Ga direct naar de content

Column Suurmond
4 augustus 2009
Jean-Jacques Suurmond

Elk mens ziet zijn of haar eigen olifant

Als predikant is taal de grondstof waarmee je werkt, zeg ik tegen een groep nieuwe theologen. Ze zijn aan het eind van hun opleiding gekomen. Ze moeten dit seminar volgen in een laatste – vermoedelijk vergeefse – poging ze in model te kneden als predikant of geestelijk verzorger.

Taal is een rare grondstof. De grondstof van bijvoorbeeld een schilder is verf. Die smeert hij op een doek en in een magische transformatie wordt de verf een olifant. ’Kijk, dat is een olifant’, zeggen we dan.

Taal werkt heel anders. Taal bestaat bij de gratie van een werkelijkheid die er niet is. Als ik zeg ’olifant’, is er nergens een dikhuid te bekennen. Wat wel gebeurt is dat in de verbeelding van mijn gehoor alle slurven, flaporen en rimpelhuiden uit hun herinnering samengevoegd worden tot een olifant die voorbij stampt. Waarbij elk weer een andere olifant ziet.

Je preekt over iets, maar de mensen horen iets anders. Nooit vergeet ik hoe iemand mij na de kerkdienst eens enthousiast bedankte. Hij had uit mijn preek precies het tegenovergestelde gehaald van wat ik bedoelde. In het begin deed ik nog moeite om duidelijk te maken dat mijn olifant grote oren heeft in plaats van de kleine die hij zo ontroerend vond. Maar daar ben ik al snel mee gestopt.

Want waarom vind ik het eigenlijk zo belangrijk dat mijn woorden precies zo overkomen als ik bedoel? Ben ik niet defensief bezig? Ik heb me erbij neergelegd dat elk mens zijn of haar eigen olifant ziet. Zoals ook elk mens zijn eigen God ziet. Met kleine, grote of zonder oren.

Als mensen mijn woorden dan toch anders oppakken dan ik bedoel, zorg ik dat ik ze een stap voor ben. Ik zeg iets anders dan ik bedoel. Als ik het over een olifant met lange slagtanden wil hebben, vertel ik soms juist over een dikhuid met kleine. Kortom: ik gebruik ironie. Dat houdt het licht en is tegelijk ontregelend. Mensen in verwarring brengen vind ik een voorname taak van een predikant. De jonge theologen protesteren. Ze willen het graag ’goed’ doen en professioneel overkomen.

Toch kan er dan wel iets gebeuren, antwoord ik. Ironie haalt de vanzelfsprekende houding onderuit waarin mensen doen alsof er een een-op-eenrelatie bestaat tussen hun woorden en de werkelijkheid. Maar het woord ’olifant’ is niet hetzelfde als het slurfbeest. Evenmin is het woord ’God’ gelijk aan God. Ironie opent – als dat zou mogen, als dat zou kunnen – voor datgene (Datgene?) wat taal, inclusief bidden en theologiseren, overstijgt.

Zoals gezegd, is dit een ander aspect van die raadselachtige grondstof taal. Daarmee verwijs je niet alleen naar olifanten die er niet zijn, je stelt die tegelijk present. Luisteren is een minder rationele bezigheid dan lezen. Vandaar dat het geloof uit het horen is en niets zo diep binnen kan komen als muziek. In een kerkdienst zit de luisteraar onder de levende adem (’roeach’) van de prediker die uit de woorden van de Schrift een tekstballon, een wolk vormt waarin God voorbij trekt als bij Mozes – in grote droefheid en luister. Er gebeurt iets. Je wordt geraakt op diepe lagen. Een goede preek kun je dan ook niet navertellen, zegt Hein Blommestijn van het Titus Brandsma Instituut. En als je het toch probeert, komt ieder dus met een andere preek.

Dit is een belangrijk verschil met het wetenschappelijke discours waarin het erom gaat je argumenten helder en eenduidig over het voetlicht te krijgen. Een preek is een heel ander genre. Die veronderstelt wel intellectuele kennis, maar zodra je op de kansel staat moet daar weinig van te merken zijn. Daar stort je jezelf uit, als een kind in zijn spel, in woorden die eerder literair dan academisch zijn.

