*

 

Twitter maakt een mens van de politicus

Romana Abels − 31/05/10, 00:00

Nederlandse politici gebruiken het sociale netwerk Twitter meer dan ooit als onderdeel van hun campagne. Ze kunnen zichzelf van hun menselijke kant laten zien. Sommige partijen gaan verder: ze zetten kandidaat-Kamerleden in om via Twitter lijsttrekkersdebatten van live commentaar te voorzien.

  • Femke Halsema is een fanatieke tweep. (ANP)
  • (Trouw)

Maxime Verhagen is de absolute kampioen onder de grote namen. De CDA-politicus heeft 7687 tweets op zijn naam staan. Tweets, dat zijn berichten die verzonden zijn via Twitter, hèt medium van de politiek in de Kamerverkiezingen van 2010. Politici gebruiken het om elkaar vliegen af te vangen, boodschappen te verspreiden en om te laten zien dat zij ook maar mensen zijn. Puntig, compact. Zoals Verhagen, begin deze week: ’Misschien is het handiger als de PvdA aangeeft wat ze nog wel gaan uitvoeren.’ Of vorige week: ’Kroes sluit premierschap niet uit, Rutte sluit premierschap niet uit. Wordt druk daar. De beer en de huid.’

Verhagen heeft de meeste tweets, maar Femke Halsema de meeste volgers. Followers, in Twitter-taal. Dat zijn mensen die een gratis abonnement hebben genomen op de berichten die Halsema stuurt. Verhagen heeft er 36.551, Halsema 54.260. Op hun mobiele telefoon zien die mensen alles wat Halsema twittert. Dat waren tot nog toe 3496 berichten. Halsema zelf noemt Twitter ’geweldig’. „Het kost amper tijd”, zegt de GroenLinks-lijsttrekker. „Het zijn maar 140 tekens. Het is voor mij een manier om in contact te blijven met de kiezer. Om ze voor te lichten over hoe het politieke bedrijf werkt. En het heeft grote voordelen. Via Twitter heb je niet die nare onderbuikgevoelens die er via internet wel zijn. Het is veel vriendelijker.”

Rens Vliegenthart, universitair docent politieke communicatie aan de Universiteit van Amsterdam, zit met zijn studenten met grote fascinatie te kijken naar Twitter. Het is zó nieuw, dat hij niet kan voorspellen wat de effecten zullen zijn. Maar vermoedens heeft hij wel. Dat getwitter van die politici heeft op de kiezers niet zo veel directe invloed. „50.000 volgers is natuurlijk niet zo heel veel. Maar onder die 50.000 mensen zijn veel journalisten en opiniemakers. En via hen heeft het wel effect. Journalisten kunnen het niet negeren. Het is zó groot, dat journalisten zowel naar Twitter moeten kijken als naar het debat waarover wordt getwitterd.”

Vliegenthart heeft al voorbeelden gezien van Twitter-werkelijkheden die helemaal anders zijn dan de debat-werkelijkheid. Hij neemt het RTL-debat van vorige week zondag als voorbeeld. Uit een publieksenquête achteraf werd Job Cohen tot tweede verkozen. Maar op Twitter werd gehakt gemaakt van Cohens optreden. „Je zag de werkelijkheid verschuiven. Nu vindt iedereen dat Cohen het slecht heeft gedaan.”

Het debat van afgelopen zondag werd ook geanalyseerd door Jonneke Stans en Reinout de Vries van het bureau Politiek Online. Politiek Online is een communicatieadviesbureau voor de overheid. Voor de verkiezingen ontwierp Politiek Online de website volgdeverkiezingen.nl, waar alle blogs, tweets en berichten van en rond politici worden verzameld. Zij constateerden dat er op het moment van het debat wereldwijd over geen enkel ander onderwerp zoveel werd getwitterd als over dat debat: 30.000 keer. Opvallend, vonden zij, was het fenomeen dat D66 tijdens het debat blijkbaar een team van kandidaat-Kamerleden paraat had, om tijdens het debat via Twitter de discussie aan te gaan. Iets dergelijks leek te gebeuren bij de VVD. Die twee partijen twitterden zondagavond samen 161 keer, in twee uur.

Ook lijsttrekkers van partijen die niet bij het debat waren uitgenodigd, mengden zich in de discussie. Met inhoudelijke kritiek en frivoliteiten. Alexander Pechtold en Femke Halsema hadden een mini-gesprekje over televisiesnacks. ’Popcorn op¿, twitterde Pechtold. Waarop Halsema antwoordde: ’Hé @APechtold, wil je chips?’ Rita Verdonk meldde dat de reclamebreak precies lang genoeg was om een was in de droger te doen, en even later dat zij voor zichzelf een Jügermeister had ingeschonken.

