Bij de Vereniging Eigen Huis hangen ze steeds vaker ontdaan aan de lijn. Huiseigenaren die net van hun bank een nieuw voorstel hebben gekregen met een rente die soms twee procent boven hun vorige percentage ligt.
Op een leenbedrag van twee ton betekent dit een verhoging van 4000 euro per jaar, exclusief de renteaftrek.
Dat is een lelijke tegenvaller, maar hadden die mensen dat niet van tevoren kunnen zien aankomen? Jazeker. Veel huiseigenaren besloten aan het begin van deze eeuw om hun oude hypotheek met vaak hoog rentepercentage over te sluiten. Het openbreken van de hypotheek kostte geld, maar dat werd ruimschoots goedgemaakt door het veel lagere rentepercentage dat zij voortaan gingen betalen. Met een beetje onderhandelen kregen zij soms een aanbieding van drie procent voor een rentevaste periode van vijf of zeven jaar. Daar komt ooit een einde aan.
Toch zijn veel mensen verontwaardigd, volgens Manon van Essen van Vereniging Eigen Huis (VEH). „Vaak krijgen klanten hun nieuwe aanbieding pas een paar weken voordat de termijn afloopt. Dat is technisch vaak te laat om nog een nieuw hypotheek te regelen bij een andere bank. Je moet dan afspraken maken voor een offerte van andere banken; dat kost veel tijd. De banken willen tijd om te beoordelen of zij met jou in zee willen gaan. En vervolgens moet je nog op zoek naar een notaris die ook weer zaken moet regelen.”
Ook de Consumentenbond krijgt veel klachten over banken die te laat een nieuw aanbod doen en vervolgens een weinig klantvriendelijke houding aannemen. Een onderzoek van de bond wees eind vorig jaar uit dat eigenlijk alleen Aegon en Afab hun klanten drie maanden van tevoren een seintje over het aflopen van hun hypotheek gaven. Bijna alle andere banken deden dit pas een maand voor de einddatum.
Volgens Edmond Hilhorst van vergelijkingssite Independer is dit al jaren een probleem. „Banken peinzen er niet over om dit te veranderen. Het is in hun belang dat klanten geen tijd hebben om naar de concurrent te gaan. Bij bestaande klanten kunnen ze een hoger rentepercentage in rekening brengen. Voor nieuwe afnemers moeten zij concurreren met anderen.”
Een ander probleem is dat veel mensen volgens Van Essen van VEH het nieuwe aanbod als zeer onredelijk ervaren. Zij vallen dan over het zogeheten tweesporenbeleid van geldverstrekkers. Nieuwe klanten worden gelokt met een ’instappercentage’, die veel lager is dan het percentage dat vaste klanten krijgen aangeboden. ’Ben je daar nu jaren vaste klant voor geweest?’ „Mensen voelen zich geketend aan hun bank doordat een overstap naar een concurrent een aanzienlijk bedrag kost.” Dat levert frustraties op als banken met een voorstel komen dat neerkomt op slikken of stikken.
Het aantal Nederlandse huishoudens dat komend jaar met een aanzienlijke verhoging van hun woonlasten komen te zitten, is niet met zekerheid vast te stellen omdat dit niet echt centraal wordt bijgehouden. Volgens een onderzoek van VEH eind 2008 staat bij ruim tachtig procent van de Nederlandse huiseigenaren de rente voor een langere periode – tien tot twintig jaar – vast. Een groep van ongeveer 260.000 eigenaren krijgen deze jaren te maken met een hoger rentepercentage.
Dat huishoudens financieel in de problemen komen door de fors hogere woonlasten staat wel vast. Veel gezinnen zijn extra kwetsbaar door de aard van hun hypotheek. Sinds een jaar of tien vijftien is het gemeengoed geworden om een aflossingsvrije hypotheek af te sluiten. Als je niet aflost, tikt een renteverhoging des te harder aan. En dat geldt des te meer voor mensen met een tophypotheek.
Een oplossing is de keuze voor een rentevaste periode van één jaar. Het rentepercentage voor een jaar ligt nu ruim één procent onder dat voor een periode van tien jaar. Uit cijfers blijkt dat veel mensen daarvoor kiezen. Eind vorig jaar maakte het CBS bekend dat twee keer zoveel huizeneigenaren kozen voor een rentevaste periode van één jaar ten opzichte van het jaar ervoor.
Een andere oplossing is een overstap naar een andere geldverstrekker. Maar dat is zoals gezegd niet eenvoudig. Want behalve veel gedoe en tijd kost dit geld – notaris, kadaster en afsluitprovisie – wat ongeveer anderhalf tot twee procent van de leensom kan bedragen. Mensen moeten dan gaan rekenen. Zijn ze bij de concurrent 0,2 procent goedkoper uit met een vaste periode van tien jaar, dan scheelt dat twee procent. Dat is het bedrag dat je kwijt bent aan kosten. „Je moet je kortom afvragen of je daar al het gedoe voor op de hals wilt halen”, aldus Hilhorst. Een overstap wordt pas lonend als het verschil 0,3 procent of meer bedraagt.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.