Het was zonder meer spectaculair. HP/De Tijd liet een jonge vrouw maandenlang zogenaamd stage lopen bij de fractie van de Partij voor de Vrijheid.
Zij maakte wel haar ware naam bekend, maar niet haar ware bedoelingen: een verslag van binnenuit. Naar eigen zeggen had Karen Geurtsen eerst netjes gevráágd of ze als journalist bij de partij mocht kijken. Toen dat niet lukte, besloot ze undercover te gaan.
Geheel volgens opzet wist het blad er vorige week flink aandacht mee te trekken. Hoofdredacteur Jan Dijkgraaf moet een tevreden man zijn. Met een lezersschare die zo rap slinkt als de zijne (HP/De Tijd verloor in één jaar tijd bijna een kwart van zijn oplage) kan hij een beetje tamtam goed gebruiken. In zijn begeleidend redactioneel repte de man stoer van ’informatie vergaren’, opdat de ’intelligente zwevende kiezer’ zelf kan beoordelen of de partij deugt. Bovendien had de undercoveroperatie volgens hem aangetoond dat er iets ’goed mis’ is met de beveiliging van ’s lands meest bedreigde politicus. „En dat moet echt anders. Vandaag nog.”
Bij de PVV zelf leken ze minder overtuigd van nut en noodzaak. „Op valse voorwendselen bij ons binnengekomen dus”, twitterde Geert Wilders. „Nieuw dieptepunt voor linkse media. Smerig!”
Nu zou elke partijleider even uit z’n humeur raken als hij ontdekte dat die vriendelijk ogende stagiaire maandenlang met geheime bedoelingen in de fractiekamers had rondgelopen. Maar was Wilders’ verontwaardiging oprecht?
Sommigen betoogden dat hiervan nu geen sprake was. De gelederen gesloten houden is immers niet wettelijk verboden, ook niet voor een politieke partij.
Dat klopt. En toch is die redenering te preuts. Er zijn méér gremia die niet van pottenkijkers houden. Bedrijven met een dubieuze reputatie bijvoorbeeld. Of religieuze bewegingen. Juist clubjes die krampachtig buitenstaanders proberen te weren, kweken achterdocht.
Zelf heb ik me ooit onder valse voorwendselen aangemeld als aspirant-lid bij een new-agesekte – om de eenvoudige reden dat ik de griezelverhalen over seksuele intimidatie en machtsmisbruik wilde verifiëren. Langs de koninklijke weg was ik die Drentse boerderij nooit binnengekomen. Nu lukte dat moeiteloos en werd ik enthousiast onthaald. Heel leerzaam, ik kan niet anders zeggen. Na afloop kon ik de ervaringen van ex-volgelingen uitvoerig beamen én beschrijven.
Bij de PVV zijn zelfs op gewone publieke bijeenkomsten journalisten niet welkom. Dan wordt de verleiding wel heel groot om eens op minder elegante wijze binnen te dringen. Wat zou daar op tegen zijn?
Eigenlijk niets. Alleen moet het resultaat dan wel opwegen tegen het gepleegde bedrog. Is dat hier het geval?
In de eerste aflevering beschreef de nepstagiaire hoe onbeholpen de fractieleider reageerde op haar uitgestoken hand. „De kans om zijn nieuwe aanwinst uitvoerig te bevragen”, concludeerde ze gewichtig, „liet hij onbenut.” Alsof pakweg Wouter Bos wél geïnteresseerd zou zijn in de zieleroerselen van een stagiaire?
Interessanter is de aflevering die deze week in het blad staat. Daaruit blijkt zonneklaar dat de meest hermetische partij van Nederland geobsedeerd is door maar één ding: hoe genereren we zoveel mogelijk ’media-aandacht’. We hebben ze, zegt een beleidsmedewerkster, ’heel hard nodig’. „Zonder de linkse media waren we niet zo groot.”
Het zet, zou ik zeggen, de verontwaardiging van de fractieleider op z’n minst in een ander licht.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.