*

 

De echte gevaren

Sylvain Ephimenco − 27/02/10, 00:00

Aan het begin van de winter fulmineerde de directeur van Greenpeace op strenge toon: 'klimaatverandering is niet iets om lacherig over te doen als we in Nederland twee weken vorst hebben’.

  • Sylvain Ephimenco (Jorgen Caris)

Twee maanden later zijn er wel redenen om lacherig te doen over deze ietwat overspannen opmerking. Die twee weken vorst bleken achteraf drachtig van een strenge winter, die sinds veertien jaar niet meer in Nederland was voorgekomen. En om zoveel sneeuw in de statistieken terug te vinden moeten we zoeken in winters die meer dan dertig jaar geleden voorkwamen.

Een strenge winter is natuurlijk niet voldoende om de angstverkopers uit de klimaattempel te verjagen. Het klimaat verandert, dit is een feit. Het schijnt zelfs nu in een koudere fase te zijn beland. Wat ook verandert is de perceptie die mensen hebben over deze kwestie. Neem nu de Britten die deze winter in de sneeuw bijna ontkwamen. Volgens opiniepeilingen zijn er nog maar 31 procent (was 44 procent) van diezelfde Britten die in klimaatverandering geloven.

Het vervelende is dat deze ernstige problematiek inzet is geworden van politisering en ideologisering. Grof gezegd vindt links dat de jongste opwarming van de aarde door de hyperconsumerende mens wordt veroorzaakt terwijl rechts dit bestrijdt. Daarom ook lijkt me het laatste boek van de Franse geochemicus en linkse politicus Claude Allègre ’L’imposture climatique’ (het klimaatbedrog) van belang. Claude Allègre was de socialistische minister van onderwijs tussen 1997 en 2000. Al jaren roept hij in alle denkbare fora dat klimaatverandering een natuurlijk verschijnsel is dat de mens alleen maar op een zeer beperkte manier kan beïnvloeden. Hij hekelt ook de ’mystici’ zoals Al Gore die flink geld verdienen aan de klimaatkwestie.

Maar waar Allègre zich werkelijk kwaad over maakt is dat de enorme focus op de klimaatverandering, het zicht op alle andere ecologische problemen vertroebelt die het bestaan van de mensheid bedreigen. Als eerste urgentie die de ’cause première’ van alle problemen is, noemt hij het bestrijden van de overbevolking. Daarna noemt hij bijvoorbeeld de waterschaarste die iedere dag verantwoordelijk is voor de dood van 20.000 mensen. En dan is er nog de honger, de energieschaarste, de afvalverwerking, de vervuiling van zeeën en oceanen. Maar er was praktisch geen staatshoofd aanwezig op topconferenties over honger of water.

Het beeld dat Allègre schetst van een wereld met negen miljard mensen tegen 2050, is op zijn zachtst gezegd verontrustend. Omdat overbevolking vooral Afrika, het Middenoosten, Azië en Latijns-Amerika treft, zal de wereld een vernietigende tweedeling kennen. Een wereld oud en rijk aan de ene kant (met een gemiddelde leeftijd van 65 jaar) en aan de andere kant een wereld jong (35 jaar) en straatarm.

Die laatste zal hypergevoelig worden voor extremistische bewegingen. De migratie naar de oude en rijke wereld zal een bron van conflicten worden. Volgens hem kunnen bijna 100 miljoen Afrikanen de vlucht naar Europa wagen de komende 20 jaar. Misschien wordt het tijd om een ’Kopenhagen’ over overbevolking te houden.

mailIcon print |