*

 

De feiten hebben het laatste woord

Hans Klis − 30/08/10, 00:00

Het klimaatpanel van de VN ligt al enige tijd onder vuur. Wetenschapper Robbert Dijkgraaf was één van de mensen die de werkwijze van het IPCC tegen het licht hielden.

  • Robbert Dijkgraaf: "Alleen door samenwerking van wetenschap en politiek kunnen we het klimaatvraagstuk oplossen." (MAARTJE GEELS)

Natuurkundige Robbert Dijkgraaf presenteert vandaag het internationale onderzoek naar de werkwijze van klimaatorganisatie IPCC, het Intergovernmental Panel on Climate Change. Het IPCC-rapport over de opwarming van de aarde en de gevolgen daarvan ligt sinds 2009 hevig onder vuur. Er staan fouten in en sommige resultaten zijn aangedikt. Vandaar dat is gevraagd om een onderzoek naar de werkwijze van het IPCC. VN-secretaris-generaal Ban Ki Moon neemt de analyse vanmiddag in New York in ontvangst.

Als co-voorzitter van de InterAcademy Council (IAC), een overkoepelende organisatie van internationale Academies van wetenschappen, werd Dijkgraaf in maart gevraagd de werkwijze van het klimaatpanel van de VN tegen het licht te houden. Hij stelde een commissie in.

Wat onderzocht die commissie precies?

„Het IAC is gevraagd te kijken naar de processen en procedures van het IPCC. Dat klinkt als een saai onderwerp. Maar het is fundamenteel en cruciaal voor het klimaatonderzoek. Wetenschap bestaat niet alleen uit origineel denkwerk. De manier waarop wij alle informatie verwerken, bepaalt voor een groot deel de kwaliteit van de uitkomsten. Wordt alle informatie goed verwerkt? Krijgt informatie de juiste waarde? Als er één ding belangrijk is in wetenschappelijk onderzoek is dat de kwaliteit continu wordt bewaakt en verbeterd. Het was niet de opdracht van het IAC om het wetenschappelijke werk dat de basis vormde voor het meest recente klimaatrapport te evalueren.”

Juist om de kwaliteit kreeg het IPCC de laatste jaren veel kritiek. Er waren schandalen over onjuiste data. Het Planbureau voor de Leefomgeving sprak van overdrijvingen in het rapport.

„De fouten die in het IPCC-rapport zijn gevonden hebben veel discussie teweeggebracht. Zowel de VN als het IPCC hebben om deze evaluatie gevraagd. De wetenschap is verplicht om de hoogst mogelijke kwaliteit te garanderen. Het belang dat mensen hebben bij klimaatwetenschap is de afgelopen jaren enorm toegenomen. Het raakt iedereen: hoe we met elkaar, de planeet en met ongelijkheid omgaan. Er staat veel spanning op.”

Het IPCC-klimaatrapport concludeert dat het opwarmen van de aarde een feit is en acht de kans dat de mens hieraan schuldig is op 90 procent. Maar niet iedereen accepteert dat als feit. Moeten sceptici een grotere rol krijgen in het debat, zoals ook oud-IPCC-voorzitter Bert Metz bepleit?

„Wetenschap is een vorm van georganiseerde scepsis. Het gaat om de feiten, niet om de vooringenomenheid of de reputatie van een wetenschapper. Zo werkt de wetenschap. Die opereert niet door consensus. Wat we zien rondom de klimaatwetenschap is dat er diversiteit is in opvattingen, die trouwens niet allemaal hetzelfde gewicht hebben in het wetenschappelijke debat.

„Eén van de vragen die het IAC is gesteld, is wat het IPCC kan doen om beter om te gaan met die diversiteit van wetenschappelijke meningen. Maar als je zegt ’er moet ruimte zijn binnen de wetenschap voor debat’, dan heb je de wetenschap niet begrepen, want de wetenschap is één groot continu debat. Daarom is het zo belangrijk dat juist de wetenschap de dialoog aangaat met het grote publiek.”

Waarom liggen de conclusies van het IPCC zo onder vuur, volgens u?

„Wetenschappelijke problemen komen in alle soorten en maten voor en ik denk dat iedereen het erover eens is dat het klimaatprobleem één van de ingewikkeldste problemen is die de wereld nu bezighoudt. Het is ook lastig uit te leggen.

„Een hele koude winter geeft bij het publiek een effect van: ’zie je wel!’ En dan wordt er telkens aan klimaatwetenschappers gevraagd ’bevestig dit’ of ’ontkracht dit model’. Dan moeten ze op hun lip bijten en zeggen dat fluctuaties er altijd zullen zijn.

„Mijn zoontje van 10 keek een keer naar zo’n discussie en zei: ’Maar papa, het klimaat is toch het gemiddelde van het weer over dertig jaar?’ Het verschil tussen klimaat en weer was hem net op school uitgelegd. Als je de waarheid in de boodschap helder wilt krijgen, moeten ook onzekerheden worden meegenomen en dat is lastig.

