*

 

'Against all' lijkt in Oekraïne het beste

Victoria Koblenko − 19/01/10, 09:18

Daar stond ik, oog in oog met een moordenaar. Zijn strafblad was, gezien zijn minderjarige leeftijd, wat je 'indrukwekkend’ zou noemen. Ik vroeg of ik een paar minuten alleen met hem mocht zijn in de ruimte.

  • (Jörgen Caris, Trouw)

De opzichter waarschuwde me dat hij buiten, op vier meter afstand, de (gewapende) wacht zou houden. Sergei vertelde me zelf over de verkrachtingen en doodslag. Zijn ogen keken niet anders dan een willekeurige andere jongen op straat. Dat laatste, meer dan zijn misdaden, boezemde me toen ik weer buiten stond angst in. In tegenstelling tot wat je jezelf inbeeldt kun je niet altijd zien waartoe iemand in staat is.

In dezelfde gevangenis heeft de toekomstige president van Oekraïne ook gezeten. In 1968 werd hij als lid van de criminele groepering ’Pivnovka’ opgepakt voor diefstal. In 1970 voor lichamelijk geweld. Jaren later zijn er pogingen gedaan de veroordelingen ongedaan te maken op basis van vermeende juridische fouten. De mensen die Janoekovitsj hebben geholpen deze pogingen te ondernemen zijn ongetwijfeld ook zijn adviseurs geweest bij de vraag ’hoe perfectioneer mijn diefstalpraktijken zonder mijn strafblad aan te vullen’. Daar is niet alleen Janoekovitsj bedreven in. Timosjenko is er op z’n minst even goed in. En daarom sieren de twee presidentskandidaten al maanden verkiezingsposters in Oekraïne met een heldere boodschap: ’Word IK president–gaat ZIJ de bak in. Wordt ZIJ president–ga IK de bak in’. De schaamte voorbij.

Wat kies je dan als burger van een land dat de afgelopen negentien jaar nauwelijks in de buurt van volwassenheid is gekomen? Het kiesrecht waar zo lang voor is gevochten blijkt niet altijd een zegen. De optie against all op het stembiljet lijkt op dit moment het enige legitieme instrument tegen de zogenaamde bezpredel, de wantoestanden in nieuwe staten zoals Oekraïne.

Ik was waarnemer bij de vorige parlementsverkiezingen, een paar jaar jaar geleden. Toen viel deze democratische wanhoop me al op. Ondertussen heeft Viktor Fjodorovitsj zijn provinciale mantel afgeworpen. Hij liet zich een maatpak aanmeten, leerde Oekraïens praten en zette een professioneel pr-apparaat op om zijn imago te verbeteren. Waar Janoekovitstj vroeger niet onder deed voor Bush zijn ’I love the Dutch capital of Kopenhagen’ schuwt hij in vloeiend Oekraïens geen redevoering meer. Julia Vlodimirovna was in de tussentijd gepromoveerd in symtoombestrijding. Als echte Jeanne d’Arc bevocht ze de corruptie met een zijden handschoen. Niet te hard natuurlijk, anders wordt de beige Louis Vuitton- handschoen vies. Tegen de verkiezingsstijd kwamen er meer demonstratieve maatregelen. Wat handelsprotectionisme hier, tijdelijk verhogen van sociale uitkeringen daar. Op twee blonde vlechten en een parelketting win je geen presidentsverkiezing. En dan is er nog de derde ’boze stiefzuster’ in dit Oekraïense volkssprookje, Viktor Joesjtsjenko. Merci, adieu! Met 6% stemmen bij de eerste ronde van de presidentsverkiezingen gisteren lijkt Joesjtsjenko behalve zijn vijf kinderen weinig erfgoed na te laten voor Oekraïne. Het volk stelt zich de vraag wie meer misdaad op z’n geweten heeft. Hij die vijf jaar de staat heeft laten kaalplukken of zij die al dan niet met een strafblad in de luwte de staat hebben kaalgeplukt?

Het democratische sprookje in Oekraïne biedt weinig keus. Er is geen keuze tussen goed of kwaad. Kiezen tussen zwart en wit kan alleen in sprookjes. In het echte leven is de keuze vaak tussen de talrijke astinten.

Het woord voor stembus is in het Oekraïens synoniem aan het woord voor urn. De eerste internethumor na de eerste ronde van de verkiezingen laat weinig te raden over. Zet een rood kruis op de crimineel die je graag in een urn wil stoppen, en je hebt aan je vaderlandsplicht voldaan.

mailIcon print |