*

 

Geef pedoseksuelen geen vrij spel

Hans Guyt, hoofd Programma’s bij Stichting Terre des Hommes Nederland − 02/07/10, 00:00

Jarenlang kon een Nederlandse directeur van een tehuis in Bangladesh vrijelijk zijn gang gaan en kinderen seksueel misbruiken. Hij is lang niet de enige.

  • (Trouw)

Kinderhulpprojecten zijn ideale mogelijkheden voor pedoseksuelen om willoze slachtoffers te maken. Dit soort zaken laat eens te meer de noodzaak zien van een degelijke screening van particuliere initiatieven.

Het is al langer bekend dat pedoseksuelen zichzelf toegang verschaffen tot kinderen door kinderhulpprojecten in ontwikkelingslanden op te starten. Op deze manier hebben ze vaak vrij spel, omdat ze buiten het gezichtsveld vallen van de georganiseerde hulp. Zo kon een 58-jarige oud-directeur van een kindertehuis, die onlangs door de Arnhemse rechtbank is veroordeeld tot een jaar cel voor seksueel misbruik van zeker negen Bengalese jongens, jarenlang ongestoord zijn gang gaan in het straatarme Bangladesh.

De rechter in deze zaak hoopte dat een celstraf de man ervan zal weerhouden opnieuw in de fout te gaan. De veroordeelde zou namelijk in de toekomst weer een tehuis willen oprichten. Kort voor zijn arrestatie was hij al bezig met het opzetten van een opvangtehuis voor straatkinderen in Nepal. In dat land werd in 2009 een andere Nederlandse eigenaar van een kindertehuis veroordeeld tot negen jaar cel voor seksueel misbruik van kinderen.

Het is goed dat deze zaken dankzij oplettende vrijwilligers aan het licht zijn gekomen, maar zij vormen slechts het topje van de ijsberg. Er is geen toezicht op particuliere hulpinitiatieven. Lokale overheden in ontwikkelingslanden schieten vaak tekort in het beschermen van kinderen, maar vooral ook in de opsporing en vervolging van pedoseksuelen. Bovendien wordt de blanke westerling vaak als weldoener gezien binnen de gemeenschap en wordt er niet getwijfeld aan zijn integriteit.

Geld speelt een allesbepalende rol. Als zedenzaken openbaar worden gemaakt, worden aanklagers of getuigen vaak omgekocht en daarmee de mond gesnoerd. Zover zou het niet moeten komen.

Nederlandse organisaties die particuliere hulpinitiatieven financieren moeten zelf het initiatief nemen en hun vrijwilligers screenen en hen bekend maken met beleid waarin de bescherming van kinderen voorop staat. Zo hanteren de meeste kinderhulporganisaties een zogenoemde child protection policy, niet in de laatste plaats omdat ze zelf door schade en schande wijzer zijn geworden. In deze benadering worden medewerkers bewust gemaakt van signalen die mogelijk duiden op seksueel misbruik van kinderen.

In het gehanteerde beleid is onder meer vastgelegd dat het werken met kinderen zoveel mogelijk zichtbaar moet zijn voor anderen. Daarnaast worden medewerkers gescreend op hun werkverleden en worden referenties nagetrokken.

In Cambodja is in april dit jaar een Nederlander aangehouden die wordt verdacht van seksueel misbruik van minderjarigen in een schooltje. Het project, dat in 2006 werd gestart door de Nederlander, wordt gesteund door Nederlandse donateurs.

Binnen dit soort initiatieven is helemaal geen sprake van controle of toezicht, behalve dan van de donateurs zelf. Zij zouden een kritische houding moeten aannemen ten aanzien van de hulp en zich goed moeten laten informeren over de werkwijze.

Bovendien moeten particulieren die een hulpproject starten kennis nemen van beleid om kinderen te beschermen. Hierin kunnen kinderhulporganisaties een rol spelen en hun kennis over bescherming van kinderen binnen projecten delen. Dat is in het belang van de kinderen, maar ook in het belang van de eigenaar van het project.

Zonder enige vorm van toezicht of controle door bijvoorbeeld collega’s of lokale medewerkers blijft het altijd onduidelijk wat er zich afspeelt achter de deuren van een kinderhulpproject.

mailIcon print |