Buitenlandse toeristen bezoeken de duurzame wijk EVA Lanxmeer in Culemborg regelmatig. Binnen Nederland is de buurt relatief onbekend. Maar niet voor lang nog, hoopt inwoner Peter Oei.
Martin Oei gaat achter de vleugel zitten. Het piepjonge pianotalent (14) is door naar de finale van het pianoconcours van de Young Pianist Foundation (YPF) en wil met plezier iets voorspelen. Zijn vingers ontlokken fraaie klanken aan de toetsen van de ’duurzame’, honderd jaar oude Bösendorfer.
De akoestiek in de ruime huiskamer is uitstekend, mede te danken aan de ’groene wand’ achter de vleugel: een rek vol met plantjes, zij aan zij, in zeven rijen boven elkaar. Niet alle plantjes zijn geschikt, want de wand vangt weinig direct buitenlicht, maar venushaar, krulvarentjes en orchideeën doen het goed.
Ook voor moderne werkplekken die veel last hebben van akoestische problemen, zegt Martins vader Peter Oei, is een groene wand als geluidsbuffer een uitkomst. „Bovendien zijn planten luchtzuiverend, luchtbevochtigend en hebben ze een positieve psychologische uitwerking. In een omgeving met planten werken de meeste mensen beter en prettiger.”
Over alles in het huis van de Oei’s is nagedacht: hoe kunnen we zo zuinig mogelijk omgaan met energie en met water, welke materialen zijn ecologisch het meest verantwoord? Kortom, duurzaamheid is er troef. Hun huis is geen uitzondering, deze hele wijk aan de rand van Culemborg, EVA Lanxmeer, is duurzaam gebouwd, en voldoet volgens Peter Oei nog altijd aan de hoogste standaarden. Geen wijk in Nederland is volgens hem duurzamer gebouwd dan deze. Eigenlijk is alles ’goed gelukt’, zegt Oei, op het parkeren na. Dat moet eigenlijk aan de rand van de wijk gebeuren, maar de gemeente vergat dat goed in de koopcontracten op te nemen, zodat er nu toch een aantal mensen in de wijk zelf parkeren. En de biovergistingsinstallatie die energie haalt uit het ’poepwater’ moet er nog komen.
De oudste huizen, zo’n veertig, vijftig, zijn tien jaar geleden gebouwd. Inmiddels staan er tweehonderd. Het huis van de Oei’s, in een blok van vier, is vorig jaar opgeleverd. Nog vijftig huizen in de komende jaren erbij en dan is de wijk, die ook een school telt, een vakbondsgebouw en enkele bedrijfsruimten, ’af’.
„Veel gemeenten”, zegt Oei, „denken bij duurzaamheid alleen aan CO2-uitstoot. Huizen met kleine raampjes en veel stenen zijn heel energiezuinig, maar vreselijk om in te wonen. Ik zeg altijd: Pak het breed aan. Kijk niet alleen hoeveel energie je verbruikt, zoek niet de grens op van steeds zuiniger, maar zoek naar een evenwicht. Je mag best nog op vakantie, ook al is vliegen ecologisch gezien niet zo’n verantwoorde bezigheid. Ikzelf heb zes jaar geleden besloten dat ik hier wilde wonen, niet alleen vanwege het duurzame bouwen, maar vooral om te kunnen wonen in een prettige, rustige en sociale omgeving. Het gaat om fijn wonen, inspiratie, verbindingen leggen.”
Verbindingen zijn er in de wijk. Niet zoals in de vroegere communes, maar er wordt veel samen gedaan. Zo hebben alle huizen een eigen stukje tuin, met daaraan grenzend gezamenlijk groen. Het beheer daarvan is in handen van stichting Terra Bella, waarin de bewoners participeren. Ze richten dit groen samen in en onderhouden het ook. Zo zijn er aantrekkelijke hofjes ontstaan. En het geld dat wordt uitgespaard – omdat niet de gemeente maar de bewoners schoffelen en snoeien – wordt weer aangewend voor andere, extra voorzieningen, zoals beplanting van hoge kwaliteit.
Ook met de aan de wijk grenzende stadsboerderij Caetshage wordt samengewerkt. De stadsboer verzorgt groentepakketten, waarvan de wijkbewoners er 75 per week afnemen, en verkoopt op dinsdag en zaterdag producten van het land, waaronder eieren en lamsvlees. In de Permacultuur Proeftuin wordt geëxperimenteerd met bijzondere eetbare planten en struiken. Oei helpt de boer met het kweken van oesterzwammen en levert hem het beschimmelde stro dat hiervoor nodig is. Op onze rondwandeling door de tuin laat hij de pakken stro zien, waaruit hier en daar een zwammetje tevoorschijn piept. Even verderop scharrelen kippen en Indische loopeenden, die het onkruid en de slakken uit de tuin opruimen. Elke drie maanden kunnen de bewoners aanschuiven op het land van de stadsboer voor een driegangenmaaltijd voor een goed doel.
De rondleiding gaat ook langs de centraal in de wijk gelegen oude appelboomgaard met hoogstamfruit. De boomgaard is eigendom van drinkwaterbedrijf Vitens. Omdat de bewoners ook deze boomgaard onderhouden, mogen ze in de herfst gezamenlijk de appels plukken, waarvan ze appelsap persen en taarten bakken. Vorig jaar namen de bewoners van datzelfde Vitens het warmtebedrijf over, Thermo Bello heet het nu. Uit het grondwater van Culemborg levert het warmte aan de tweehonderd huishoudens in de wijk en aan een zevental bedrijven.
Oei houdt van strak, en zijn huis en de drie andere in hetzelfde blok zijn dat ook. Maar er zijn nog heel wat andere architectonisch bijzondere huizenontwerpen in de wijk te zien. De bekende kaswoningen bijvoorbeeld, waarvan nu al drie generaties zijn neergezet. De glazen kassen staan als een extra jas over de huizen heen en geven de bewoners de mogelijkheid onder het glas rond hun huis de prachtigste binnentuinen aan te leggen. Ook de drie Onderland-woningen zijn heel apart. Van verre zie je eigenlijk alleen een brede begroeide bult liggen. Onder die bult gaan de huizen schuil, die aan één kant helemaal uit ramen bestaan, die vanonder het begroeide dak tot aan de grond doorlopen. Ze bieden uitzicht op een oude, uitgegraven arm van de Lek.
Veel huizen in de wijk zijn voorzien van met sedum begroeide daken, die elk seizoen een andere kleur hebben. Een van de oudste delen van de wijk is de ouderenhoek het Kwarteel. In het complex van seniorenwoningen zijn ook slaapkamers voor kinderen en kleinkinderen die komen logeren.
Oei raakt van enthousiasme niet uitgepraat over zijn wijk, maar volgens hem is EVA Lanxmeer in het buitenland notabene bekender dan in Nederland. „Er zijn al twee filmploegen uit Korea geweest en een uit België. Regelmatig lopen hier Japanners rond, en deze week komt er een delegatie burgemeesters uit Frankrijk.”
Maar aan die relatieve binnenlandse onbekendheid wil hij een einde maken. Samen met pianist, musicoloog en publicist Eric Schoones verzorgt Oei zondag 2 mei, onder de titel ’Groene noten’ een openbare bijeenkomst in zijn eigen huis, waarin zij muziek en het thema duurzaamheid met elkaar verbinden.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.