Ontwikkelingsorganisatie Solidaridad weigert uitvoerder te worden van bisschoppelijk beleid. De breuk tussen kerk en ontwikkelingsorganisatie is onvermijdelijk.
Sla een blik op het laatste jaarverslag van ontwikkelingsorganisatie Solidaridad en je weet exact waarom de organisatie na veertig jaar breekt met de bisschoppen. Er staat geen kerk in het verslag, wel foto’s van duurzame spijkerbroeken, verantwoord geteelde mango’s en een Max Havelaar-banaan.
Niet dat religie geen rol speelt bij Solidaridad, maar de aandacht gaat vooral uit naar de emancipatie van boeren, een beter milieu, een versterkte positie van inheemse volken en armoedebestrijding. In vrijwel elke grote keten in de wereld, of het nu de suiker- of sojaketen is: Solidaridad duikt overal op. Het geloof is de inspiratiebron, de economie het voertuig, de emancipatie en de verlossing uit de armoede zijn het doel. Dat typeert Solidaridad het beste.
De organisatie, nadrukkelijk vormgegeven door theoloog Nico Roozen, heeft met de bisschoppen gebroken. Een weg terug is er niet. De bisschoppenconferentie heeft na ruim een jaar onvruchtbaar overleg met onder meer Solidaridad en Cordaid besloten meer invloed te willen uitoefenen op de door hen gehanteerde agenda en daarbij behorende ontwikkelingsprestatie. In het nieuwe model van de bisschoppen worden ’kerkelijk vergaarde middelen onder kerkelijke zeggenschap’ gebracht. Onder kerkelijk vergaarde middelen verstaan de bisschoppen collectegelden, marketingacties en donaties uit legaten en erfenissen. Die legaten en erfenissen lopen niet via de rk-kerk, maar vloeien rechtstreeks naar Solidaridad.
Voor de marketingacties geldt hetzelfde. Dat geld wordt opgehaald met een adressenbestand dat eigendom is van Solidaridad en de actie is gebaseerd op inspanningen van die organisatie. De kerk vindt in tegenstelling tot Solidaridad dat die gelden onder kerkelijke zeggenschap vallen. Het gaat daarbij om 3 miljoen euro. Solidaridad kan daarna op basis van kerkelijke prioriteiten fungeren als uitvoerder van het project.
De aanspraak van de kerk op de collectegelden, rond zeven ton op jaarbasis, is wellicht te onderbouwen. De kerk neemt de organisatie op in het collecterooster, het geld wordt in de kerk opgehaald. Maar maakt het dat geld tot een kerkelijk vergaard middel? Er is alles voor te zeggen ’nee’ te antwoorden. Ja, de kerk heeft het recht om een licentie te geven voor het laten rondgaan van de collectezak. Maar ontstaat daarmee ook een recht om richting te geven aan de besteding? Niet vanuit het perspectief van de gever. De collecte gaat gepaard met informatiemateriaal en preken gemaakt door Solidaridad. Daarbij komt, en daar waakt het Centraal Bureau Fondsenwerving over, dat gevers duidelijk moeten weten aan wie ze geld geven en voor welk doel. Dat doel is te halen uit het jaarverslag: een handelsketen met eerlijke mango’s, niet de opbouw van kerken, zoals de bisschoppen met hun nieuwe motto ’kerken helpen kerken’ willen.
Dat de breuk nu ontstaat, is niet zo gek. De afgelopen vijf jaar heeft Solidaridad 20 miljoen euro van de overheid gekregen. Voor de periode 2011 tot en met 2015 is met het WereldNatuurFonds (WNF) 68 miljoen gevraagd, waarvan 20,5 miljoen door WNF. Dat is niet zonder voorwaarden. Zo moet de subsidievragende organisatie zelf vrij beschikbare gelden inbrengen. De greep in de kas van Soldaridad doordat de bisschoppen 3,7 miljoen onder hun zeggenschap brengen, komt daarom slecht uit. Het roept de vraag op of de overheid belasting-euro’s met kerkelijk vergaarde middelen moet mengen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.