De SGP mag van de hoogste rechter niet langer een exclusieve mannenclub zijn. Complimenten. Eindelijk is het proces ten einde gekomen, met een vonnis dat de mensenrechten liet prevaleren boven de fundamentalistische, pre-moderne opvattingen van de SGP over vrouwen.
Het uitsluiten van vrouwen, zoals de SGP doet, van alle politieke en bestuurlijke organen is een ernstige vorm van vrouwendiscriminatie. Waarom deze praktijken binnen de SGP al die jaren door mochten blijven gaan, is mij een raadsel. Waarschijnlijk ligt het aan de bijzondere positie die de SGP inneemt binnen het Nederlandse politieke landschap. De Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP) is sinds 1922 in het parlement vertegenwoordigd, en toegegeven: het is een vreedzame, eerlijke partij die geen vlieg kwaad doet.
Er is een essentieel verschil tussen de SGP en de fundamentalistische moslimpartijen, die ook met een beroep op hun religie vrouwen uitsluiten. De SGP gebruikt geen dwang om de leden binnen te houden en geweld tegen tegenstanders is uitgesloten. Dat de SGP vaak wordt vergeleken met moslimfundamentalisten, is onterecht.
Natuurlijk, het streven van de SGP, om politiek te bedrijven op basis van het absolute gezag van Gods woord zoals neergelegd in de Bijbel, is wel te vergelijken met het streven van islamitische partijen. Het verschil zit dan vooral in de inhoud van Gods woord in de Bijbel, dan wel in de Koran.
Volgens haar beginselprogramma is de SGP gekant tegen het passieve kiesrecht van vrouwen. Vrouwen kunnen hooguit (gewoon) lid worden, en dat nog maar sinds drie jaar. Lang heeft de Staat gedoogd dat de SGP zo handelt in strijd met zowel het VN-Vrouwenverdrag van 1979, als het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechter (IVBPR), het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) én de Grondwet.
Nu de rechter dit heeft vastgesteld, moet de politiek maatregelen nemen om te zorgen dat de uitsluiting en discriminatie van vrouwen ophoudt. De Tweede Kamer is dus aan zet. De rechter is misschien niet bevoegd om de subsidie aan de SGP in te trekken, maar de Tweede Kamer kan dat wel beslissen.
Ik kan me niet voorstellen dat de Kamer doorgaat met het gedogen van een partij met praktijken die indruisen tegen zoveel internationale en Europese verdragen, maar bovendien ook tegen de Nederlandse Grondwet. Zelfs al vinden we het met zijn allen zo’n sympathieke club met zo’n eerlijke aanhang.
Misschien betekent het einde van de subsidie ook het einde van de SGP SGP als politieke partij. Het is mogelijk dat de SGP zichzelf uit protest opheft. Dat zou enigszins ook logisch zijn. Als vrouwen niet meer geweerd mogen worden, verdwijnt het belangrijkste onderscheid tussen de SGP en de andere christelijke partijen. Misschien kunnen de drie christelijke partijen meteen samen fuseren. De tijd dat elke punt of komma in de Heilige Schrift aanleiding gaf tot het vormen van een eigen politieke partij is toch voorbij.
Toch geloof ik niet dat de SGP zichzelf opheft wanneer ze door de politiek gedwongen zou worden om het verbod op vrouwendiscriminatie te eerbiedigen, een verbod dat altijd al in het eerste artikel van de grondwet te vinden was, maar nooit door de politiek is gehandhaafd. De partij zal water bij de wijn doen, net als in 2007, toen de kwestie speelde van het (gewone) lidmaatschap voor vrouwen. Terugkijkend vraag je je af: was het nou echt zo erg voor de SGP, om vrouwen lid te laten worden?
Vrouwenrechten zijn geen luxeartikel. Ze zijn integraal onderdeel van de mensenrechten, die op hun beurt het fundament vormen van de democratische rechtsstaat. Geen politieke partij mag die mensenrechten negeren.
De belangrijkste alinea van het arrest van de Hoge Raad is wat mij betreft de alinea waarin de rechters vaststellen dat het er niet toe doet dat de SGP haar vrouwenstandpunt baseert op haar godsdienstige overtuiging. ’De vrijheid van godsdienst geeft haar weliswaar het recht haar standpunt uit te dragen’, schrijft de Hoge Raad, maar in een democratie ’mag aan politieke beginselen en programma’s slechts praktische uitvoering worden gegeven binnen de grenzen van wetten en verdragen, ook als die beginselen godsdienstig of levensbeschouwelijk van aard zijn’.
Dit oordeel kan nog vaker van pas komen. Het is een krachtig instrument dat er vandaag voor zorgt dat vrouwendiscriminatie binnen de SGP ophoudt. En morgen kan het de discriminatie stoppen van moslimvrouwen, door hun achterstelling ook via de rechter te laten verbieden.
Tot nu toe werd een smoes gebruikt om discriminatie van moslimvrouwen te legitimeren. Namelijk ’het mag ook binnen de SGP’. Die smoes geldt nu niet meer.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.