Heimwee naar Iran
Hazara-man loopt met zijn ezels langs de boeddhagrotten in Bamian. © EPA
Mijn Nederlandse collega is terug naar Nederland en ik begeleid de cursus in mijn eentje. Ik dacht dat het zwaar zou worden, maar in de praktijk blijkt het juist makkelijker te gaan.
Ik spreek de taal en de tijd die we aan het vertalen besteedden, gebruiken we nu voor meer inhoudelijke en praktische punten.
Het Perzisch dat ik spreek is vrij anders dan het Afghaanse Dari, en ik versta hen niet altijd maar de meeste mensen kunnen mijn Perzisch prima volgen. Tweederde van de bewoners van Bamian heeft jarenlang in Iran gewoond. Sommige van de cursisten zijn zelfs daar geboren, getogen en hebben op de Iraanse universiteiten gestudeerd.
Deze groep die merendeels tussen 20 en 30 jaar is, beweert meer over Iraanse kunst, cultuur en geschiedenis weten dan over die zaken in hun eigen vaderland. De meesten zijn pas terug. In het begin hadden deze nieuwkomers moeite met het integreren.
‘In Iran waren we Afghaans, hier zijn we Iraans,’zegt Zakereh die in Iran filosofie en Perzische literatuur heeft gestudeerd. Ze is dichter en journalist en droomt ervan ooit films te gaan maken. Ze is pas vier maanden geleden teruggekomen uit Iran en spreekt niet volledig het Dari. Haar hele familie woont nog in Mashhahd-Iran. Ze heeft via chatten haar huidige man, ook een journalist en programmamaker, leren kennen. Ze is dol op Bamian, maar mist Iran ook. Ze mist vooral de uitgangsgelegenheden zoals een bezoek aan de bioscoop op een vrije dag. Nu kan ze alleen films op de televisie of computer zien: ‘In de bioscoop ziet er een film heel anders uit, heeft meer diepte, is veel spectaculairder.’
Bamian heeft geen bioscoop, geen theater- of muziekzaal, geen behoorlijke bibliotheek. Wel een internetcafé dat voor de helft van de dag gesloten of buiten gebruik is. Waneer het internetcafé wel open is, loop je het risico niets te kunnen mailen vanwege de lage snelheid. Toch maken de bewoners er het beste van. Als je om je heen kijkt zie je alleen hardwerkende mensen; kleine meisjes die vier keer per dag een afstand van 2 à 3 kilometer omhoog en omlaag lopen voor twee blikken water, kleine jongetjes die met een hele kudde van geiten en schapen meelopen naar een weide en ’s avonds weer terugkomen, vrouwen die met door de zon gebruinde gezichten bezig zijn dunne tarwestengels te oogsten en mannen die op de ezels allerlei levensgerei van her naar der sjouwen.
Iedereen werkt hier. Maar er is ook tijd voor spelen, tijd voor school, tijd voor bidden en samenzijn. Soms lijkt het alsof de tijd stil staat in eeuwen geleden, maar je kijkt rechts en ziet opeens een man op een motor voorbij rijden met zijn laptoptas aan zijn schouder hangend. Je kijkt links en je ziet een man met een lange baard en brede tulband op een zwarte ezel rijden. De blikken zijn bescheiden, de gezichten ernstig en de glimlach soms zoek, maar de bewoners van Bamian leven wel. Met man en macht beschermen ze de vrede in hun hart en hun huis.
© Trouw 2010, op dit artikel rust copyright.





Reacties (1)
Beste Nafiss, je naam ken ik goed, maar jou niet. Ik werk onder meer voor On File en heb veel in Iran gereisd. Misschien vind je het leuk om mijn weblog 'Homesick for Iran'en artikelen over Iran te lezen op www.exponto.nl en mijn artikelen zijn er nu ook in Farsi vertaald op www.shahrzadnews.org hartelijke groet en wees welkom! Ik zou je graag eens ontmoeten
nies medema, amsterdam op 30-09-2008, 13:10
Plaats een reactie
Stuur artikel door