In de film ’Iep!’, naar het gelijknamige boek van Joke van Leeuwen, is de wereld van Viegeltje, een meisje met vleugeltjes dat als ieniminibabietje (prachtige animatie!) door vogelaar Warre onder een struik gevonden wordt, een Nederlands WalloniĆ« geworden.
Er zijn groene heuvels en oude Belgische treinen, maar er is ook de zee, en nieuwe moeder Tine’s gehannes met gezonde boterhammen en gehamer op goed gedrag roept een herkenbaar kleinburgerlijk polderland op.
De ironie herinnert aan de films van Alex van Warmerdam, met dat verschil dat deze glooiende wereld meer eenvoudig dan grimmig is. Op de bus die naar het noorden rijdt staat ’Het Noorden’, op het postkantoor staat groot ’Postkantoor’, en op het gele uniform van de overstuurde brandweerman staat ’Blijft kalm!’.
In het begin zit je er een beetje tegen aan te kijken, tegen het Canadese minimeisje Kenadie Jourdin-Bromley (een meisje met een groeistoornis) dat Viegeltje speelt, maar ook tegen Joke Tjalsma en Huub Stapel als de wereldvreemde, middelbare Warre en Tine met hun kinderlijke, letterlijke gesprekken, erg geestig, typische Joke van Leeuwen taalstreken, maar ook hoekig en vervreemdend.
Maar gaandeweg geef je je gewonnen. Tjalsma lijkt een beetje op een vogel, en ze is heerlijk truttig aan het tutten. Stapel is de juiste goeie lobbes. En Kenadie is anders en ongrijpbaar, precies zoals Van Leeuwens Viegeltje anders en ongrijpbaar is.
’Iep!’ is meer dan een kinderfilm; het gaat over los laten en afscheid nemen, en het zijn vooral de grote ’kinderen’ Tine en Warre die daarmee worstelen. Als kinderfantasie die zowel volwassenen als kinderen raakt herinnert de film aan het recente ook wat moeilijker te plaatsen, maar evengoed prachtige ’Where the Wild Things Are’.
Daarin schuilt ook de bron van het uit de hand gelopen conflict tussen de producenten van Lemming Film en regisseuse Rita Horst. De producenten hebben naar verluidt tien minuten aan dialoog tussen Tine en Warre eruit geknipt om de film kindvriendelijker te maken. Rita Horst liet haar naam vervolgens van de credits halen, Huub Stapel en Joke Tjalsma schaarden zich achter haar.
Een unicum in de Nederlandse filmgeschiedenis (in het door studiobonzen geregeerde Hollywood komt het vaker voor) en eeuwig zonde gezien deze fijnzinnige film, die met zoveel liefde, creativiteit en vakmanschap gemaakt is, maar wel schuurt ergens. Van een ’director’s cut’ zal het niet komen, maar je vraagt je toch af of die tien minuten de film niet lyrischer en vloeiender zouden hebben gemaakt.
Maar ga er toch heen, naar ’Iep!’, met de ganse familie in de krokus, er valt volop te genieten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.