Ter afsluiting van De Heimweekeuken vandaag eindelijk mijn eigen ultieme heimweerecept. Het was nog lastig kiezen, want heeft een eetschrijver niet uitsluitend culinair getinte herinneringen?
Eindelijk zomer! We hebben voor twee weken een vakantiehuis gehuurd op een heuvel vlakbij Florence, maar daar moeten we nog wel naartoe. Nu wil het geval dat ik niet zo’n reislustig type ben. Ik mag weliswaar graag en vaak elders verblijven, maar de onvermijdelijke reis duurt me al snel te lang.
Autoreizen zijn het ergste; al bij de grens heb ik het meestal wel weer gezien. Maar goed, Italië wacht, dus doorbijten. De bedoeling is om pal over de grens in Italië te overnachten en we verkneukelen ons al over de eerste maaltijd aldaar. Maar tussen droom en daad staan files in de weg, en praktische bezwaren. De Brennerpas blijkt een onneembare horde. Moe draaien we de snelweg af om direct te belanden bij een archetypisch Oostenrijks hotelletje vol houten veranda’s, geraniums en dikke donzen dekbedden. Alleen eten, daar doen ze liever niet aan, zeker niet om 9 uur ’s avonds. Slechts na enige moeite valt er toch nog iets te bestellen, wat vervolgens een taaie winterse stoofpot blijkt.
De volgende ochtend schijnt de zon, is de file opgelost en tuffen we fluitend verder richting Italië. Na Turijn staat er een bord naar Portofino. Nog nooit geweest, maar de naam klinkt magisch. Zullen we daar gaan lunchen? Dat blijkt een gouden greep. Het terras aan de haven, de kleurige huizen langs de kade, het balt zich allemaal samen in de allereerste spaghetti vongole van mijn leven. Tevens de allerallerlekkerste die ik tot op heden heb gegeten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.