Toen een Britse politieagent een paar jaar geleden zijn hond uitliet op het strand van het Engelse gehucht Happisburgh (spreek uit: ’Heizbru’), stuitte hij op een prehistorische vuistbijl. Archeologen sloegen ter plekke direct aan het graven. Vandaag onthullen ze in het vakblad Nature wat ze er aantroffen: de oudste bewijzen van Noord-Europese, menselijke bewoning die ooit gevonden zijn, zo’n 800.000 tot een miljoen jaar oud.
Het materiaal zelf is niet eens zo bijzonder. Het gaat om zeventig vuurstenen gebruiksvoorwerpen, voornamelijk vuistbijlen. Die werden waarschijnlijk gebruikt voor het slachten van dieren of het hakken van hout. De afgeplatte stenen met ronde onderkant en vlijmscherpe zijranden waren vroeger zo gewoon dat ze gelden als ’de zakmessen van de prehistorie’.
Wel spectaculair is de ouderdom van de voorwerpen. Tot voor kort gingen deskundigen ervan uit dat de eerste mensachtigen pas 500.000 jaar geleden het relatief koude Noord-Europa waren binnengetrokken. Vóór die tijd zouden ze zich alleen ten zuiden van de Alpen en de Pyreneeën hebben opgehouden.
Maar vijf jaar geleden vonden archeologen langs de Britse kust al overblijfselen van bewoning van 700.000 jaar oud, en nu schuiven ze de tijdslijn zelfs terug naar 800.000 tot een miljoen jaar geleden.
„Kennelijk konden mensen het koude klimaat eerder aan dan we dachten”, reageert Wil Roebroeks, hoogleraar archeologie en menselijke oorsprong aan de Leidse universiteit. „Ze zaten hier destijds in een moeilijke omgeving: een voedselarm naaldbos met weinig grote zoogdieren. Zoiets als het zuiden van Scandinavië nu. Ze moeten een verrassend goede kennis van planten en diergedrag hebben gehad, bijvoorbeeld voor het zetten van vallen.”
De datering verliep via kleideeltjes in de oude rivierbedding waarop het vuurstenen gereedschap is aangetroffen. Bij het bezinken richten kleideeltjes zich naar het magnetisch veld van de aarde, net als een kompas. Anno 2010 wijst een kompas naar het noorden, maar 800.000 tot een miljoen jaar geleden was het magnetisch veld van de aarde precies omgedraaid. Zo verraadt de ligging van de klei de ouderdom van de aardlaag.
Menselijke botten zijn nog niet gevonden. De ware aard van de Noordelijke pionier blijft daardoor voorlopig een raadsel, al kan het geen homo sapiens zijn geweest: die ontstond pas 200.000 jaar geleden. Waarschijnlijk was het een homo erectus, aldus Roebroeks.
Volgens de hoogleraar gaat het om de oudste Britten, maar tegelijk ook om de oudste Nederlanders. „Destijds bestond het Kanaal nog niet; je kon zo overlopen van Amsterdam naar Happisburgh. In het hele gebied zaten waarschijnlijk dezelfde mensen. Bij ons vind je daar niets meer van terug; er is klei overheen gespoeld. In Engeland komen de resten vanzelf boven, doordat de kustlijn geleidelijk afbrokkelt.”
De vuurstenen voorwerpen zijn vermoedelijk achtergelaten langs de oever van een rivier. Door een overstroming kwamen ze op de bodem terecht. „Ze liggen daardoor niet meer in de omgeving waarin ze werden gebruikt”, zegt Roebroeks, die zelf iets ten zuiden van de Britten aan het graven is. „We zijn nu net op oorspronkelijke kampementjes gestuit. Hopelijk leren die ons meer over het gedrag van de vroege mens.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.