*

 

Balkenende: 'Ik voel het als een opdracht'

Cees van der Laan en Teun Lagas − 02/06/10, 00:00

Tot 9 juni hebben ze de tijd om hun partijen aan te prijzen. Oude rotten strijden naast nieuwelingen om de gunst van de kiezer. Trouw interviewde Jan Peter Balkenende (CDA).

  • CDA-leider Jan Peter Balkenende: 'Wat mij opvalt, is dat we het steeds hebben over gevallen kabinetten, maar ik spreek zelf liever van acht jaar kabinetsbeleid.' (ANP)

Nee, Jan Peter Balkenende straalt bepaald niet uit dat hij misschien wel de laatste dagen van zijn premierschap hier doorbrengt in dit Torentje. Zijn vierde kabinet viel in februari, de peilingen over het gedrag van kiezers zijn somber voor het CDA. Maar de demissionaire minister-president praat in zijn vaste fauteuil tussen de eikenhouten lambrisering van zijn werkkamer in flitstempo over hoe hij straks weer net zo rap verder wil gaan.

De traditionele bruine tinten van zijn ronde premierskantoor aan de Hofvijver worden opgevrolijkt door een vitrinekast, die er duidelijk niet stond in de tijden van Lubbers en Kok. De autoliefhebber uit Capelle aan den IJssel verzamelde er zijn schaalmodellen in, van beroemde rode en gele sportwagens en andere gedenkwaardige vervoersmiddelen.

Gaan deze verkiezingen hem verdrijven uit dit centrum van de Haagse macht? Balkenende moet nog zien of de voordeur van het Torentje straks werkelijk opengaat voor een ander. Hij zag al zoveel zogenaamde opvolgers aan de deur rammelen, in wat hij noemt ’de huidige ADHD-democratie’.

„Er is een tijd geweest dat mevrouw Verdonk zich bij het Torentje liet fotograferen. We hebben een periode gekend dat Geert Wilders dacht dat hij hier bijna binnen was. We zagen Cohen sky high gaan vlak na zijn lancering als nieuwe PvdA-leider. En nu zou Mark Rutte opeens hier al zitten. Je ziet een grote beweeglijkheid in de peilingen en daarom is moeilijk te voorspellen wat er gaat gebeuren.”

Nee, Jan Peter Balkenende laat zich niet zonder slag of stoot afhouden van een mogelijk record als langst zittende minister-president, dat hij kan bereiken wanneer de premierstoel toch weer aan het CDA toevalt. Hij grapte op het CDA-congres dat hij graag door wil tot zijn 67ste. Serieuzer was zijn aankondiging dat hij zijn klus wil afmaken tot zeker 2015. Nogmaals schuift hij naar voren op zijn zwarte leunstoel: „Ik heb in de loop der jaren alle peilingen meegemaakt. Ik heb alle kritiek gehad. Jullie hebben ook gemerkt, ik ben altijd doorgegaan”.

Waarom wilt u eigenlijk zo lang doorgaan?

Balkenende: „Het aardige is, ik merk bij mezelf hetzelfde enthousiasme als toen ik begon in 2002. In 2010 staan we opnieuw aan het begin van een lastige periode, waarin moeilijke keuzes en hervormingen nodig zijn. Ja, het is een mooie job. Maar je weet hoe ik in elkaar zit, ik voel het als een soort opdracht. Ik merk aan mezelf dat ik in de sfeer van motivatie exact hetzelfde voel als toen. Ik merk aan mezelf dat ik dezelfde vitaliteit heb, dat vind ik het opvallende.”

„Waarom wil ik dit werk? Wat me alleen maar bezighoudt is de verwantschap met de publieke zaak. Je hebt in deze functie weinig tijd voor je gezin. Voor de eer en glorie hoef je het niet te doen, want je krijgt veel kritiek over je heen. Ik ben altijd al bezig geweest met maatschappelijke vraagstukken, bezig met de vraag hoe krijg je Nederland beter en toekomstbestendiger. Hoe kunnen we dynamischer worden, solidair zijn met de komende generatie nu de vergrijzing er aan komt, hoe kunnen we in Nederland respectvoller met elkaar omgaan.”

