*

 

Zwart Amerika wordt ongeduldig

Frank Kools − 20/01/10, 00:00

De Newyorkse wijk Harlem is nog altijd apetrots op president Obama. Maar zijn ’brothers’ wachten met stijgend ongeduld tot hij ook iets voor hen doet.

  • (Trouw)

Julius Frazier weet nog goed hoe apetrots, emotioneel én van slag hij een jaar geleden was, toen hij Barack Obama als eerste zwarte president van Amerika beëdigd zag worden. „Iets van dat gevoel heb ik nog steeds als hij namens Amerika spreekt op internationale bijeenkomsten.”

De gepensioneerde klerk van een expeditiebedrijf uit de Newyorkse wijk Harlem draagt zijn trots nog altijd uit. Hij heeft twee intussen verschoten posters van Obama voor de ramen hangen, achterin van zijn oude terreinwagen. Samen met bordjes waarop ’begrafenis’ staat, want soms verdient Frazier bij door in een lijkstoet mee te rijden.

„Hij doet het helemaal niet slecht”, kijkt Frazier terug op Obama’s eerste jaar. Hij vindt het te vroeg om het werk van de 44ste president te beoordelen. „In zijn eerste jaar moest hij vooral de puinhopen van zijn voorganger opruimen.”

Dat volgens opiniepeilingen intussen nog niet de helft van de Amerikanen positief over Obama oordeelt, wuift Frazier weg. „Geen enkele president werd in zijn eerste jaar gewaardeerd. Geef de man de tijd. Het enige wat je kunt zeggen is dat Obama echt probeert dingen te veranderen.”

Het zijn gevoelens die breed gedeeld blijken te worden in Harlem, dat nog altijd geldt als de hoofdstad van zwart Amerika.

In lunchroom Manna aan de Malcolm X- boulevard hangen aan de wanden schilderijen en foto’s van de vermoorde burgerrechtenkampioen Marten Luther King en van jazzlegendes die Harlem heeft voortgebracht. Boven de kassa prijkt een verse Obama-poster.

Kritiek willen ze daar niet horen. Sieraadontwerpster Donna Givens is immens trots op de eerste zwarte president. „We hebben nooit iemand in het Witte Huis gehad, die zo met de mensen begaan is en die zo oprecht is. Als hij een fout maakt, dan erkent hij dat publiekelijk.” In haar ogen is zijn grootste verdienste dat de Amerikaanse economie zich langzaam herstelt.

Maar na wat aandringen komt Givens toch ook met minpunten. Ze vond het „erg minnetjes” dat Obama via de media David Paterson, de eerste zwarte én blinde gouverneur van de staat New York, het advies gaf zich dit najaar niet herkiesbaar te stellen, omdat hij toch kansloos zou zijn. „Dat riepen de mensen ook over hem. Dat uitgerekend Obama een zwarte politicus vertelt dat hij kansloos is.”

Ook met zijn besluit extra troepen naar Afghanistan te sturen, had ze het moeilijk. „Mijn eerste reflex was: alle soldaten moeten nu naar huis! Maar ik wil Obama toch het voordeel van de twijfel geven. Ik denk dat er in Afghanistan veel dingen spelen, waar de gewone burger geen kijk op heeft.”

De soms harde kritiek op Obama verrast haar niet. „Omdat hij zwart is. Zwarten zijn het gewend om hard aangepakt te worden vanwege hun ras. Wij hebben een dikke huid en een sterke rug. Die kritiek raakt hem niet. Hij is geen gewone politicus, die altijd lacht en mooi praat, zoals een gladde autoverkoper. Obama wil Amerika veranderen en heeft geen tijd voor wat de mensen zeggen.”

Ook bewaakster Jenise Miller denkt dat Obama vaak alleen hard wordt bekritiseerd omdat hij zwart is. „Hij doet het gewoon goed.” Al oordeelt Miller zelf bij nader inzien hard over zijn gebrek aan leiderschap in het debat over de zorghervorming. „Waarom laat hij dat zo aanslepen? Hij had vanaf het begin aggressiever en duidelijker moeten zijn over wat hij wil.”

Van Obama’s belofte om change naar Washington te brengen, is nog niet veel terecht gekomen. Maar daar is het ook nog te vroeg voor, meent Miller.

Klasse-assistent Kathleen Cato ziet het anders. „Hij heeft meer geld gestopt in voedselbonnen voor de armen dan Bush. Ook is hij bezig iedereen een ziektekostenverzekering te helpen. Dat is change. En dat is ook heel goed voor de zwarte gemeenschap.”

Maar niet iedereen ziet dat zo. Vorige maand liepen leden van de Black Caucus, het verband van zwarte Congresleden, weg uit een vergadering uit het Huis van Afgevaardigden. Ze waren het zat dat uitgerekend de regering van de eerste zwarte president tot dusver de aparte noden van de zwarte gemeenschap negeert. De werkloosheid onder zwarten staat op 16 procent – bijna twee keer zoveel als onder blanken.

De afgevaardigden dreigden cruciale stemmingen te boycotten als Obama niet snel iets voor de zwarten zou doen. Hun actie had succes. De regering-Obama breidde meteen de hulp uit aan achterstandswijken, waar veel minderheden wonen.

Voor John Gates, een pedagoog van de universiteit van Harvard, die in Harlem woont is de frustratie van de Black Caucus herkenbaar. „Ik ben heel teleurgesteld in Obama dat hij consequent het debat over ras in de Verenigde Staten uit de weg gaat en zich totaal niet identificeert met de worstelingen van de zwarte gemeenschap. Ik begrijp dat dat het politiek verstandiger is om niet als een zwarte president gezien te worden. Toch vind ik dat hij een bijzondere verantwoordelijkheid heeft tegenover de gemeenschap.”

„Mensen hier zullen die kritiek niet gemakkelijk uiten, omdat ze – terecht – heel trots zijn dat een brother het tot het Witte Huis geschopt heeft. Maar de zwarten zullen niet op alles ’amen’ blijven zeggen vanwege Obama’s huidskleur”, meent Gates.

mailIcon print |