijke omgang met het milieu is zakelijk. „Je huis goed isoleren is heel verstandig. En van een vleesarm dieet is allang bekend dat het gezonder is.” Als Burgmans vis consumeert, let hij meestal wel op. „Maar ik garandeer niet dat het honderd procent verantwoord is, in dat opzicht ben ik geen monnik.”
De bestuurder roemt de afspraken die KLM met het WNF heeft gemaakt over de reductie van zijn CO2 uitstoot. „Dat vind ik een stuk efficiĆ«nter dan dat ik in mijn eentje ga zitten fabrieken hoe ik klimaatneutraal kan vliegen.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.