*

 

’Leerling-kapster moet bovenal leren knippen’

Hanne Obbink − 16/06/10, 00:00

Bestuurders in het mbo krijgen het nu ook in de gaten: bij de grootscheepse vernieuwing die daar gaande is, de invoering van ’competentiegericht onderwijs’, is veel misgegaan. „Maar de geesten zijn nu rijp om opnieuw de balans te zoeken”, aldus voorzitter Jan van Zijl van de MBO-raad, „om vakkennis weer op te waarderen, om leerlingen weer houvast te geven.”

  • (Trouw)

Van Zijl zei dat gisteren aan het slot van een rondetafelgesprek tussen mbo-bestuurders, docenten en leden van de vereniging Beter Onderwijs Nederland (BON). Die vereniging trok de afgelopen jaren fel van leer tegen het competentieleren. Daarin ligt de nadruk te veel op algemene vaardigheden, vindt zij, en te weinig op vakmanschap.

„Iemand die leert voor kapster moet allereerst leren knippen”, zo verwoordde bestuurslid Presley Bergen de BON-kritiek gisteren. „Ze moet natuurlijk ook leren praten met klanten. Maar vakmanschap is de basis, dat gaat vóór het aanleren van bepaald gedrag.”

„Dat standpunt deel ik volledig”, reageerde bestuursvoorzitter Marc Veldhoven van ROC de Leijgraaf, een mbo-instelling met meerdere vestigingen in Noordoost-Brabant. En zo ging het vaker gisteren: bestuurders bleken het verrassend genoeg vaak eens te zijn met hun critici. De vernieuwing is ’te rigide’ ingevoerd, erkenden zij, vakkennis ’ondergewaardeerd’, er is te veel zelfstandigheid van de leerlingen gevraagd.

Wat er in elk geval anders moet, zijn de zogeheten kwalificatiedossiers; dat zijn documenten waarin per opleiding vastligt wat een mbo’er moet kennen en kunnen. „Voor mijn opleiding staat er dan bijvoorbeeld: heeft kennis van de chemie. Meer niet”, vertelde Eus ten Hove, docent aan een laboratoriumopleiding van ROC Midden-Nederland. „En dan volgen er vele pagina’s met algemene vaardigheden.”

De bestuurders legden de zwartepiet bij het bedrijfsleven. Want die kwalificatiedossiers zijn tot stand gekomen in nauwe samenspraak met vertegenwoordigers daarvan. „Het bedrijfsleven wilde destijds ook af van algemene vakken als Nederlands en wiskunde in het mbo”, stelde Veldhoven. „Het wilde alleen beroepsvakken.”

Het is niet eenvoudig om dat te veranderen. Veldhoven: „Dat is echt een knelpunt: het mbo heeft zelf te weinig invloed op de eisen in die dossiers. Wil je er iets in veranderen, dan moet je eindeloos langs vergadertafels met vertegenwoordigers van het bedrijfsleven.” Wat nu, wilden BON-leden ten slotte van de bestuurders weten. We zijn al hard aan het werk, luidde het antwoord. „Hoezeer ik me ook geërgerd heb aan de BON-kritiek”, had Veldhoven eerder al gezegd, „het is mede aan jullie te danken dat het besef nu doorgedrongen is dat het anders moet.”

mailIcon print |