Allochtone PvdA-kandidaten verdreven bij de raadsverkiezingen veel autochtone kandidaten. Hun opmars leidde eerder tot onrust binnen de partij, maar die ziet nu geen problemen. En zwijgt vervolgens.
De verbazing was groot twee weken geleden toen veel allochtone kandidaten – met name van de Partij van de Arbeid – hoorden dat ze ondanks hun lage notering op de verkiezingslijst toch in de gemeenteraad mogen plaatsnemen. Dankzij voorkeurstemmen. Geen probleem, zegt het landelijke PvdA-bestuur. Ondertussen zijn er nauwelijks PvdA’ers die iets over dit onderwerp willen zeggen. In Enschede is hen zelfs verboden hierover met de media te praten.
In het rode bolwerk Enschede behield de PvdA ternauwernood zijn positie als grootste partij, mede dankzij de voorkeurstemmen van allochtone kandidaten. Hoewel de sociaal-democraten van vijftien zetels naar negen terugvielen, wisten vier allochtone PvdA’ers vanaf een lagere positie in de gemeenteraad te komen. Van hen heeft alleen Shridath Salikram (plaats 11), een afgestudeerde bestuurskundige bij de Universiteit Twente, raadservaring. Hij was vier jaar eerder ook al met voorkeurstemmen in de gemeenteraad gekomen.
Geen van de allochtone kandidaten stonden in de top-10 op de kandidatenlijst van de PvdA. De kiezers lijken dat met hun voorkeursstemmen te hebben rechtgetrokken. Dat leidde tot teleurstelling bij hoger geplaatste kandidaten, omdat ze hun plaats moesten afstaan. Een mediahype ontstond nadat de Twentsche Courant Tubantia tijdens de uitslagenavond bij prominent raadslid André Boersma de teleurstelling optekende.
Hij liet zich ontvallen dat de PvdA de ’Partij van de Allochtonen’ was geworden en dat veel raadservaring verloren ging. Hoewel hij zich uitgebreid excuseerde voor zijn emotionele opwelling, was het kwaad geschied. Het leverde veel kritiek op en bracht de sociaal-democraten in verlegenheid. Nu de kruitdampen zijn opgetrokken en de PvdA als grootste stadspartij als vanouds leiding geeft aan de coalitieonderhandelingen, doen de vier allochtone kandidaten met voorkeurstemmen er het zwijgen toe. Lijsttrekker en woordvoerster Marijke van Hees is op een buitenlandse reis en niet in staat te reageren.
Twee van de vier allochtone PvdA-raadsleden richtten zich tijdens de campagne speciaal op de Turkse en Koerdische achterban. Coskun Turgut (plaats 13) ging bij bijna alle Turkse en Koerdische verenigingen in Enschede langs. Hij vermoedt dat hij de 591 voorkeurstemmen te danken heeft aan het vele flyeren.
De multimediale PvdA-campagne van de 28-jarige George Hanna richtte zich bewust op de hele stadsbevolking met als uitgangspunt: ’Eigen identiteit: ja! Getto: nee!’. Hanna is actief voor de plaatselijk grote Syrisch-orthodoxe christelijke gemeenschap. Geen multimediaal communicatiekanaal liet hij in de campagne onbenut.
Van deze actieve campagnevoering lijkt de PvdA te profiteren. Duizenden stemmen komen lokaal zo binnen, met als bekendste voorbeeld Ahmed Marcouch, nummer 29 op de kieslijst voor Amsterdam. Hij werd twee weken geleden met 12.053 voorkeurstemmen in de raad gekozen. Hij was niet de enige populaire allochtoon in Amsterdam. De Turkse Emre Ünver stond op nummer negen en kreeg op drie na de meeste stemmen.
De Marokkaanse Mohamed Aadroun stond op nummer 18 en kon met 2792 voorkeurstemmen toch in de raad komen. Hij zag er vanaf. De officiële verklaring luidt dat hij het raadswerk niet kan combineren met zijn baan als beleidsmedewerker duurzaamheid op het ministerie van economische zaken. Tikje vreemd is dat hij dat niet eerder heeft afgewogen, want bij een goede uitslag voor de PvdA in Amsterdam had zij ook 18 zetels kunnen veroveren.
