*

 

Artsen in spe: vrouwenbesnijdenis melden als kindermishandeling?

Maartje Bakker − 01/02/10, 00:00

Geneeskundestudenten bezochten dit weekeinde een congres over vrouwenbesnijdenis. Ook in Nederland krijgt een arts daar mee te maken. „De wereld komt naar hen toe.”

  • In het Leids Universitair Medisch Centrum vertellen Afrikaanse vrouwen over besnijdenis. (FOTO JOÿL VAN HOUDT)

„Het gebeurde tijdens de schoolvakantie”, vertelt Fatoumata Diallo, die uit Guinee komt en nu in Groningen woont. „Mijn zusje en ik werden naar het ziekenhuis gebracht en tussen andere meisjes gezet, allemaal tussen de zeven en twaalf jaar. We zouden worden besneden. Toen ik aan de beurt was, moest ik gaan liggen en de dokter bond mijn armen en benen vast. Zonder verdoving sneden ze mijn clitoris en een deel van mijn schaamlippen eraf. Het bloedde ontzettend. Ik moest twee zwarte onderbroeken aan, zodat je het niet zag. Het deed ondraaglijk veel pijn. Ik heb dagenlang op een matras liggen creperen.”

Diallo vertelt haar verhaal aan een collegezaal vol geneeskundestudenten. Zij hadden zich afgelopen weekend verzameld in Leiden voor een congres over vrouwenbesnijdenis. Edna Adan Ismail, voormalig minister van buitenlandse zaken in Somaliland (een autonome regio van Somalië), loopt voorop in de strijd tegen vrouwelijke genitale verminking. Zo drukt ze zich ook uit: strijdvaardig, in oorlogstermen. „We moeten de vijand bevechten”, zegt ze in haar toespraak. „En als eerste de vijand die de meeste schade berokkent: de faroïsche besnijdenis.” Bij die vorm van besnijden wordt niet alleen de clitoris verwijderd, maar ook de kleine en grote schaamlippen gaan eraf. Daarna wordt een meisje dichtgenaaid, met een kleine opening om te kunnen plassen. Als ze trouwt, maakt haar man haar open wanneer ze met hem naar bed gaat.

Maar wat heeft een vrouw uit Somaliland aan Nederlandse studenten te vertellen? Adan Ismail: „Als deze studenten gaan werken in een ontwikkelingsland, zullen ze onherroepelijk met vrouwenbesnijdenis te maken krijgen. En zelfs als de studenten hier blijven, komt de wereld naar hen toe.”

Dat beaamt Marja Exterkate, die zich met vrouwenbesnijdenis bezighoudt bij een Nederlandse maatschappelijke organisatie. Volgens Exterkate worden er ieder jaar vijftig meisjes besneden die in Nederland wonen. Er gaan geruchten dat ze daarvoor naar Groot-Brittannië, Italië of Afrika worden gebracht. Van alle vrouwen uit risicolanden – landen waar meisjesbesnijdenis wordt toegepast – die in Nederland bevallen, is vier op de tien besneden.

Exterkate pleit ervoor om genitale verminking te melden als kindermishandeling. Voor de artsen in spe betekent dit een moeilijk dilemma. Want wie melding maakt van kindermishandeling, kan een vertrouwensrelatie met de patiënt vaarwel zeggen. Dat vindt ook Floris Barthel, derdejaars geneeskunde in Amsterdam. „Als je vrouwenbesnijdenis meldt als kindermishandeling, worden de ouders bestraft. Dat is niet terecht, want de ouders hebben het beste met hun dochter voor. Ik ben resoluut tegen straffen wanneer er een andere cultuur in het spel is. Met wederzijds begrip kun je volgens mij beter tot een gedragsverandering komen.”

Vijfdejaars geneeskunde Eline van Königslöw zou het juist wel melden als ze zou ontdekken dat een meisje besneden is. „Als heel veel artsen het melden en het duidelijk wordt dat er een straf op staat, kan vrouwenbesnijdenis misschien worden gestopt.”

mailIcon print |