„Het is feitelijk die drive die maakt dat je steeds doorgaat en dat het werk niet af is. Onze CDA-traditie heeft ook altijd iets van ’op weg gaan’.”

Op enig moment komt de sleet er toch in?

„Toen de partij kwam met de vraag of ik nog een keer lijsttrekker wilde worden heb ik het thuis besproken met Bianca en mijn dochter Amelie. En wij kwamen tot de conclusie: als de vraag je wordt voorgelegd dan doe je het ook. De werklust en ook de vechtlust voor de campagne is er, anders hou je dit werk ook niet vol.

Dit is niet iets voor een carrière ofzo. Ik vind het heel mooi, maar mijn diepste motivatie zit op de inhoud. Als je dat niet hebt kun je je makkelijk beschadigd voelen, want je zit in een glazen huis. Ik heb altijd een enorme werklust gehad. Zelfs als ik ’s avonds laat thuis kom. Om tien uur ’s avonds, je doet even anderhalf uur niets en dan gaat het mechaniek al weer werken.”

Bij u thuis klinken dan geen protesten?

Bianca heeft nooit, maar dan ook nooit tegen mij gezegd dat het werk nu maar eens een tandje minder moet. Ze weet wat de consequentie is van het werk dat ik doe. En je kunt het werk niet doen als je niet voluit de support van thuis hebt. Dat heb ik altijd enorm aan haar gewaardeerd, dat ze zei: als je dit doet moet je het ook goed doen. Zo is zij opgevoed, zo is zij zelf ook, ze is heel precies met alles. Toen ik nog fractieleider was of tijdens mijn hoogleraarschap was ik ook in het weekeinde altijd bezig. Dat is wel fijn in ons huwelijk, dat dat altijd kan.”

Uw tegenstanders verwijten u dat u uw kabinetten niet bij elkaar heeft weten te houden. Voelt u zich geen brokkenpiloot?

Hij kent het verwijt. Eerst relativerend: „ Als je de naoorlogse geschiedenis beziet, zijn er maar zes kabinetten geweest die de eindstreep hebben gehaald. Vaak is de fut er uit en breekt het.”

Dan over zijn eigen kabinetten: „Ik snap wel dat mensen zeggen ’hij heeft in acht jaar vier kabinetten niet naar de eindstreep gebracht’. Maar er zijn wel logische verklaringen voor. Het eerste kabinet viel, omdat het een bende was geworden binnen de LPF. De ministers Heinsbroek en Bomhoff vochten elkaar de tent uit. Bij Balkenende II kwam het door D66 dat verklaarde: minister Verdonk gaat eruit of wij gaan eruit. Daar was geen houden meer aan. Het derde kabinet was een interim-kabinet en bij het vierde besloot de PvdA op te stappen. Als partijen kabinetten willen verlaten, zoals destijds met D66 en dit jaar met de PvdA, dan sta je als premier met lege handen. Daar kun je niks aan doen. En destijds met de LPF was er intern geen sprake van een stabiele toestand. Dat ging niet meer.”

„Wat mij opvalt, is dat we het steeds hebben over gevallen kabinetten, maar ik spreek zelf liever van acht jaar kabinetsbeleid.”

U vindt dus uw premierschap al met al een succes?

„Ja. Het is mijn overtuiging dat dat het uiteindelijke oordeel zal zijn. Alleen zitten we nu in de hypes. We zitten er midden in. Ik snap het ook wel. Het is ook makkelijk om tegen mij te zeggen: Al uw kabinetten zijn gevallen en u zit er al zo lang...’’

„Het valt mij op dat in het buitenland heel vaak anders tegen Nederland wordt aangekeken. Daar zegt men: jullie staan er gewoon goed voor. De werkloosheid is de laagste van Europa, ondanks de crisis. Ons bedrijfsleven functioneert goed. De financiële netwerken zijn overeind gebleven. Onze sociale manier van inkomensverdeling is behouden. Ons minimumloon is het hoogste in de wereld. Als je al die zaken met elkaar in verband brengt, kun je zeggen dat we een heel eind zijn gekomen.’’

