*

 

In de Protestantse Kerk moet ruimte zijn voor preciezen én rekkelijken

Door: redactie − 27/02/10, 00:00

De rechtervleugel van de Protestantse Kerk in Nederland vindt dat de linkervleugel uit de kerk gezet moet worden. Daar komt de oproep op neer die de Gereformeerde Bond deed om de vrijzinnigheid uit de Protestantse Kerk te zetten.

Al eeuwen is er strijd onder protestanten in Nederland, en altijd gaat de strijd tussen rekkelijken en preciezen. Begin deze eeuw speelde die strijd weer hevig op in de aanloop naar de vorming van de Protestantse Kerk. De Gereformeerde Bond in de hervormde kerk ging toen na veel onderhandelen mee met die kerkfusie, maar een deel splitste zich af en vormde de Hersteld Hervormde Kerk.

Degenen die wel meegingen met de vorming van de Protestantse Kerk blijven helaas moeite houden met sterk afwijkende meningen binnen hun kerk. Maar je kunt niet meedoen met de Protestantse Kerk om vervolgens tot je verbazing vast te stellen dat binnen dat huis verschillende kamers bestaan. Iedereen die besloot mee te doen met de kerkfusie, wist dat de Protestantse Kerk vele uitingen van christelijk geloof zou verenigen.

Aanleiding tot de hernieuwde uitbarsting van dit eeuwenoude conflict is het boek van de Zeeuwse dominee Klaas Hendrikse ’Geloven in een God die niet bestaat’. Daarin betoogt hij dat God niet bestaat, maar gebeurt.

Zo’n vrijzinnig woordenspel is geen reden om een kerk te gaan zuiveren. De Protestantse Kerk put juist kracht uit haar innerlijke debat. Vrijzinnig versus orthodox, maar ook blij versus bevindelijk geloof, traditie versus vernieuwing en grotestads- versus plattelandsgemeenten, vormen samen de Protestantse Kerk. Veel gelovigen veranderen in de loop van hun leven van ’zwaar’ naar ’licht’ of omgekeerd, velen weten niet zo zeker waar ze bij willen horen. Het is goed dat de pluriformiteit van de Protestantse Kerk christenen helpt hun geloof te beleven langs alle klippen van het leven heen.

De rechtervleugel van de Protestantse Kerk mag, in de vorm van de Gereformeerde Bond, dan goed georganiseerd zijn, zij vormt een minderheid, net als de anderen. De Bond verwijt Hendrikse dat zijn boek ’onrust’ veroorzaakt, maar dat doet de Bond zelf nu ook.

De laatste jaren verandert de behoudende vleugel van de Protestantse Kerk zelf trouwens in hoog tempo. Ook daar is sprake van vernieuwende en behoudende krachten, die elkaar bestrijden maar ook verrijken. En dat is goed zo.

mailIcon print |