*

 

Een dolk in je rug, dat kan je als activist in Jemen krijgen

Iris Ludeker − 27/02/10, 00:00

Activisten hebben het moeilijk in Jemen. De Jemenitische Nederlander Mogib Hassan werd met een mes bewerkt voor zijn eigen huis.

  • Mensenrechtenactivist Mogib Hassan is gewond aan beide armen. (FOTO JETTEKE VAN WIJK )
  • (Trouw)
  • Mensenrechtenactivist Mogib Hassan is gewond aan beide armen. (FOTO JETTEKE VAN WIJK )

Een spoor van bloed loopt vanaf de straat het appartement van Mogib Hassan in. Van het bloed op de muur tegenover zijn huis, via de poort de trap op, naar de voordeur en de badkamer. De druppels markeren de vluchtroute die de activist nam nadat hij werd aangevallen voor zijn eigen deur.

Hassan is er vandaag niet bij. Hij durft niet meer naar huis sinds een man hem vorige week met een kromdolk (een wapen dat de meeste mannen in Jemen bij zich dragen) toetakelde. Twee familieleden houden de wacht in zijn huis.

Hassan zelf slaapt, na enkele dagen in het ziekenhuis, elke dag op een andere plek. Hij ziet eruit alsof hij van de set van een zombiefilm is weggelopen – zijn armen zitten in het verband, en ook in zijn rug heeft hij een flinke jaap gekregen. In zijn hand is een zenuw geraakt – hij heeft geen gevoel meer in zijn duim.

De 35-jarige Hassan is van oorsprong Jemeniet. Sinds 2008, toen hij terugkeerde van een studieperiode in het buitenland (waaronder vijf jaar in Nederland), probeert hij de gebrekkige mensenrechtensituatie in Jemen aan de kaak te stellen. Hij houdt zich bezig met vrouwenrechten en voert via Hood, de belangrijkste mensenrechtenorganisatie in Jemen, campagne voor de Jemenitische gevangenen in Guantánamo. Hassans eigen neef – opgepakt in Pakistan – zat er lange tijd gevangen. Voor het VPRO-tv-programma ’Metropolis’ maakt hij als freelancer nu en dan reportages over de zaken waar hij op stuit.

Hassan is ervan overtuigd dat zijn verwondingen te wijten zijn aan die activiteiten. Zijn aanvaller benaderde hem met een vraag om rechtshulp. „Dat was al een beetje vreemd, want ik ben geen advocaat. Maar als iemand erom vraagt, dan ben ik altijd bereid te helpen.”

De afspraak eindigde voor de poort van Hassans huis, waar de man plots onaangenaam werd: „Hij riep dingen als ’Je werkt voor buitenlanders, je bent een spion, je hebt geen respect voor onze cultuur’.” Daarna stak hij toe. Hassan verzette zich, en werd uiteindelijk gered doordat een buurman hem te hulp schoot.

Nu is hij bang. „Die kerel wist van alles over me, maar hij was niet slim. Iemand heeft hem gestuurd”. Reden voor extra zorg is dat de belager agent (van de grenspolitie) bleek. Dat staat althans op het identiteitsbewijs dat hij op de grond liet vallen tijdens de schermutseling, en dat Hassans buurman later op straat vond. Hassan loopt inmiddels al dagen met het bewijs rond – hij durft het niet aan de politie te geven. „Ik denk niet dat ze er eerlijk mee om zullen springen.”

De overheid direct beschuldigen van de aanval doet hij niet. „Maar alles wijst in een bepaalde richting”, zegt hij diplomatiek. Uitzonderlijk zou het trouwens niet zijn: intimidatie en vervolging van kritische activisten, onderzoekers en journalisten door de overheid komen in Jemen wel vaker voor (zie kader).

Hassan dacht altijd dat hij redelijk veilig was door zijn Nederlandse paspoort. Maar de Nederlandse ambassade kan nu weinig voor hem betekenen. Er ging deze week een brief naar het Jemenitisch ministerie voor buitenlandse zaken, met de oproep zorg te dragen voor Hassans veiligheid. Ambassadeur Harry Buikema: „De overheid stelde dat niet uit te sluiten valt dat het om een persoonlijke aanval gaat. Ik heb erop gewezen dat er aanwijzingen zijn dat er een groep achter zit, maar veel meer kunnen wij voorlopig niet doen.”

Hassan overweegt intussen om het land te verlaten. „Hoewel ik dat niet wil, want het voelt als een nederlaag”. De colleges over mensenrechten die hij binnenkort zou geven aan een universiteit in Sanaa – een project waar hij lang voor streed – heeft hij alvast afgezegd.

mailIcon print |