Ook later in de week, bij het lijsttrekkersdebat in Carré van woensdag, haalde op Twitter.com het debat in Nederland het tot een van de meest getwitterde onderwerpen. Politici van GroenLinks ergerden zich aan het grote aantal breekpunten dat werd geformuleerd. Tofik Dibi, nummer 2: ’Overigens: Klopt toch dat CDA/D66-kabinet onmogelijk is geworden wegens breekpunt op hypotheekrenteaftrek? Onverantwoord...’ Ook Arie Slob van de ChristenUnie reageerde op dat punt. ’Pechtold maakt van hervorming woningmarkt breekpunt. Slim of Amsterdam-scenario?’

Vliegenhart ziet een verschuiving in de loop van deze campagne. „Het wordt scherper. Dat maakt het interessanter om te volgen. Voor de lezer is het ofwel interessant als er conflict is, of als het persoonlijk is. Een sec programmapunt doet je niet zoveel. Maar nu zie je iedere zondag opnieuw, dat Ed Anker van de ChristenUnie naar de kerk is geweest. Of dat de tweeling van Halsema ondeugend is. Dat is een aanvulling die er niet eerder was.” Het persoonlijke aspect heeft grote effecten op het imago van politici. „Voor Halsema heeft Twitter de grote ommekeer betekend”, zegt Vliegenthart. „Zij had een wat bijterig imago. Op Twitter kan ze meer van haar persoonlijke kant laten zien. Daardoor wordt ze zachter.”

Niet alle politici gebruiken Twitter om zich van hun persoonlijke kant te laten zien. Job Cohen (57 tweets) laat voor zich twitteren door een medewerker, die het medium alleen gebruikt om optredens van Cohen aan te kondigen. VVD-lijsttrekker Mark Rutte heeft slechts één tweet op zijn naam staan: daarin verwijst hij lezers door naar de algemene VVD-Twitter. Het omgekeerde gebeurt ook: té persoonlijke ontboezemingen. Fleur Agema, nummer 2 op de PVV-lijst, schrijft ’Elke nacht een andere man in bed? Niet eens in m’n dromen. Ik slaap al drie jaar alleen. Elke nacht. Sinds 6 mei 2007 om precies te zijn.’ Het is één van Agema’s 23 tweets.

Of het een verstandige beslissing is van Agema om zo weinig tijd op Twitter door te brengen, of van Job Cohen om zijn Twitter aan een ander uit te besteden, valt nog te bezien. Volgens een Brits onderzoek is het vooral profijtelijk voor politici om veel te twitteren, het maakt niet eens zoveel uit wat ze melden. Dat bleek uit een onderzoek dat werd uitgevoerd op de Britse Sheffield Hallam University, een maand geleden.

Tot verbazing van de onderzoekers wordt de populariteit van een politicus op Twitter bepaald door de kwantiteit, niet door de kwaliteit van hun berichten. Ook krijgen diegenen die meer twitteren een groter aantal volgers, en daarmee meer aandacht.

Anderzijds: de populariteit van een politicus op een netwerk is van relatief belang. „Het grootste belang is dat journalisten er nieuws van maken”, relativeert Vliegenthart. Neem de ophef die op Twitter ontstond na het Carrédebat van woensdagavond. Daar zei Balkenende tegen de interviewster: ’U kijkt zo lief’. Puur seksisme, vond Margriet van der Linden, hoofdredacteur van Opzij. De discussie, vooral via Twitter, ging zo lang door dat zowel RTL als de NOS van het onderwerp een item maakten in hun bulletins.

Het Twitter-verschijnsel is wereldwijd nieuw. Barack Obama, de eerste politicus die gebruik maakte van het medium, gebruikte het vooral om steun te mobiliseren. Zo werd Twitter ook gebruikt tijdens gemeenteraadsverkiezingen, door lokale politici. „Nu is er gigantisch veel spin”, zegt Vliegenthart. „Traditioneel waren de spindoctors van partijen na een debat steevast bezig met het kneden van de opinie over het debat. Dat noemden we after-debate-spinning. Nu gebeurt dat op hetzelfde moment. Het is nog zichtbaar ook. Voor het publiek is het ook weer interessant om te kunnen volgen hoe dat gaat, het gesprek tussen politici en journalisten.”

Van de laatste groep, de journalisten, spant RTL’s Frits Wester de Twitter-kroon. Overmorgen zit hij een lijsttrekkersdebat via het medium voor. Wester heeft 45.495 followers.

mailIcon print |