Mogen we na de ramp in de Golf van Mexico nog tanken bij BP? Milieu-organisaties staan voorlopig nog niet op de barricade. Het ’groene’ imago heeft BP goed gedaan.
Duurzame olie bestaat niet. Maar als je de grondstof écht nodig hebt, tank dan bij BP. Dat is het advies van Greenopia, een Amerikaanse website die advies geeft over ’groene’ bedrijven.
Ieder jaar beoordeelt Greenopia welk oliebedrijf het meest duurzaam is. BP komt als beste uit de bus want, zo is te lezen op de website, het Britse oliebedrijf publiceert één van de beste duurzaamheidsverslagen. Het concern is er ook in geslaagd in 2001 zijn uitstoot van broeikasgassen met tien procent te verminderen ten opzichte van 1990. En het beloofde in 2005 om acht miljard dollar in de komende tien jaar te investeren in alternatieve energiebronnen, zoals biobrandstoffen, zonne- en windenergie. Shell staat in de ranglijst van Greenopia op nummer drie. Dit bedrijf is sinds kort afgestapt van zonne- en windenergie, maar investeert nog wel in biobrandstoffen.
Sinds de olieramp in de Golf van Mexico is het gedaan met het groene imago van BP. De Amerikaanse Sierra Club, een vrij radicale milieubeweging, geeft BP naar aanleiding van de olieramp een ’dishonorable mention’ (oneervolle vermelding) op zijn website. ’BP heeft door de ontploffing van het booreiland Deepwater Horizon al zijn krediet verspeeld op het gebied van duurzaamheid’, zo is te lezen op de website van de Sierra Club.
„Voor zover dat er was, kan BP zijn groene imago op zijn buik schrijven”, zegt ook Marcie Keevir, campagneleidster voor de Amerikaanse tak van Friends of the Earth (een zusterorganisatie van het Nederlandse Milieudefensie), vanuit San Francisco. „BP-voorlichters hebben consequent gelogen over de omvang van de ramp.
„In de eerste verklaring die het oliebedrijf uitgaf was er zogenaamd sprake van dat er geen olie zou lekken in zee. In de tweede verklaring sprak men al van 1000 vaten olie per dag en in de derde verklaring ging het ineens over 5000 vaten per dag. Allemaal niet waar. Bovendien heeft het oliebedrijf geen goede veiligheidsmaatregelen genomen om de ramp te voorkomen”, zegt Keevir.
Die maatregelen zijn volgens de campagneleidster nodig omdat boren op een diepte van 1,5 kilometer extra risico’s met zich meebrengt. Zo zijn duikers niet in staat om de bron te bereiken waardoor BP volledig afhankelijk is van robotten. „Bovendien hebben mensen van BP gewoon zitten slapen op het platform zelf, zoveel is inmiddels wel duidelijk”, zegt Keevir.
In woorden laten milieu-organisaties geen spaan heel van BP, maar opvallend genoeg ondernemen ze geen harde actie tegen het Britse oliebedrijf. Zelfs Greenpeace, dat in 1995 opriep tot een wereldwijde boycot van Shell vanwege het afzinken van het olieplatform Brent Spar (zie kader), spreekt zich in relatief zachte bewoordingen uit over de ramp.
„Tot dusver heeft BP er alles aan gedaan om het lek te dichten”, zegt een woordvoerder. „We zijn bovendien blij dat de Amerikaanse president Obama een tijdelijk verbod op olieboringen heeft afgekondigd in kwetsbare natuurgebieden voor de kust.” Een boycot overweegt de milieu-organisatie op dit moment niet. „We hebben wel een eigen onderzoeksteam gestuurd en we hebben onlangs een demonstratie gehouden voor het hoofdkantoor van BP in Groot-Brittannië.”
Volgens Keevir van Friends of the Earth is een boycot van BP niet erg effectief. „In de VS zijn maar weinig BP tankstations. De stations die er zijn, worden over het algemeen gerund door franchise ondernemers. Met een boycot zouden we het hoofdkantoor in Londen niet treffen. Bovendien kan het Amerikaanse autogebruikers weinig schelen waar hun benzine vandaan komt”, zegt Keevir.
De milieu-organisatie kiest bij deze ramp liever voor overleg en zet alles op een toezegging van de overheid om olieboringen voor de kust in de toekomst helemaal te verbieden. Keevir: „Gelukkig is de regering-Obama een stuk toegankelijker dan de regering-Buh waardoor we makkelijk kunnen overleggen.
„Maar verandering blijft moeilijk te bewerkstelligen. Amerikaanse oliebedrijven zijn sinds het presidentschap van Ronald Reagan (1981-1989) gewend aan soepele regelgeving omdat ze veel geld doneren aan bijvoorbeeld verkiezingscampagnes. Ze zijn verweven met de politiek en die banden zijn moeilijk los te snijden.”
De vraag blijft waarom milieu-organisaties niet meer van zich laten horen bij deze ramp. Ze lijken zo goed als onzichtbaar in de media. „Het groene imago heeft BP goed gedaan”, zegt hoogleraar milieubeleid Gert Spaargaren van de Wageningen Universiteit. „Als deze ramp was veroorzaakt door het Amerikaanse Exxon Mobil, een oliebedrijf dat bekend staat als ’vuil’, denk ik dat er veel meer verzet was geweest.”
Milieu-organisaties kunnen momenteel gewoonweg weinig doen”, vult collega Chris van Koppen aan. Van Koppen schreef mee aan een onlangs gepubliceerd boek over natuurorganisaties in de VS en Europa. „Er is geen actieperspectief”, zegt hij.
„Dat was er bij de Brent Spar wel. Er was een keuze tussen het afzinken en het op land ontmantelen van het boorplatform. Greenpeace koos voor dat laatste. Er klinkt wel kritiek vanuit milieu-organisaties op de ramp in de Golf van Mexico, maar een boycot is niet erg effectief. Welk doel dien je met een boycot?”
Er is nog een reden waarom Amerikaanse milieuorganisaties zich op de achtergrond houden bij deze ramp. „In de VS zijn veel gematigde natuurorganisaties die een brede achterban vertegenwoordigen. Zij zijn afhankelijk van het lidmaatschap van de leden én van subsidies van bedrijven. Dit soort milieuorganisaties is over het algemeen bang om politiek stelling te nemen omdat dat wel eens invloed zou kunnen hebben op hun financiële positie.
„Bovendien beschermen deze organisaties vaak een eigen natuurgebied. Tot nu toe worden enkel recreatieve stranden getroffen. Dat zijn meestal niet de gebieden die beschermd worden door deze organisaties. Er zijn wel wat radicalere natuurorganisaties in de VS, maar die beschikken over weinig financiële middelen waardoor harde actie vaak uitblijft.”
Van Koppen verwacht wel dat de natuurramp nog een nasleep krijgt. „BP kan enorme schadeclaims tegemoetzien van milieuorganisaties. Het is inmiddels duidelijk dat de veiligheid ontoereikend was op het moment van de ontploffing. Je kunt je afvragen wat dit voor gevolgen heeft. Milieuorganisaties zullen ongetwijfeld eisen dat bij nieuwe boringen op deze diepte betere veiligheidsregels worden ingesteld.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.