Een wetenschappelijk artikel probeert afwezige olifanten zo nauwkeurig mogelijk te analyseren, te definiëren en te categoriseren. Een preek echter is zélf de werkelijkheid die zich voltrekt op het moment dat die uitgesproken wordt. Hoor ik daar niet gekraak van takken, klinkt daar niet getrompetter?

Een wetenschappelijke tekst is geslaagd als die door iedereen op dezelfde wijze begrepen wordt. Maar misschien is het wel een klein pinksterwonder als een preek bij de hoorders verschillende dingen oproept. Ja, een preek hoeft qua bijbeluitleg zelfs niet wetenschappelijk correct te zijn. Van de rabbijnen en kerkvaders tot en met de ’black preachers’ weten we dat een onjuiste exegese toch een schitterende preek op kan leveren. In de kerkdienst gaat het niet om geleerdheid, maar Aanwezigheid; niet om het boek, maar de roep; niet om de tekst, maar de tafel.

De jonge theologen schuiven onrustig op hun stoel. Want een verkeerde bijbeluitleg leverde hun altijd een onvoldoende op.

Kerk, zet je schrap: er komt een lichting verwarde theologen aan.

© Trouw 2010, op dit artikel rust copyright.

Reacties (18)

als prediker herken ik t: de hoorder maakt zn eigen verhaal.
en t gaat uiteindelijk kom aanwezigheid, en misschien uitstraling.
mn ervaring in de PKN kerken is dat ironie niet wordt begrepen.
ik heb t ooit eens'onze goede vriend en broeder wilders' gehad,
toen t om die horden ging; en dat ik daarna zijn 'bijdrage' belachelijk maak ...ach: de kudde huivert dan al en slaat de armen en benen over elkaar.
Ironie is in de kerk ijdele hoop.
(in dit geval is er nog iets goeds in).
Maar ik ben t ditmaal wel helemaal met S eens.
tjonge; het kost wel een heel mensenleven voor je zover bent lijkt t.
Hoe was Suurmond zelf een aantal jaar geleden?

Nanne Scholtens, Bergen op Zoom op 12-08-2009, 15:06

Het Woord geschiedt in de preek, 't is mooi, ja ja, maar ik word toch niet altijd vrolijk van de verbale trouvailles van jonge spitsvondige prekers en groene geesten, die zich vermeien in postmoderne Spielerei bij gebrek aan innerljke bezieling of levenservaring. Het wordt pas echt leuk als het Woord ook aan de geachte preker geschiedt, met of zonder ironie. Ik hoef niet ontregeld te worden door een jonge verwarde theoloog. Laat die vooral gewoon zijn of haar huiswerk doen en getrouwelijk de Schrift uitleggen, bescheiden en naar eer en geweten.

piscator, Houten op 11-08-2009, 18:13

Een theoloog op de kansel is een schriftgeleerde, niet meer of minder. Zijn kwaliteiten als acteur, dichter of redenaar bepalen de kwaliteit van een preek. De wetten van de rede spelen hier geen rol meer. Het zijn bepleiters van een mythe, verwarring is er inherent aan.

henri, hilversum op 11-08-2009, 14:08

Geachte heer Suurmond.

Een interessant artikel en misschien zijn predikanten wel nodig om mensen in verwarring te brengen omdat ze zich misschien teveel aan hun eigen mening en beelden gaan vasthouden.
Dat doet me denken aan een Indiaanse clown (Heyoka).
Als het koud is loopt hij in een zwembroek Is het warm dan gaat hij in een winterjas Moet hij vooruit rijden dan rijdt hij juist achteruit.
Dat is ook allemaal om mensen in verwarring te brengen geeft stof tot nadenken.

Gilbert.

Gilbert, Middelburg op 09-08-2009, 13:35


de uitkomst na een preek moet gelijk zijn aan de preek van pinksteren
n.l. we weten het niet meer
"wat zullen we doen mannenbroeders?".
Had die dominee "de geest of teveel van de zoete wijn gedronken?"