„Veel mensen zitten niet te wachten op een boodschap met onzekerheden. Maar het publiek zal er aan moeten wennen. Dat is ook een belangrijk gegeven voor de politiek, omdat politici vaak hopen dat de wetenschap de zaak kan beslissen.”

Het IPCC heeft veel kritiek gehad vanwege het gebruik van zogenoemde grijze literatuur. Informatie die niet afkomstig was uit wetenschappelijke publicaties, maar bijvoorbeeld uit een een afstudeerscriptie of van het Wereld Natuurfonds. Dat is niet wetenschappelijk verantwoord.

„Onderzoeksdata zijn heel ongelijk over de wereld verspreid. In grote gebieden van de wereld ontbreekt wetenschappelijke infrastructuur. In één van mijn favoriete grafieken zijn de landen van de wereld afgebeeld naar de omvang van hun wetenschappelijke publicaties. Daarin verdwijnen hele landen en continenten. Afrika hangt als een dun sliertje onder een opgeblazen Europa.

„Omdat wetenschappelijke artikelen soms ontbreken, is op die grijze literatuur teruggevallen. Die komt in alle soorten en maten, van rapporten van de Wereldbank tot inderdaad folders van lokale organisaties. Op een of andere manier moeten die witte vlekken in de kaart ingevuld worden. Als we serieus willen zijn om wereldwijde problemen aan te pakken, moet er ook een wereldwijde capaciteit zijn om die problemen in kaart te brengen. Elk land heeft eigenlijk één puzzelstukje van het geheel in handen.

„In het IPCC moeten de verschillende puzzelstukjes bij elkaar komen. Onze onderzoeksgegevens komen nu voornamelijk uit het Noordelijk halfrond, maar broeikasgassen gaan gewoon de evenaar over. Die hele worsteling met het ontbreken van data geeft spanning. De beste manier om dat op te lossen is ervoor te zorgen dat er genoeg wetenschappelijk onderzoek wordt gedaan in die gebieden door westerse landen. Of nog liever: door overheden van ontwikkelingslanden te stimuleren hun eigen wetenschappelijke infrastructuur op te zetten.”

Weg met die grijze literatuur dus?

„Onder meer over deze vraag gaat het IAC-onderzoek een aantal concrete dingen zeggen, maar daar kan ik na vanmiddag pas concreet op ingaan.”

Vorig jaar mislukte de klimaatconferentie in Kopenhagen en begin augustus werd president Obama’s langverwachte klimaatwet voorlopig geblokkeerd. Zo halen we het niet om wereldwijd onder de twee graden temperatuurstijging te blijven. Staat politieke onwil de verdere bestrijding van het klimaatprobleem in de weg?

„Ik denk dat er duidelijk hobbels zijn waar ook de internationale politiek zich overheen moet zetten. Anders komen we er niet uit. De politiek heeft zijn eigen logica die klimaatonderzoekers ook moeten leren begrijpen. Maar uiteindelijk zal ook de politiek op een of andere manier rekenschap moeten geven van de ontwikkelingen op onze planeet. Daarin geldt hetzelfde als in wetenschappelijk onderzoek: het zijn de feiten die het laatste woord hebben.”

Critici vinden dat het IPCC veel te afhankelijk is van de politiek. Wat vindt u?

„Het IPCC probeert juist een brug tussen wetenschap en politiek te slaan. Een goed voorbeeld was het gat in de ozonlaag. In de jaren zeventig begon men zich zorgen te maken dat dat hele dunne laagje ozon misschien wel erg belangrijk was. De verdragen voor het terugdringen van drijfgassen, die de ozonlaag aantasten, zijn een schoolvoorbeeld van hoe de wetenschap de internationale gemeenschap kan adviseren.

„Beleid op mondiaal niveau is gecompliceerder dan op nationaal niveau. Als je op een gegeven moment de stap wilt nemen naar beleid, moet je rekening houden met de enorme verschillen die er in de wereld zijn. Die moet je op één of andere manier overbruggen.

„Het IAC houdt zich hiermee bezig. Internationale samenwerking van wetenschap en politiek is de enige manier waarop we tot een oplossing kunnen komen voor het klimaatvraagstuk: we zitten allemaal in hetzelfde schuitje.

De hele wereld kijkt vanmiddag naar het IAC. Dat zal wel de nodige druk opgeleverd hebben de afgelopen maanden.

„Ja, er was zeker druk. Maar het is dezelfde druk die je ook als onderzoeker voelt: je moet heel erg zorgvuldig zijn. De details doen er toe en daarom is het zo goed dat we een beroep konden doen op internationale experts, met een enorme know-how. De aandacht voor details schept een heleboel verwachtingen, maar maakt dit werk ook enorm aantrekkelijk.”

mailIcon print |