Door zijn weigering kon Narish Parsan in de raad komen. Maar de PvdA-afdeling in Amsterdam heeft een dringend beroep op hem gedaan om in het stadsdeel Zuidoost te blijven, waar hij gehoor aan geeft. Waarom Parsan dan toch op plaats 14 is gezet, is raadselachtig. Om stemmen te trekken? Want nog niet onderzocht is of de mensen die bij allochtone kandidaten het vakje rood kleuren ook naar de stembus zouden gaan als er alleen autochtonen op de kieslijst zouden staan.
Uit een eerste inventarisatie van het Instituut voor Migratie en Etnische Studies (Imes) van de Universiteit van Amsterdam onder kiezers blijkt dat de opkomst onder allochtonen in Amsterdam deze maand slechts iets is afgenomen maar dat de partijkeuze bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2006 veel sterker op de PvdA was gericht dan nu. Zo kreeg de PvdA destijds 87 procent van de Turkse stemmen, nu 59 procent. En vier jaar geleden kreeg de PvdA 79 procent van de Surinaams/Antilliaanse stemmen, nu 53 procent. Bij de Marokkaanse stemmen bleef het bijna gelijk (74 procent).
Over heel Amsterdam kreeg de PvdA aanzienlijk minder stemmen. Allochtone stemmers lijken daarvoor in grote mate verantwoordelijk, concludeert Imes. De PvdA in Amsterdam had dit keer ook minder allochtonen op haar kieslijst staan. Ze waren een beetje overvallen in 2006 – maar ook al acht jaar geleden –door de geslaagde integratie. Enerzijds waren ze heel blij met alle stemmen op de Turkse en Marokkaanse kandidaten, maar ze moesten natuurlijk niet de partij overnemen. Toen partijleider Wouter Bos zich bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2006 liet ontvallen dat zijn partij vast ’ongelukken zou krijgen met nieuwe allochtone raadsleden’, leidde dat tot veel onrust.
De PvdA was in 2006 met 183 allochtone raadsleden veruit koploper, gevolgd door GroenLinks met 34 en het CDA met 28 allochtonen. In totaal namen vier jaar geleden 302 allochtone raadsleden zitting in de gemeenteraad. De raadsleden van Turkse afkomst met 157 leden vormden veruit de grootste groep, Marokkanen veroverden 66 zetels. De cijfers van dit jaar zijn nog niet bekend.
„Iedereen die op de lijst staat is in principe geschikt”, luidt nu de reactie van het Centrum voor Lokaal Bestuur (CLB) van de PvdA. „Er moet alleen op worden gelet dat er geen kennis op bepaalde portefeuilles verloren gaat door de komst van nieuwe raadsleden met voorkeurstemmen”, aldus CLB-secretaris Jacqueline Kalk.
Zij beweert niet te gaan inventariseren hoeveel allochtonen met voorkeurstemmen voor de PvdA in de raad zijn gekomen. Een kleine rondgang in enkele grote steden laat zien dat het bijna overal voorkomt. In Utrecht haalde de PvdA negen zetels. De nummer elf op de lijst, Bulent Isik, kreeg ruim 1100 voorkeurstemmen en mag daarom ook zitting nemen in de raad. Dankzij voorkeurstemmen kwamen ook in Rotterdam vier allochtonen extra in de PvdA-fractie, waardoor nu een meerderheid aldaar een andere afkomst heeft.
Bij de Eindhovense PvdA kregen drie allochtonen veel voorkeurstemmen, van wie Ertan Isik op een onverkiesbare plaats 14 stond, maar nu toch in de raad komt. In Arnhem kwam PvdA-kandidaat 18, Nevin Dikici, dankzij 447 stemmen bij de eerste zeven. Net als Malika el Mouridi (plaats 10) die op 738 stemmen kon rekenen. En Talip Aydemir steeg in Arnhem van plek 7 naar plaats 2 met 1164 stemmen.
De PvdA in Den Haag laat zich niet meer verrassen. Bij de verkiezingen in 2002 lukte het onverwachts vijf allochtonen, na fanatieke persoonlijke campagnes, met voorkeurstemmen in de raad te komen. De helft van de tien gekozen raadsleden was toen van allochtone afkomst. Zo verdreven ze ervaren autochtone, maar minder populaire kandidaten uit de raad. Dit tot onvrede van de partij.
