Investeren in duurzame energie loont. Het onderzoeksbureau SEO Economisch Onderzoek onderzocht wat het kost, maar ook wat het opbrengt als Nederland in 2050 tachtig procent minder CO2-uitstoot heeft ten opzichte van 1990.
„Daarbij gaat het ook om zaken als een schonere lucht, want ook dat is een vorm van toegenomen welvaart”, zegt onderzoeker Carl Koopmans. Voor deze zogenaamde maatschappelijke kosten- en batenanalyse gebruikte SEO, gelieerd aan de Universiteit van Amsterdam, gegevens van allerlei onderzoeksinstituten.
De onderzoekers kregen van opdrachtgever Regieorgaan Energietransitie de taak om twee scenario’s uit te werken. Bij het eerste blijven fossiele brandstoffen de belangrijkste energiebron. De uitstoot wordt dan verminderd door investeringen in de ondergrondse CO2-opslag en een groter aandeel van kernenergie in de ’energiemix’ (zie grafieken). Bij het tweede scenario zet de overheid de komende decennia vooral fors in op ’hernieuwbare energiebronnen’, als wind- en zonne-energie en biomassa om broeikasgassen uit de lucht te krijgen. Koopmans: „Heel opvallend aan de uitkomsten vinden wij dat in beide scenario’s de baten opvallend hoger uitpakken dan de kosten. Je kunt dus concluderen dat het terugdringen van broeikasgassen economisch loont.”
Theo Walthie van het Regieorgaan, een onafhankelijke denktank die in het leven is geroepen door de ministers van economische zaken en milieu, heeft een iets andere interpretatie: „Wat dit onderzoek in onze ogen bewijst, is dat het reduceren van CO2-uitstoot via alternatieve energie niet duurder is, zoals wel vaak wordt beweerd. In dat geval vinden wij dat je voor het scenario van de alternatieve energie moet kiezen, alleen al omdat fossiele brandstoffen als olie en kolen een keer opraken.”
Toch zullen we wel eerst door een zure appel heen moeten: om de broeikassen terug te dringen zijn de komende jaren investeringen nodig. Alweer geldt dat zowel voor het fossiele scenario als voor de alternatieve variant. Onderzoeker Koopmans: „Schone energie is nu nog onrendabel. Maar de voorspelling is dat duurzame techniek goedkoper wordt en wel geld gaat opleveren. Om die ontwikkeling in gang te zetten zal de overheid burgers en bedrijven met subsidies en regelgeving moeten stimuleren om over te gaan tot het verminderen van hun uitstoot.”
Koopmans schat dat zo rond 2020, 2030 duurzame energie gaat lonen. Windmolens zijn nu wat dat betreft het verst. De kosten-batenanalyse is afgezet tegen de huidige energiehuishouding, die over veertig jaar ongunstig blijkt voor de welvaart.
Het voordeligst is het als meer landen in de wereld meedoen; zo kan bijvoorbeeld kennis worden gedeeld. Ook zullen sommige sectoren meer profiteren dan andere: delfstofwinning neemt af, maar bijvoorbeeld de kennisindustrie krijgt een impuls.
Koopmans wil geen voorkeur uitspreken voor een van de twee scenario’s, hij laat dat aan de politiek. „Wat ik wel opvallend vind, is dat zelfs als je niet gelooft in het broeikaseffect, ook dan het verminderen van uitstoot loont.”
„Wij scharen het beperken van klimaatverandering onder maatschappelijke opbrengst en drukken dat uit in euro’s. Als je dat bedrag buiten beschouwing laat, blijft er op andere fronten miljarden euro’s voordeel over die maken dat het terugdringen van CO2-uitstoot beter is voor de welvaart. Neem alleen al het energieverbruik dat afneemt door investeringen.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.