*

 

Boeken om te voelen, ruiken en horen

Christine Baart − 09/06/10, 00:00

Grafisch ontwerpster Irma Boom is in binnen- en buitenland bekend om haar eigenzinnige boekontwerpen. Haar uitgangspunt: de vorm van een boek moet de inhoud verbeelden. In Amsterdam is een overzicht van haar werk te zien.

  • (Trouw)

Lust, humor, zen, avontuur, imperfectie en anarchie zijn niet direct de woorden die passen bij het serieuze vak van boeken maken. Toch staan deze woorden op de glazen deur bij binnenkomst van de eerste overzichtstentoonstelling van Irma Boom ’Biography in Books’ bij de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam.

Maar ook te lezen zijn: traditie, accuratesse, papier, informatie en analyse. Die woorden geven aan dat het vormgeven van boeken wel degelijk een serieuze aangelegenheid is voor Irma Boom (1960). „Boeken zijn mijn leven en mijn leven is boeken”, zoals ze zelf zegt. En zonder een mentaliteit van rebellie en anarchie was het haar niet gelukt om zoveel boeken op een bijzondere manier vorm te geven en daarmee zoveel binnenlandse en buitenlandse prijzen te winnen. Boom heeft namelijk een zeer persoonlijke, unieke benadering van het begrip boek. Dankzij opdrachtgevers die haar de ruimte gaven om haar ideeën mogelijk te maken is er nu een uniek oeuvre te zien.


Het archief ’Bijzondere Collecties’ van de Universiteit van Amsterdam had al in 2003 aan Boom gevraagd of het haar werk mocht archiveren. Boom zei in eerste instantie ’nee’, omdat ze niet dood is en nog volop bezig met haar ontwikkeling. Maar na lang aandringen stemde ze toe, omdat haar werk niet alleen in het archief zou verdwijnen maar studenten en onderzoekers het ook konden bestuderen en onderzoeken.

Er is ook veel belangstelling uit het buitenland, onder andere voor het het inmiddels beruchte SHV boek. Dat boek is ooit speciaal gemaakt in opdracht voor en over het bedrijf SHV Holdings en nooit te koop geweest. 2136 pagina’s representeren de geschiedenis van het bedrijf. Dit gebeurt echter niet in chronologische volgorde, er moet doorheen worden gebrowsd. Er zijn namelijk geen paginanummers. Op de snede van het boek is een gedicht van Gerrit Achterberg te lezen, maar als je vanaf de ander kant kijkt is er een tulpenveld te zien.

Jammer genoeg kan de bezoeker het boek niet in zijn handen houden, want Boom moest de tentoonstelling inrichten met de unieke exemplaren van de ’Bijzondere Collectie’. Ze wilde zoveel mogelijk het tastbare boek tonen in plaats van video te gebruiken en dus hangen haar boeken aan de muur zonder opengeslagen te kunnen worden.

Maar er is genoeg te zien om toch inzicht in haar werk te krijgen. Haar huidige werk hangt bewust zonder glas aan de muur en is voorzien van kwetsbaar met de hand geschreven commentaar. Zo wil ze benadrukken dat ’Irma’ nog leeft.

Achter glas in vitrines liggen haar inspiratiebronnen, schetsmateriaal en modellen die laten zien dat er maanden van denkwerk, experimenteren en proberen aan vooraf is gegaan en dat een goed vormgeven boek er niet zomaar is.

Meestal ligt een boek toch gedachteloos in je handen en is het een bijna onzichtbare onderlegger die je helpt bij het vinden van informatie met woorden en beelden. Bij de boeken van Boom niet, want hier voel, ruik en hoor je het boek als het ware en dat is niet enkel een truc die extra aan het boek is meegegeven, maar geeft de kern van de inhoud weer.

Een voorbeeld daarvan is het boek ’Sheila Hicks, weaving as a metaphor’. De zijkant van het witte boek voelt en oogt rafelig. De vorm verwijst naar de zelfkant van de geweven doeken van de kunstenaar Sheila Hicks. Het geeft ook de tactiele structuur van textiel aan, iets wat niet tastbaar zou zijn geworden als het boek enkel had bestaan uit gefotografeerde afbeeldingen.

Of neem bijvoorbeeld de catalogus van kunstenaar Steven Aalders, die exact dezelfde afmetingen heeft als een van zijn schilderijen en zo de kern raakt van zijn werk.

Boom begint dan ook vaak anders dan andere vormgevers. Die beginnen met de lay-out, zij met het papier en de omslag en een helder doordacht concept. Doordat ze elke opdracht op een nieuwe manier benadert en steeds nieuwe grenzen wil verleggen, is er bij elk boek wel een verhaal te vertellen. Ook over de missers, want niet alles lukt altijd. Maar wil ze het lef houden om te experimenteren, dan horen die missers er ook bij, vindt zij.

En hoewel de technische mogelijkheden nog veel groter zijn dan in het begin – toen ze in 1988 veel ophef veroorzaakte met haar postzegelboek van de Sdu, waarin een ongebruikelijke Japanse bindwijze was gebruikt en de typografie volgens sommigen de tekst onleesbaar maakte – wil ze nu gas terug nemen. Dat er veel meer mogelijk is wat betreft druktechnieken en papier is niet meer een uitdaging.

Op dit moment wil ze zo conceptueel mogelijk werken en zich steeds meer met de inhoud bemoeien, zoals bij ’Every Thing Design’. Boom kieperde de hele inhoud die ze aangereikt kreeg van het Museum für Gestaltung in Zürich overboord. Zij kwam met een heel nieuw voorstel waarbij het hele boek alleen maar bestaat uit beelden die elkaar opvolgen, maar zodanig achter en naast elkaar geplaatst dat het een verhaal vertelt over design.

Als ze nu terugkijkt op haar oude werk, zegt ze; „Ik was toen meer onbevangen en naïef en helemaal gefocust op het maken van een boek. Het ging toen ook allemaal nog trager, het was nog knippen en plakken in plaats van werken met de computer. Eigenlijk wil ik nu weer gaan vertragen, maar ik weet nog niet hoe.”

Bij de tentoonstelling is haar biografie ook in een boek vastgelegd en natuurlijk heeft Boom ook hier de technische en functionele grenzen opgezocht. Het is een piepklein boekje geworden van 38 x 50 mm met ruim 700 pagina’s, maar het is leesbaar.

Voorlopig is haar biografie nog niet af, want Boom gaat gewoon door. Het wachten is dus op deel II.

mailIcon print |