Bij de recente gemeenteraadsverkiezingen was het aantal allochtone kandidaten op de Haagse PvdA-lijst beperkt. En de partij was verzekerd van hun goede kwaliteiten. Op nummer 4 en 14 stonden twee Hindoestanen, op 9 een Marokkaan en op 10 een Turkse Koerd. Ieder van hen vertegenwoordigt een andere achterban. Alle vier zijn gekozen, direct achter lijsttrekker Jeltje van Nieuwenhoven, en ruimschoots voor de overige kandidaten.
In Helmond werd men wel overrompeld. Daar vond een aardverschuiving plaats binnen de PvdA-lijst. De nummers drie tot en met zes moesten hun plek afstaan aan lager geplaatste kandidaten met een Turkse of Marokkaanse achtergrond. De zeskoppige fractie zou slechts één autochtoon tellen, en geen vrouwen. Uiteindelijk trad ook een autochtone vrouw toe, omdat Mohammed Chahim uit ’emancipatorische overwegingen’ zijn zetel afstond.
De grootste klapper maakte Necati Kaygisiz, die van nummer 21 opklom naar 2. De 30-jarige politieman van Turkse komaf wil zich inzetten voor een veilige, tolerante en sportieve buurt, zo staat op zijn webpagina. Kaygisiz en de andere fractieleden kunnen zelf niet reageren. „We hebben afgesproken dat ik het woord voer”, zegt fractievoorzitter Seyit Yeyden. „Ik wil ze nu even beschermen. In het verleden is wat ze hebben gezegd niet goed overgekomen in de pers.”
De PvdA zit in Helmond niet meer in de coalitie. Volgens andere partijen omdat het in de vorige periode lastig was om met de PvdA samen te werken. Yeyden vermoedt dat de samenstelling van zijn fractie voor de anderen een rol speelt. „Een echte andere reden is er namelijk niet.” CDA en VVD, die de verkennende gesprekken gezamenlijk ingingen, uitten eerder inderdaad twijfels te hebben over de stabiliteit binnen de PvdA.
Yeyden zegt echter niet te twijfelen aan de kwaliteit van de fractie. „Iedereen op onze lijst heeft de potentie en de kwaliteiten om een goed raadslid te worden. Bovendien hebben we ook veel ervaring in de fractie. Ik was deze periode wethouder, een collega van mij ook. Iemand anders is al drie periodes raadslid. We hebben maar twee nieuwe mensen.”
Toch schrok Yeyden van de verkiezingsuitslag. „Een raadsfractie moet een afspiegeling zijn van de samenleving. Dat is onze fractie niet meer zo goed. Maar de kiezer is de baas.” Ook oud-fractievoorzitter Peter van Stiphout, die ondanks zijn derde plaats op de lijst niet werd gekozen, stelt: „Dit is het spel, zo zijn de regels. Jammer, maar ik wist van tevoren dat dit erin zat. Er staan veel mensen met een eigen achterban op de lijst, niet alleen allochtonen.”
Van Stiphout heeft wel geprobeerd veel stemmen te trekken. „Ik heb rozen uitgedeeld bij mij in de wijk, en persoonlijke flyers en posters verspreid. Maar ik werk buiten de stad. Als je op een school in Helmond werkt, scheelt dat al.” De oud-fractievoorzitter ziet een ’landelijke opgave’. Wie een persoonlijke achterban mobiliseert, krijgt redelijk makkelijk een zetel, vanwege de steeds lagere opkomst. „Als deze trend doorzet, worden mensen steeds meer op de persoon gekozen, in plaats van op het partijprogramma.”
Hij vreest cliëntelisme: kandidaten die vooral opkomen voor de belangen van hun eigen wijk, minderheids- of belangengroep. In de nieuwe Helmondse PvdA-fractie gebeurt dat niet, denkt Van Stiphout. „Dit zijn mensen die keihard werken vanuit onze ideologie.” Dat de fractie geen afspiegeling van Helmond vormt, vindt hij niet zo’n probleem. „Bij andere partijen is het aantal allochtonen onder de maat. Dankzij de PvdA heeft de raad een mooie mix.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.