T Broere, Rotterdam op 09-08-2009, 11:50

Ironisch omdraaien van traditionele teksten. Preken presenteren als abstracte schilderijen. Niet het boek maar de tafel. Gezellige vernissage. Voor elk wat wils. Beklagenswaardige gelovigen...

M van Wuyckhuyse, La Baule (Fr) op 07-08-2009, 10:54

Zoals zo vaak weer een prachtige tekst van Suurmond waarin hij op heerlijk relativerende manier orerende dominees aan het spit rijgt. Prachtig, die speelse verwijzingen naar Pinksteren, waarin in hij in zijn ironie de betekenis van de traditionele tekst juist omdraait. Verrukkelijk om dit soort teksten iedere veertien dagen te mogen lezen. Ze dragen bij aan een ontspannen manier van geloven.Het kan niet anders of velen zullen met mij hier erg gelukkig mee zijn. Dank!

Henk Lemckert, Den Haag op 06-08-2009, 23:11

Met Pinksteren hoorde ieder het Woord in zijn eigen taal. dat is er dus nog steeds .En mooi verwoord in dit vehaal . Het Pikstervuur is nog lang niet gedoofd .

Marijke v Doorne, Spijkenisse op 06-08-2009, 21:23

In zijn overigens goed geschreven stuk heeft de heer Suurmond het over 'een klein pinksterwonder als een preek bij hoorders verschillende dingen oproept'. Volgens mij is dat nu juist het omgekeerde van een pinksterwonder...

Van Wuyckhuyse, La Baule (Fr) op 05-08-2009, 22:56

Citaat: "Mensen in verwarring brengen vind ik een voorname taak van een predikant" einde citaat

Wat goed! Wat intellectueel en hooggedacht! Weledelzeergeleerd!
Dacht ik ik mijn kinderlijke naiviteit dat het de taak van een predikant is om Christus te verkondigen, en die gekruisigd, als leidsman en verlosser en ons uit te nodigen om in een persoonlijke relatie met Hem te treden.
Verkeerd!
Citaat "Een goede preek kun je dan ook niet navertellen". Einde citaat.
Geweldig!
Heb elkander lief.
Bekeer u, geloof in Christus, Heer en Verlosser tot uw behoud.
Niets van dat! Blabla ratjetoe rabarber rabarber!
Daarom houd ik me bij Paulus.

Ronald de Vink, Sassenheim op 05-08-2009, 11:15

Geachte heer Suurmond, Uw column van heden was voor ons een
geweldige les. Prachtige taal en een verstaander heeft dus geen half woord nodig tijdens de preek.

Hans en Reina van Kesteren, Alphen aan den Rijn op 04-08-2009, 23:32

Een vurukkuluk lekker artikel dit. Ik wist al dat we de werkelijkheid zagen als door een (slechte) spiegel, maar nu weten we ook dat we niet eens weten waar die spiegel eigenlijk staat! (En hoeveel er zijn...). Ik geloof dat het voor het eerst is dat ik het met M.Nieuweboer over een niet natuurkundig onderwerp eens ben! :-) Hulde!

Erwin, Eindhoven op 04-08-2009, 22:19


Ik maak gebruik van Uw artikel naar aanleiding van uw kontakt met jonge theologen. Ik ben in het bezit van een mooie moderne toga met stola's voor iemand met een normaal postuur.

B.van Beusekom-van Kooten, Amsterdam op 04-08-2009, 16:50

Geachte heer Suurmond.
Dank voor uw relativerende ontvankelijkheid, dit laat aan mij zien dat uw spiritueel proces een lange weg heeft afgelegd.Zou men deze relativering ook door kunnen trekken naar andere religies en godsdiensten? Zodat je een nieuw breed fenomeen krijgt. Dat we uiteindelijk als wereldburgers een TRANSCENDENTIE-BEWUSTZIJN mogen ervaren met verschillende uitingen? Een mengeling van b.v.een olifant en een leeuw;van de een komen de oren mijn ziel verrijken en van de ander zijn mooie kleuren.Dat zal veel ontvankelijke empathie vergen, die u doorgeeft aan uw opvolgers.Dat wij daar naartoe groeien, dat hoop ik! Maria Knapen

Knapen, Maria JD, Nijmegen op 04-08-2009, 15:47

De grootste uitdaging blijft dan ook steeds weer om nogal wel zo tamelijk professioneel door te blijven klungelen.

