*

 

Verkiezingsdag

Sylvain Ephimenco − 04/03/10, 00:00

Wat moet je schrijven als je je in het epicentrum van de stilte bevindt? Wat moet je in vredesnaam verzinnen als je weet dat de storm pas bij sluiting van de stembureaus gaat razen?

  • Sylvain Ephimenco (Jorgen Caris)
    Sylvain Ephimenco (Jorgen Caris)

En waarom niet op donderdag stemmen in plaats van woensdag, zodat ik met een gedegen analyse van de verkiezing kan schitteren? Bij gebrek aan inspiratie beslis ik de hond uit te laten. Buiten is het koud en mijn lieve pantoffel van nog geen 4 kilo wordt door een monsterlijke dobermann bijna opgegeten.

Ik steek het hondje haastig onder mijn arm en wil weer naar binnen rennen. In het voorbijgaan probeert een onbekende man mij een folder in de hand te drukken. ’Heeft u al gestemd?’, roept hij. ’Gaat je niets aan’, schreeuw ik hem vol woede toe. De man kijkt me verschrikt aan. Ik struikel bijna over een gescheurde verkiezingsposter van D66 waarop een andere viervoeter zijn darmen heeft geledigd.

Plots denk ik aan die nieuwe Sire-campagne waarin aardige mensen telkens worden gewantrouwd. Ik voel de schaamte opkomen: zal ik terug gaan om de folder toch netjes aan te nemen? Ik kijk om en zie de dobermann die mij op de hielen zit. Buiten adem bereik ik de deur. Pas in de keuken, Bello nog steeds onder mijn arm geklemd, merk ik dat ik een spoor van hondenpoep door het huis heb achtergelaten. Geliefde stormt uit haar werkkamer. De boosheid is van haar gezicht af te lezen: ’Ik krijg van vriendinnen op Facebook het verzoek om gehoofddoekt te gaan stemmen!

Als protest tegen dit stompzinnige protest moeten we onmiddellijk iets ondernemen. Wat denk je ervan om met een wit T-shirt te gaan stemmen met erop een provocerend opschrift tegen nuttige idioten?’ Ik dreig in een hoestbui te stikken. Ik zie nog de foto van vanochtend op Joop.nl van twee stemmende meiden in een te strak groen T-shirt. Tussen hun vetrollen door kon je lezen: ’Ik ga nie stemmûh anders heb ik straks niks te klagûh’. Hoofddoek, T-shirts, jacks met het PVV-logo.

Nooit eerder is een verkiezingsdag door zulke infantiele acties zo ontsierd als vandaag. Een verkiezingsdag in een goed werkende democratie hoort rustig en saai te verlopen. Geen circus en geen polonaise. Nederland glijdt af. Het straatrumoer is de stemhokjes binnengestormd. Ik doe aan die decadente trend niet mee en ga ook geen kerkdienst verstoren. Ook al krijg ik er een kilo hosties voor terug. Bovendien zijn protestacties niet aan mij besteed.

De laatste keer was in november 2004 na de moord op collega Van Gogh. Ik spoot een wit laken vol met de woorden uit een van de tien geboden en hing die aan het balkon: Gij zult niet doden. Toen werd me verteld dat een extreemrechts groepje op hetzelfde idee was gekomen. Ik wist niet hoe snel ik het ding van het balkon moest halen. Ik had spijt van die actie en schreef het op. De volgende dag kreeg ik een mailtje van Femke Halsema waarin ze mij voor mijn terugtrekactie complimenteerde. Hemeltje! Ik kreeg nog meer spijt en besloot nooit, maar dan ook nooit meer te protesteren.

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />