Christen Reünie
Congres van de ChristenUnie, met een debat over een gedragscode voor CU-politici (14 juni 2008). © Trouw
De ChristenUnie viert morgen dat de partij tien jaar geleden ontstond uit de politieke krachtenbundeling van het GPV en de RPF. Waarom lukte toen wel wat in 1972 mislukte met een voorloper van de RPF, het Nationaal Evangelisch Verband?
Op 22 januari 1966 gaven vijftien conservatieve gereformeerden in een Amersfoorts bovenzaaltje een aanzet tot de vorming van de ChristenUnie 34 jaar later. Ze beseften het toen niet, ze waren ook helemaal niet van plan een nieuwe partij op te richten, integendeel. Ze wendden zich alleen teleurgesteld af van de ’linkse’ Antirevolutionaire Partij (ARP) en vonden steun aan Pieter Jongeling en diens Gereformeerd Politiek Verbond (GPV) een beter alternatief. Zijn parlementaire debuut met het GPV in 1963 had indruk gemaakt. Zijn stem wilden ze versterken.
Deze ’sympathisanten met de politiek van het GPV’ sympathiseerden echter niet met de bijbehorende gereformeerd-vrijgemaakte kerkelijke belijdenis en zouden daarom als GPV-lid worden geweigerd. Toch wilden ze iets betekenen voor het GPV. In Amersfoort vergaderden ze over de oprichting van een zelfstandig campagnecomité voor het GPV dat stemmen zou werven buiten gereformeerd-vrijgemaakte kring.
Zo ontstond het Nationaal Evangelisch Verband (NEV). Hoewel de leden extra stemmen voor het GPV zouden werven, groeide het NEV toch uit tot concurrent bij de stembus. In 1975 was het verband medeoprichter van de Reformatorische Politieke Federatie (RPF) die pas na een kwarteeuw aandringen politiek mocht fuseren met het GPV. Op 22 januari 2000 was hun ChristenUnie een feit. Waarom was de tijd pas zo laat rijp voor krachtenbundeling?
Voor orthodoxe christenen lagen de heikele thema’s immers voor het oprapen in de roerige jaren zestig en zeventig. Nieuwe opvattingen over politiek, seksualiteit, gezag en geloof buitelden over elkaar heen. Hoewel veel belijdende gelovigen zich verzetten tegen de culturele revolutie, zoals in de jonge Evangelische Omroep (EO), speelde hun politieke hergroepering zich af in de politieke marge. De PvdA dwong de achterban van de grote, maar slinkende confessionele partijen tot een keuze tussen linkse of rechtse politiek in die jaren van ontzuiling en secularisatie.
Ook orthodox-christelijke kiezers zochten een antwoord op deze polarisatiestrategie. Hun aandacht richtte zich echter niet massaal op het GPV en het NEV, maar op de fusiebesprekingen die de ARP, de Christelijk-Historische Unie (CHU) en de Katholieke Volkspartij (KVP) in 1967 aangingen over christendemocratische samenwerking. Zo probeerde dit invloedrijke drietal een groot deel van de stilaan twijfelende achterban te blijven aanspreken in een periode van een afnemende kerkgang en een individueel beleefde, minder publieke geloofsbeleving.
Hun nieuwe CDA zoog de aandacht weg van de initiatieven van organisaties als het NEV, dat eerst campagne voerde voor het GPV en vanaf 1977 als de RPF aan de verkiezingen meedeed. De achterban van de ARP en de CHU stapte ’en masse’ in het CDA volgens historicus George Harinck. Het contrast tussen de buitenparlementaire RPF en de GPV-eenmansfractie in 1977 en de zes zetels tellende regeringspartij ChristenUnie in 2010 kan amper groter zijn. In de tussenliggende tijd is de verzuilde gereformeerd-vrijgemaakte exclusiviteit als belemmering voor een samenwerking verdwenen. De historie van het NEV biedt echter meer inzichten in de moeizame politieke hergroepering van orthodoxe protestanten sinds de jaren zestig, want het GPV had het supporterscomité aanvankelijk toegejuicht.
De heren Abma (links) van de SGP en Jongeling (GPV) overleggen in de Tweede Kamer, waar het abortusdebat moest worden uitgesteld (30 oktober 1974).
