„Waarom zijn er eigenlijk zo veel Fablabs in Nederland?”, vraagt Neil Gershenfeld, hoogleraar computertechnologie aan de MIT in Boston en bedenker van de eerste Fablab. Niemand die het antwoord weet. „Het is gemakkelijk subsidie te krijgen”, zegt iemand. „Alle steden willen hier centra van innovatie zijn”, denkt een ander. Opmerkelijk blijft het, dat er in Nederland maar liefst zes ’fabrication laboratories’ zijn, tegen twee in Duitsland en nul in Frankrijk.
Tijdens de Fablab-conferentie, die gisteren in Amsterdam startte maar deze week door heel Nederland plaatsvindt, komen ’fabbers’ uit de hele wereld bij elkaar om kennis uit te wisselen.
„De digitale revolutie is geslaagd”, zegt Gershenfeld. „We hebben gewonnen. Maar het gaat nu om het omzetten van digitale concepten naar concrete producten.” En daar heb je machines voor nodig, machines waar je vieze handen van krijgt.
Gershenfeld stond een paar jaar geleden in Boston aan de wieg van de eerste Fablab. Intussen zijn er tientallen, over de hele wereld. De opzet en inhoud verschilt wat; alle zijn laagdrempelig. Overal staan werktuigen als een draaibank, een lasersnijder, een computergestuurde frees, een 3D-printer. Zet studenten, ontwerpers, kunstenaars en techneuten bij elkaar in zo’n werkplaats, en er komen geweldige dingen uit. Een mal waarin een chocoladeletter pi wordt gemaakt. Een broche in de vorm van een kauwgumpje. Een lampje dat aan springt als je het omdraait.
In Utrecht kun je op dinsdag- en donderdagmiddag binnenlopen en gratis of tegen lage kosten gebruik maken van alle apparatuur. En van mensen die er rondlopen, en je helpen bij het bedienen ervan. Het helpt natuurlijk om enigszins onderlegd te zijn in het bedienen van, bijvoorbeeld, een computergestuurde frees, maar ook zonder die kennis kom je een eind. „Natuurlijk gaan er dingen mis, en gaan machines stuk”, zegt labmanager van Fablab Utrecht Siert Wijnia. „Voortdurend. Dat is juist heel leuk. We maken ze samen weer, en leren van elke fout.”
De machines in de Fablabs zijn niet nieuw, die zijn gewoon te koop. Maar ze zijn normaal gesproken niet te betalen voor individuen, startende ondernemers. Voor 20.000 euro aan apparatuur kom je een heel eind.
De conferentie trekt vooral mensen uit de Fablab community, wereldwijd. Voor workshops, kennisdelen, voor het bespreken van juridische of technische onderwerpen, nodig om zelf een lab te beginnen. Maar ook ’gewoon’ publiek is welkom. Op donderdag vindt in de Koninklijke Akademie van Wetenschappen (KNAW) in Amsterdam een forum plaats voor iedereen.
Informatie op: www.fablab.nl
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.