Analí Azic was 26 toen ze hoorde dat ze was opgevoed door een militair van het Argentijnse regime dat haar ouders vermoordde. En dat ze in werkelijkheid Victoria heet.
Eigenlijk wilde ze het helemaal niet over haar eigen leven hebben. „Ik wilde een boek schrijven over Argentinië, en mijn leven leek me een manier om dat te doen,” zegt Victoria Donda. De 32-jarige vrouw oogt kwetsbaar en sterk tegelijk. Niet de kordate vechter met de koele, stoere blik van de omslag van haar boek ’Mijn naam is Victoria’. Maar nog minder een slachtoffer dat zichzelf beklaagt. Ze vindt de omslagfoto maar niks. „Met een verhaal als het mijne willen mensen een serieus persoon zien, iemand die huilt, maar zo ben ik niet. Ik lach altijd, ik probeer vrolijk te zijn. Humor is voor mij een manier om de dingen aan te kunnen.”
Die kracht moet haar redding zijn geweest. Amper zeven jaar geleden kwam haar leven compleet op zijn kop te staan. Ze heette toen Analí, was 24 jaar en dochter van een conservatieve militair en zijn vrouw. Tenminste dat dacht ze. Totdat iemand van een mensenrechtenorganisatie haar kwam vertellen dat ze niet Analí heette maar Victoria, dat ze 26 was, dat haar ouders niet haar ouders waren, dat ze was geboren in een martelkamer en dat haar echte ouders tijdens de dictatuur waren vermoord.
„Ik zie het nog steeds als de ergste dag van mijn leven,” zegt Victoria. Als een zombie liep ze door de stad. Ze zat al diep in de put. Haar (pleeg)vader had net een zelfmoordpoging gedaan, omdat hij werd gezocht wegens misdaden tijdens de dictatuur. Nu bleek de man van wie ze hield niet alleen een misdadiger, maar ook niet eens haar vader. Zijn lot hing ook nog eens af van Victoria zelf. Om zekerheid te krijgen over haar afkomst, moest ze immers DNA afstaan. Maar daarmee zou ze tegelijkertijd het bewijs aanleveren waarmee haar pleegouders jarenlang de cel in zouden draaien.
Haar echte ouders heetten Cori Pérez en José Maria Donda, linkse activisten die door de militaire junta waren opgepakt. Cori werd vastgehouden en gemarteld in de ESMA, het beruchte martelcentrum van de marine. Voor ze werd vermoord, beviel ze van een dochter. Opdat men haar zou herkennen reeg ze blauwe draadjes in de oorlelletjes van het kindje. Twee weken later trokken militairen de baby van haar borst en gaven haar aan een collega. Die noemde haar Analí. Decennia later dook de vroedvrouw op. Ze herinnerde zich de baby van de blauwe draadjes. En ook de naam die haar moeder haar gaf: Victoria.
Op tafel liggen foto’s: portretten, een trouwfoto. Die van haar vader kreeg Victoria pas vorig jaar in handen. „Mijn vader heeft mijn lach, mijn moeder mijn ogen.” Minstens zo opmerkelijk zijn de ideologische overeenkomsten. Sinds haar pubertijd dweept Victoria met Che Guevara. Ze is al jaren actief in arme wijken van Buenos Aires en bij linkse politieke organisaties.
Het leverde felle conflicten op met haar pleegvader, de conservatieve militair. Maar het maakt haar achteraf bondgenoot van de ouders die ze nooit kende. Zonder het te weten zette ze het activisme voort waarvoor haar ouders waren vermoord. „Het is een van de mooie dingen die me zijn overkomen,” zegt Victoria. „Ik geloof niet dat activisme erfelijk is. Maar het te delen met mijn ouders maakt me blij.”
Victoria’s pleegouders zitten in voorarrest. Er hangen hun jarenlange straffen boven het hoofd wegens illegale adoptie. Toch heeft Victoria een goed contact met de man die haar grootbracht. „Hij heeft alles gezegd wat ik vond dat hij moest zeggen. Hij houdt van me en ik hou van hem en we respecteren elkaar met al de verschillen die we hebben,” zegt Victoria. De gebeurtenissen hebben haar milder gemaakt. „Ik heb geleerd dat het leven niet zwart of wit is. Dat er grijstinten bestaan. Je kunt van iemand houden ook al deel je zijn ideeën of zijn daden niet. Ook al heeft hij dingen gedaan die onmenselijk zijn. En ik verander mijn ideeën niet omdat ik van hem hou. Het leven is een grondrecht en iemand die het leven schendt, zeker als hij de staat vertegenwoordigt, moet de cel in. En hij weet dat.”
De kennismaking met haar ’nieuwe’ familie was traumatisch. Drie van haar grootouders leefden niet meer, de vierde woonde in Canada. Ze bleek een oudere zus te hebben die was opgevoed door haar oom, Adolfo Donda. Deze Adolfo had in het hele verhaal een macabere rol gespeeld. Hij was beroepsmilitair en had een hoge positie, uitgerekend bij het martelcentrum waar Cori gevangen zat. Eigenhandig liet hij zijn eigen schoonzus wegvoeren en hij deed niets om zijn eigen broer te redden. Later ritselde hij bij de rechtbank de voogdij over zijn nichtje, de zus van Victoria.
„Zij wist altijd dat haar ouders waren verdwenen en dat ze een zus had. Maar ze ziet het allemaal anders. Ze is gehersenspoeld. Ze verdedigt het gedrag van mijn oom en van het regime,” zegt Victoria. „Het is natuurlijk ook moeilijk te accepteren dat iemand van wie je houdt toeliet dat je vader werd vermoord. En dat hij erbij was toen ze je moeder martelden.”
Onlangs sprak haar zus bij een openbare bijeenkomst over verzoening, maar Victoria gelooft daar niet in. „Hoe kun je je verzoenen met de persoon die je moeder levend uit een vliegtuig duwde? Verzoening is alleen mogelijk als er gerechtigheid is.” Adolfo zit momenteel vast en staat terecht als een van de „grote vissen” in een groot proces tegen officieren van de ESMA. Victoria heeft hem niks meer te zeggen. „Aanvankelijk wilde ik weten waar mijn moeder was, en wat er met mijn vader is gebeurd. Ik weet zeker dat hij het weet. Maar destijds wilde hij me niet ontvangen, en nu hoef ik niet meer. Hij is het niet waard dat ik met hem spreek.”
Victoria werkt liever aan de toekomst. Sinds 2007 is ze lid van het parlement, als jongste in de Argentijnse geschiedenis. „Ik zit daar als mensenrechtenactivist, ik vertegenwoordig de sociale beweging,” zegt Victoria stralend. Nu vecht ze voor een – overigens omstreden – wet die iemand kan verplichten DNA af te staan. Daarmee zou het terugvinden van geroofde kinderen tijdens de dictatuur gemakkelijker worden. „Het is dezelfde strijd als die mijn ouders voerden, als waar mijn moeder voor stond,” zegt Victoria zoals ze ook haar boek afsluit: „Mijn bestaan bewijst dat zij haar doel heeft bereikt en dat Cori uiteindelijk toch heeft gewonnen. En daarom heet ik Victoria: de overwinning.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.