:
FOTO ANP
De ontkerkelijking ging grotendeels aan de orthodoxie voorbij, constateerde politiek historicus Ruud Koole over de Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP) en het GPV. Ook in de ARP en de CHU bleven behoudende protestanten op hun vertrouwde plek. Het GPV onderscheidde zich met een afgebakende gereformeerde achterban die uit de kerkelijke Vrijmaking van 1944 voortkwam. Kwam het GPV daarmee in 1959 nog zestien stemmen tekort voor een Kamerzetel, in 1963 kwam de partij wel in het parlement.
Waar de orthodoxe achterban van de SGP en het GPV de culturele revolutie van een afstand gadesloeg via nieuwe eigen media, raakten vooral de behoudende leden van de ARP hun politieke zekerheden en invloedrijke posities rond 1963 kwijt. Onder hen was partijideoloog Johan Mekkes, hoogleraar Calvinistische Wijsbegeerte. Hij nam contact op met het GPV om deze jonge antirevolutionaire partij voortaan te steunen. Mekkes verliet de ARP en werd het boegbeeld van het NEV. Enkele honderden ARP-kiezers volgden vanaf 1966, maar de ARP ervoer het niet als een aderlating.
De samenwerking van GPV en NEV was kort maar heftig. Terwijl de gereformeerd-vrijgemaakten na de Tweede Wereldoorlog hun eigen minizuil opbouwden, bestreed het NEV de ’linkse, pacifistische koers’ van hun interkerkelijke gereformeerde ARP. Toch begonnen de GPV-sympathisanten hun missie bescheiden. Ze verklaarden op 22 januari 1966: „Wij willen stemmen, christelijk-reformatorisch stemmen, dat is vandaag op de lijst van het GPV. Dit alleen gaan wij nu organiseren en wij hopen dat het GPV onze stemsteun aanvaardt.”
Het GPV raakte hierover diep verdeeld. Partijsecretaris Bart Verbrugh kreeg na het parlementaire debuut van Jongeling veel steunbetuigingen uit niet-vrijgemaakte kring en wilde daarmee iets doen. Eigenhandig regisseerde hij de oprichting van het NEV, zoals uit notulen en correspondenties blijkt. Zijn doel was om de moeizaam veroverde GPV-zetel te behouden zonder de ’vrijgemaakte’ partijidentiteit prijs te geven. Een oplaaiend nationaal debat over een ander kiesstelsel maakte dat streven sterker. Elke kiesdrempelverhoging bedreigde het GPV. Maar voor strikte dominees uit de ’Vrijmaking’ was zetelbehoud geen goede reden voor samenwerking met andersdenkenden. Ze verzetten zich steeds feller tegen het NEV.
NEV-leden wisten niet goed wat ze van dat tumult moesten vinden. Stemsteun was volgens hen nodig, want Nederland en de ARP vielen ten prooi aan de culturele revolutie. In de geest van antirevolutionair Groen van Prinsterer wilden ze tegenover de revolutie het Evangelie stellen. Met het GPV. Een eigen nieuwe partij zou slechts verzwakking brengen. Het NEV voerde met het GPV campagne in 1967 en 1971 en tooide zich eveneens met burcht als partijlogo. Het verband leverde sprekers voor toogdagen en radio-uitzendingen van het GPV. Leden volgden GPV-kadertrainingen voor een eventueel toekomstige duolijst GPV-NEV, een ChristenUnie in de dop. Het aantal stemmers groeide. In 1971 werd Verbrugh Kamerlid naast Jongeling.
Juist op deze ogenschijnlijke hoogtijdagen voor het GPV verkeerde de partij in een crisissfeer. Over de samenwerking met het NEV had een commissie met voor- en tegenstanders in 1970 een niet-eensluidend advies uitgebracht. Behendig wist het partijbestuur de besluitvorming hierover over de verkiezingen van 1971 te tillen. Maar een kerkscheuring onder vrijgemaakten gooide alsnog roet in het eten. Een deel raakte buiten het kerkverband en verruilde het GPV voor het NEV.
Deze nieuwe toestroom gaf het NEV vleugels. Een Nederlandse reformatorische krachtenbundeling werd zijn nieuwe speerpunt. In 1972 besloten de NEV-leden ook met de SGP en de orthodoxie in de ARP en de CHU te gaan samenwerken. Het GPV verbrak daarop de samenwerking. Van de exclusieve stemsteun was niets over en de confrontatie met ex-kerkgenoten was pijnlijk. Het GPV wilde zoveel mogelijk alleen verdergaan en dreigde in een isolement te verzanden.
Het NEV raakte juist overmoedig. Met de Evangelisch Omroep (EO) was een nauw contact, net als met orthodoxe groepen in de ARP die zich verweerden tegen het nieuwe CDA. NEV en deze ARP-groepen richtten in 1975 de RPF op, niet zozeer als zoveelste nieuwe partij, maar als een politieke krachtenbundeling om Nederlands ’vierde stroming’ te behouden. Naast liberalen, socialisten en christendemocraten waren dat de reformatorischen, inclusief ook SGP, GPV en CHU. Op enkelen uit de ARP na liet echter niemand zich door de RPF overkoepelen. Die besloot een tijdelijke partij te worden in afwachting op een fusiepartner.
De schade van deze orthodox-protestantse hergroepering kon worden opgemaakt na de Tweede Kamerverkiezingen van 1977. Het CDA won, het GPV verloor en de RPF haalde nul zetels. In de marge van de parlementaire geschiedenis debuteerde de RPF in 1981 waarop de tweepersoons Kamerfractie al snel uiteenscheurde. Pas begin jaren negentig raakte het GPV voorzichtig voor samenwerking ontvankelijk. De RPF was weer crisisvrij en drong als vanouds bij het GPV aan op fusie. Nu bleken ze in staat tot orthodoxe politieke samenwerking naast een uitgeregeerd CDA. De ChristenUnie lag in het verschiet.
Was het GPV-NEV nog een verzuilde poging om tot een conservatieve christelijke lijst te komen, de RPF was in 1975 een moderne poging met grondslagen die bij een individualistische tijdgeest pasten. Niet langer stond de kerkbelijdenis centraal, maar het persoonlijk beleden Bijbelvaste geloof dat hieruit kon voortvloeien. Protestantse christenen van diverse pluimage konden samenwerken, omdat hun geloofsbeleving voor elkaar herkenbaar was. De EO, die naast de RPF stond, werkte ook zo.
Het ontstaan van de ChristenUnie in 2000 blijkt niet het eindpunt van een langzaam toenaderingsproces. Samenwerking tussen orthodoxe christenen moet nog steeds worden bevochten, zoals de partijwerkgroepen met evangelische en homoseksuele christenen ervaren. Vooral de werkgroep van rooms-katholieken in de ChristenUnie roept herinneringen op aan het NEV. Niet voor niets waarschuwde Tweede Kamerfractievoorzitter Arie Slob rooms-katholieke sympathisanten onlangs nog voor te hoog gespannen verwachtingen. Hoewel er nu r.k.-partijkandidaten zijn, kunnen katholieken beter niets forceren omwille van de partijeenheid. Wil de ChristenUnie stabiliteit blijven uitstralen, dan kan de partij tumultueuze twisten als ooit om het NEV niet gebruiken.
© Trouw 2010, op dit artikel rust copyright.
Wat weten we van de ChristenUnie?
De historie van het GPV, het NEV, de RPF en de ChristenUnie is nog een braakliggend politiek-historisch studieterrein. George Harinck publiceerde over het jonge GPV. Hij is directeur van de twee protestantse documentatiecentra in Amsterdam en Kampen die de partijarchieven beheren. Hier verrichten twee historici een promotieonderzoek naar de complete partijhistorie. Ewout Klei verwacht dit jaar op het GPV te promoveren; Remco van Mulligen bestudeert de RPF en het NEV als onderdeel van de evangelisch-reformatorische beweging na 1945. Beiden publiceren in de jubileumbundel over de ChristenUnie die morgen verschijnt.
Johan Mekkes
Johan Mekkes (1898-1987), hoogleraar Calvinistische Wijsbegeerte en ARP-ideoloog, stond in een vooroorlogse antirevolutionaire school die na 1945 snel invloed verloor. Na tevergeefs protest in de ARP werd hij medeoprichter van het NEV in 1966 om zo het GPV te kunnen steunen. Die partij bleef trouw aan de antirevolutionaire politieke filosofie, de ‘Wijsbegeerte der Wetsidee’. Hij richtte na de breuk tussen GPV en NEV in 1972 een nieuw, maar marginaal GPV-steuncomité op. Zijn nalatenschap is dat in de ChristenUnie de reformatorische wijsbegeerte voortleeft als politieke filosofie.
