*

 

Verdronken vis

Koos Dijksterhuis − 17/03/10, 00:00

‘Karpers in Vijverpark massaal doodgevroren’, kopte de Gooi en Eembode laatst. In de Bussumse vijver dreven tweehonderdvijftig dode karpers. Met vuilniszakken tegelijk zijn ze afgevoerd. Een buurtbewoonster had de gemeente nog wel gewaarschuwd, dat er een wak geslagen moest worden. De gemeente heeft dat ook gedaan, maar het hielp niet. ’Eén wak was niet genoeg voor de dieren.’

Zonder pardon mag de gemeente op de beklaagdenbank plaatsnemen. Het gemeentelijke weerwoord luidt dat die vijver nooit bedoeld was voor karpers en dat ze geen idee hebben hoe die vissen erin kwamen. Ik wel. Die vissen zijn erin vrijgelaten door lieden wier tuinvijver overbevolkt raakte. De vijver was te ondiep en te weinig begroeid voor honderden grote vissen. Ik betwijfel of ze zijn gestikt, zoals de Bussumers voetstoots aannemen, zoals er ook zonder bewijs wordt beweerd dat vissen onder ijs met sneeuw eerder stikken dan onder sneeuwvrij ijs. Ik denk dat het aan de diervriendelijke mevrouw te danken wak eerder de doodsoorzaak is. Het zal je maar gebeuren, je dobbert als vis koudbloedig in een soort winterslaap onder het ijs. Een voorbijgangster vindt je zielig en trommelt lieden in oranje hesjes op. Die slaan met hamers en bijlen op het ijs in. Alleen al die dreunen zorgen voor een hartstilstand. Of je ontwaakt, probeert weg te zwemmen en sterft van uitputting en voedselgebrek. Liefde voor zielige dieren pakt vaak averechts uit.

De paaitijd van karpers staat voor de deur en er zijn ongetwijfeld weer lieden die hun vijver in het park leegkiepen. Binnen de kortste keren puilt de parkvijver weer uit van de karpers.

mailIcon print |