De praktijk is toch dat de levenscyclus van een premier na een jaar of acht wel ten einde is?

„Ik ken mezelf goed. Laat ik het voorbeeld van een sporter nemen. Een sporter kan zeggen: ik voel me fysiek minder of het gaat moeilijker. Of hij raakt gedemotiveerd. Het gekke is dat ik dat helemaal niet heb. Ik heb het gevoel: het werk is niet af.”

Stel dat u wint, welke coalitie wilt u dan?

„Het gaat om partijen die uitstralen dat ze tot hervormingen willen komen.”

Wie zijn volgens u hervormingsgezinde partijen?

„Op basis van hun verkiezingsprogramma’s de VVD, D66 en GroenLinks, en in mindere mate de ChristenUnie.”

De PvdA dus niet?

„Op basis van de afgelopen jaren zeg ik: nee. Iedereen weet hoe de discussie over het ontslagrecht is gelopen. De PvdA wil de WW laten zoals deze is, terwijl het mijn overtuiging is dat veranderingen noodzakelijk zijn. De verantwoordelijkheid van de werkgever om werknemers goed op te leiden en voor te bereiden op ander werk moet groter worden en de WW zelf korter. Je ziet nu al dat de uitstroom groter wordt naarmate het einde van de WW nadert.”

Is de PVV een hervormingsgezinde partij?

„Nee, eerder op sommige punten conservatief. Als je ziet wat die partij wil doen aan overheidsfinanciën en arbeidsmarktbeleid, daar zit geen dynamiek in. Neem hun breekpunt ten aanzien van de AOW. We zien dat werkgevers en werknemers elkaar naderen om een akkoord te sluiten. Op het moment dat er draagvlak in de samenleving ontstaat zal de PVV dan zeggen: nee, wij hebben een breekpunt. Het verbaast mij dat de VVD de deur naar de PVV zo openhoudt, terwijl de VVD zelf de AOW-leeftijd wil verhogen.”

„Dit naast de vaststelling dat de PVV naar mijn overtuiging mensen wegzet, waardoor grote verdeeldheid ontstaat in de samenleving.”

U spreekt een voorkeur voor een coalitie uit: hervormingsgezinde partijen als VVD, D66 en GroenLinks en niet met de PVV.

„Ik geef aan welke type partijen dit land nodig zou hebben. Het is bij het CDA niet gebruikelijk op voorhand partijen te noemen waarmee we willen regeren. Ik heb het over het type aanpak. Bij de kabinetsformatie zal blijken of we het eens kunnen worden met elkaar.”

Bent u zelf wel zo hervormingsgezind? U maakt een breekpunt van de hypotheekrenteaftrek.

„Het is de vraag of dat een verstandige hervorming is. Hervorming van de arbeidsmarkt is dringend nodig, dat geldt ook voor de sanering van de overheid, de samenvoeging van departementen en de crisis- en herstelwet met zijn kortere procedures. Het zijn allemaal zaken die er voor zorgen dat je Nederland sterker maakt en dynamischer. Dat geldt niet voor de aantasting van de hypotheekrente, dat zorgt voor onzekerheid bij mensen. Het leidt tot waardedaling van huizen en heeft negatieve gevolgen voor de bouwsector.”

De verkiezingsleus is dat Nederland op het CDA kan rekenen. Kan Nederland ook op het CDA rekenen wanneer het niet de grootste partij wordt?

„Nederland kan altijd op het CDA rekenen. Verkiezingsuitslagen kunnen wisselend zijn, maar de basis onder onze partij is sterk.”

En dan, aan het einde van het vraaggesprek, lijkt Jan Peter Balkenende toch nog rekening te houden met sombere tijden als hij vaststelt: „Ook toen we in de oppositie zaten kon Nederland op ons rekenen”. Om zich toch weer te herpakken: „Maar ik denk dat het het beste is als het CDA de grootste partij blijft.”

mailIcon print |