Historie ChristenUnie
1948 - GPV opgericht vanuit ARP
1963 - parlementair debuut GPV
1966 - NEV opgericht
1972 - breuk GPV - NEV
1975 - RPF opgericht vanuit NEV, ARP
1981 - parlementair debuut RPF
2000 - ChristenUnie opgericht als unie van RPF en GPV
2004 - ChristenUnie opgericht als fusie van RPF en GPV





Reacties (19)
De vrijgemaakte kerk en zijn sprekende pop GPV heb ik indertijd in ons vrijgemaakte bolwerk als een uitermate nare kliek ervaren. Gesloten, arrogant en gelijkhebberig. De farizeeers zouden er pap van lusten.
Als je dan de CU van tegenwoordig bekijkt is er gelukkig ontzettend veel veranderd. Inmiddels is de CU linkser dan de ARP ten tijde van Barend Biesheuvel.
Zo zie je maar weer!
johan, europa op 15-02-2010, 16:15
Geachte Herman. U hoeft niet bang te zijn, want ik begrijp de essentie van artikel 1 van de grondwet heel goed en ben het in grote lijnen met u eens. Ik heb slechts mijn mening willen geven over "de graad van fanatisme" bij vergelijking van C.U. en Taliban.
M van Wuyckhuyse, La Baule (Fr) op 01-02-2010, 11:56
M. van Wuykhuyse, ik ben bang, dat u de essentie van artikel 1 van de grondwet niet snapt. Alle mensen zijn gelijk voor de wet.
De staat en zijn ambtenaren dienen derhalve geen onderscheid te maken t.a.v. van burgers, die voor wie zij diensten moeten uitvoeren.
Morgen kan er weer een godsdienstwaanzinnige opstaan, die een gemengd zwart-wit huwelijk weigert te sluiten. Mag ook niet, geredeneerd vanuit het oude testament.
En wanneer staat een Moslimambtenaar van de burgerlijke stand op, die weigert om een huwelijk te sluiten, waarvan de vrouw geen hoofddoekje draagt?
Het fenomeen weigerambtenaar van de CU schept een gevaarlijk precedent.
Herman N., Amsterdam op 01-02-2010, 09:26
Ik vind het achteraf bekeken een beetje vreemd dat de ChristenUnie nu op hetzelfde punt is gekomen waar de voorlopers uit de ARP zijn getreden.
Zij vonden de ARP te links.
Nu is de ARP opgegaan in het CDA.
De ChristenUnie heeft het CDA links ingehaald, en ze zijn op het punt gekomen waar zij in 1948 (GPV) en 1975 (RPF) uit de ARP getreden zijn.
Op Sociaal gebied is het CDA asociaal geworden.
Landelijk en ook plaatselijk zie je dat de ChristenUnie nu met de PvdA een coalitievormt.
Dat hadden de oprichters van GPV en RPF niet verwacht.
Die werd toen gelijkgesteld met de antichrist.
Gerard Elkhuizen, Ridderkerk op 31-01-2010, 18:33
Leuk stuk van Quirijn. Ook leuk dat hij mij noemt. Het is de bedoeling dat ik eind dit jaar (of later, ik wil mij niet op een datum vastpinnen) promoveer op het GPV. Over het NEV hebben Remco en ik ook een artikel geschreven, dat op 22 januari (10 jaar CU en 44 jaar NEV) in het Nederlands Dagblad is verschenen: http://www.nd.nl/artikelen/2010/januari/22/het-nev-vroege-voorloper-van-de-christenunie
Ewout, Kampen op 30-01-2010, 21:04
T.a.v. Marie, V.S.
Elders schreef ik deze week in Trouw dat er een groot lek zit in de vaderlandse humorboot. De minste zijdelingse opmerking wordt blijkbaar in de eerste graad opgevat. Hoewel ik beslist geen C.U.-man ben, is het natuurlijk ronduit belachelijk om "Taliban-achtige praktijken" te vrezen van deze partij. Bij het lezen van uw reactie: "een probleem dat wat mij betreft met wortel en tak moet worden uitgeroeid", zie ik het gevaar eerder van u en uws gelijken komen.