Dat toegeven is een bewustwording om U tegen te zeggen.
In de hulpverlening gebeurt dit ook. Ook daar is taal het cement. Het blijft gissen als het om definities gaat. Want ieder mens is uniek. Datgene wat tussen de regels door te horen, lezen en voelen valt, daar gaat het om.

Dank je wel Jean Jacques. Je hebt me een hart onder de riem gestoken.

Marisca van der Burgh, Wijk bij Duurstede op 04-08-2009, 11:43

In mijn stukje reservaat zijn de olifanten na een kleine opleving nu alsnog uitgestorven. Iedere krakende tak werd ogeblikkelijk gesnoeid. De bodem werd vochtig gehouden zodat je ze niet kon horen stampen. Toen dat allemaal niet mier hielp kwamen de jagers. Er heerst nu weer orde en rust in het bos.

Pieter de Kruijf, Loenen aan de Vecht op 04-08-2009, 11:41

Josif Stalin heeft ooit eens een tentoonstelling van moderne schilders bezocht. Een journalist van 'De Waarheid' had toen nog de moed hem te vragen wat hij ervan dacht. Ach, zei de Leider, het is wel interessant, maar het is beter naar normale kunst te kijken. Dan weet je tenminste wat de mensen denken. Bij die abstracte dingen van tegenwoordig kan ik daar geen peil meer op trekken en denkt een ieder dat waar die maar zin in heeft.
Dat de dictator deze opvatting had, kan te maken hebben, als het geen legende is, met zijn theologische studie als jong seminarist.
Het is nog steeds een probleem. En ik vermoed niet alleen van predikanten.

René Jacobs, Amsterdam op 04-08-2009, 11:41

Ooit heb ik Suurmond van hoogmoed beschuldigd. Daarvan is in deze column niets terug te vinden. Integendeel, het klungelen wordt hier ronduit toegegeven. Daar kan een atheist als ik nog iets van opsteken. Want als natuurkundeleraar, atheist en vrijdenker geef ik de voorkeur aan eenduidige begrippen. Denk maar niet, dat een rationele benadering mijn existentiele onzekerheden kan sussen. De slotsom is toch altijd dat we er niet bar veel vanaf weten. Dus blijft het klungelen.
Chapeau, mr. Suurmond. Als christen hebt u een atheist weer een beetje meer met zijn bestaan weten te verzoenen. Blijmoedig klungelen we voort.

M.Nieuweboer, Moengo Suriname op 04-08-2009, 09:22

Plaats een reactie

U hebt geen naam ingevoerd.

U hebt geen woonplaats ingevoerd.

U hebt geen (geldig) e-mailadres ingevoerd.

U hebt geen reactie ingevoerd.

Uw reactie is te lang.

Gebruik maximaal 650 tekens. U heeft nog 650 tekens. Lees ons reglement

Stuur artikel door

Verstuur dit artikel naar

U hebt de naam van de ontvanger niet ingevoerd.

U hebt geen (geldig) e-mailadres ingevoerd.

Uw gegevens

U hebt de naam van de zender niet ingevoerd.

U hebt geen (geldig) e-mailadres ingevoerd.

counter
Column

Jan Greven

In zijn wekelijkse column bespreekt Jan Greven, voormalig hoofdredacteur van Trouw, nieuwe boeken over religie en filosofie.

Wat doe jij nou?

Lodewijk Dros

Lodewijk Dros, redactiechef van Religie en Filosofie, over de actualiteit en de keuzes achter het nieuws.

Column

Bert Keizer

Arts, filosoof en schrijver Bert Keizer schrijft wekelijks met kritische en originele blik over de actualiteit en het leven.

Column

Jean-Jacques Suurmond

Predikant Jean-Jacques Suurmond schrijft elke week verrassende overdenkingen over de actualiteit, het geloof en zichzelf.

Waarom is dit zo?

Sebastien Valkenberg

Polemische columns van filosoof Sebastien Valkenberg

Waarom is dit zo?

Ger Groot

Polemische columns van filosoof Ger Groot.