M van Wuyckhuyse, La Baule (Fr) op 30-01-2010, 20:58
Het gekrakeel, ehh, ik bedoel de discussie tussen confessionele politieke partijen moet toch wel uniek zijn in de wereld. Het klinkt vreselijk ouwerwets en haast aandoenlijk--alsof je een museum binnenstapt waar het personeel de bezoekers uitnodigt deel te nemen aan echt authentieke levenswijzen zoals die in vroegere eeuwen bestonden. Boeiend, op een wat ontwrichte, en ontwrichtende, wijze, die moeilijk precies te definieren is.
"...wie...zou nog vrijdenker zijn als er geen kerk was", vraagt Helina (30-01;13:18).
Iedereen, veronderstel ik, op zoek naar nieuwe vormen van samenleven. Maar wacht even, gebeurt dat al lang niet?
Ted Schrey, Montreal op 30-01-2010, 17:47
Mijnheer of mevrouw Van Wuykhuyse, is het niet erg genoeg dat er een partij is die voorstaat dat er op "de dag des Heeren" door niemand, ook niet door een ongelovige, een balletje zal worden getrapt? Dit opleggen van normen door gelovigen aan anders- of niet-gelovigen is een probleem dat wat mij betreft met wortel en tak moeten worden uitgeroeid, want het gaat onherroepelijk leiden tot Taliban-achtige praktijken. Wat dat betreft ben ik het helemaal eens met degene die schreef dat zo'n leesclub van sprookjesboeken geen plaats heeft in de politiek!
Marie, V.S. op 30-01-2010, 17:47
Tijdens de Franse revulutie zag men het zo:
Een mens is pas werkelijk vrij als de laatste koning is opgehangen aan de ingewanden van de laatste priester.
Men kan in deze tijd niet meer zo denken,maar duidelijk komt steeds het gelijk van diverse groepen naar voren.Wij hebben de juiste leer.
Welke god is sterker! Die van de koran? ? thora? bijbel? Wodan? Thor?
Men zou de intellectuele plicht moeten hebben om atheist te zijn.
Maar wie van ons zou nog vrijdenker zijn als er geen kerk was????
Helina, Europa op 30-01-2010, 13:18
Laten we er niet om heen draaien. Veel leden van de CU, voorheen van het GPV denken nog precies zo als jaren geleden. Zij zijn de "enige echte christenen" De rest is vals. Gezien het feit dat ze m.n. in Kampen elkaar de kerk uitvechten is er weinig veranderd. Bidden met anderen kon niet. Dat kan zeker wel bij een vergadering van de CU. Of blijven de ogen van de ex-GPV leden open en de handen niet gevouwen ? Ook hier " de leugen regeert"
peter, koudekerk op 29-01-2010, 23:59
Eens worden ze het nooit met elkaar.
Poldertalibanisme.
Maar het een meesterstuk van deze club geweest om hun zondag dermate heilig en vervelend te maken dat zij ongemerkt weer snel naar hun dagelijks werk verlangen.
Religie hoort niet in de politiek. Doe je Thuis. In je Kerk. Zondagschooltje.
Strikte scheiding van kerk en staat, Nederland voor alle burgers.
Grondwet zoals in France en USA.
Art 23 opheffen.
Art 1 van de grondwet:De Rechten Van De Mens.
Henric, Europa op 29-01-2010, 23:43
Ach ja, het GPV, de politieke tak van de Vrijgemaakte Kerken. Wie als gereformeerde een blik werpt in de geschiedenis van deze partij, krijgt spontaan koude rillingen! Het is ronduit beschamend wat er van de zijde van Artikel 31 (GPV en Vrijgem. Kerk) over ons, antirevolutionairen, kuyperianen en gereformeerden, is gezegd! Wij zouden niet deugen. Onze synode achtte het nodig in 1988 een eenzijdige knieval richting Artikel 31 te doen; m.i. de grootste blamage en vergissing in de geschiedenis van onze Gereformeerde Kerken! Zolang de CU en de Vrijgem. Kerk geen excuses aanbieden voor wat zij ons hebben aangedaan, mijd ik deze clubs angstvallig!
Gereformeerde, Midden des lands op 29-01-2010, 14:45
De CU passeert nu snel het linkse CDA. De CU verloochent haar Bijbelse en Reformator-wortels. Evolutie en Schepping kan gewoon binnen de partij samengaan!Hoe bestaat het dat er nu ook al r.k. partijkandidaten zijn? Op het gebied van homoseksualiteit laat ze de Bijbel buikspreken.
De CU negeert de profetische noties mbt Israël,Ezechiel 36-40. God gaf Zijn Land aan het volk Israël. Lev.25:23, sinds 14 Mei 1948 een feit! Niks geen twee Statenoplossing! De CU denkt nog steeds dat hun Kerk het nieuwe Israël vertegenwoordigd. Evenals het CDA flirt ze met de kerk van Rome en de Islam. Mene Tekel Ufafsin. Beiden zijn gewogen en te licht bevonden!
Maccabeus, Rotterdam op 29-01-2010, 14:19
Geachte Herman N. Laten we wel even serieus blijven. U weet evengoed als ik dat u in Nederland geen enkel risico loopt om door een "C.U.-er" met benzine te worden overgoten of door hem met een doorgesneden strot naar de eeuwigheid te worden geholpen. Hooguit zal u op zondag niet meer tegen een balletje mogen schoppen...
M van Wuyckhuyse, La Baule (Fr) op 29-01-2010, 14:18
Een Christelijke partij zoals de ChristenUnie is noodzakelijk in deze maatschappij. de Politiek hoort een afspiegeling te zijn van de maatschappelijke stromingen die er nu eenmaal zijn.
Dat daarin dan ook plaats is voor ambtenaren die op grond van hun overtuiging niet elke samenlevingsvorm willen bevestigen is dan evident. Uiteindelijk zijn er miljoenen in ons Nederland die die keus van een individueel ambtenaar erkennen, wat tot uitdrukking komt in de verkiezingsuitslagen. Of is democratie het recht van de sterkste? De vorming en de groei van de ChristenUnie bewijst de noodzaak van deze partij.
Klaas B., Uithoorn op 29-01-2010, 14:18
Nog steeds baseert de ChristenUie haar politiek, in navolging van de opgeheven GPV, op de 3 Formulieren van Enigheid. Een van die formulieren is de Heidelbergse Catechismus (HC), opgesteld ten tijde van de Reformatie in de 16e eeuw.
De HC noemt de paapse mis een vervloekte afgoderij en beschouwt de paus als de antichrist. Als anno 2010 rooms-katholieken wel partijkandidaat kunnen worden, dan leidt dat toch onvermijdelijk tot grote spanningen en brengt het de ChristenUnie intern in een onmogelijke spagaat. Of wordt van de RK-kandidaten verwacht, dat zij 'hun geloof afzweren'?
Cristine, Dordrecht op 29-01-2010, 14:16
Zo'n leesclub van sprookjesboeken horen helemaal niet thuis in de politiek.
John Tab, Bussum op 29-01-2010, 11:04
Deze partij vertegenwoordigt voor mij een even groot gevaar, als de fundamentalisten van Moslimzijde. Ze willen, net als Moslims de zweep van hun religieuze regelgeving laten knallen over de maatschappij als geheel. Ze lijden aan een gevaarlijke tunnelvisie, waar de maatschappij het slachtoffer van wordt.
Ze hebben met het mogelijk maken en stimuleren van het fenomeen van de weigerambtenaar de scheiding tussen kerk en staat op een gevaarlijk hellend vlak gezet. Want nu kan elke idioot, die ambtenaar is en in dit of dat gelooft, op basis van 3000 jaar oud papier, burgers van dit land discrimineren.
Deze reunie is geen felicitatie waard.
Herman N., Amsterdam op 29-01-2010, 09:42
Maakte als toenmalig inwoner van Kampen van dichtbij de oprichting van de RPF mee, met oud-leraar Jan Rietkerk, die zelf als gemeenteraadslid van Oldebroek, als eerste lijsttrekker de RPF leidde en op circa 5000 stemmen na, de eerste zetel mistte bij de kamerverkiezing. In het GPV kwam een nieuw realisme, waarbij het exclusieve denken van de Ger Vrijgemaakten plaats maakte voor een meer realistische blik in de christelijke wereld. Het sociale program van het GPV, en de verzoenlijke houding van de evangelischen heeft de Christenunie gevormd. Wie had dat kunnen denken; regeringsverantwoordelijkheid.Ook nu is er verzoenende rol in het kabinet
Herman van Vliet, Doezum op 29-01-2010, 09:38
Plaats een reactie
Stuur artikel door