Lijden, strijden, heilig worden
U bekijkt nu: pagina 1 van 5.
Lidwina van Schiedam (1380-1433) volhardde na een val op het ijs veertig jaar lang in bedlegerigheid. Volgens sociologe Jolande Withuis bestaan tussen deze rooms-katholieke heilige en hedendaagse radicale moslima’s meer overeenkomsten dan verschillen.
Militante tijdens de gijzeling van de school in het Russische Beslan, september 2004. Dit beeld komt uit een videofilmpje, geschoten door de gijzelnemers. 
Moslimaterrorisme – dit nieuwe woord zal velen in de oren klinken als een contradictio in terminis. Dat is ten onrechte, en gevaarlijk naïef. De gangbare associatie van vrouwen met vreedzaamheid en harmonie is een fabeltje. Het is weliswaar vrij zeldzaam dat vrouwen terroristische aanslagen plegen, maar onbekend is het verschijnsel niet.
Onder de leiders van de Rote Armee Fraktion die in 1977 zelfmoord pleegden in de Stammheim-gevangenis waren vrouwen. Pas nog werd een RAF-prominente vrijgelaten die betrokken was bij ten minste drie moorden en een vliegtuigkaping. Palestijnse vrouwen hebben zelfmoordaanslagen gepleegd. Tsjetsjeense weduwen waren betrokken bij de gewelddadige gijzelingen in Beslan en in Moskou. En in 2005 blies een jonge Belgische, die via haar huwelijk met een radicale moslim tot de islam was bekeerd, zichzelf op in Irak.
In 1991 verscheen een boek met de intrigerende titel ’Shoot the women first’. Die titel ontleende de auteur, journaliste Eileen MacDonald, aan een internationaal advies aan veiligheids- en politiemensen: in geval ze een terroristische kern zouden arresteren, moesten ze eerst de vrouwelijke groepsleden uitschakelen.
In die dagen waren terroristische groepen niet uiterst rechts, maar extreem links. MacDonald sprak vrouwen van de Duitse RAF, een Koreaanse die een vliegtuig met honderden burgers aan boord had opgeblazen, een lid van de Italiaanse Brigate Rosse. De grens tussen links en rechts is bij terrorisme slecht te trekken (zie Ira, Eta, Hamas), en bovendien niet de meest relevante. Wezenlijk (en griezelig) aan terrorisme is niet de intentie maar de intensiteit van de betrokkenheid – het extremisme.
De raad om eerst de vrouwen neer te schieten berustte op de gedachte dat vrouwelijke terroristen, eerder dan hun mannenbroeders, zelf het vuur zouden openen op hun tegenstanders. Of ze dat inderdaad deden, wordt uit de zeven interviews van MacDonald niet duidelijk. Wel leren de verhalen ons dat alle geïnterviewde vrouwen tot hun politiek engagement kwamen in een context waarin een tegenstelling bestond tussen ’vrouwelijkheid’ en politiek.
Hoe verschillend hun respectieve culturen ook waren, politiek was er vanouds een mannendomein. Vrouwen waren daarvan uitgesloten en aangezien ze ook geacht werden daarin niet geïnteresseerd te zijn, moesten ze meer dan hun mannelijke collega’s hun inzet en trouw aan de zaak bewijzen. Sterker nog: om überhaupt te mogen meedoen, moesten ze ook tegenover die sceptische en seksistische medestrijders hun moed, loyaliteit en competentie aantonen, en de verwachting weerleggen dat ze wel zouden deserteren of falen. Zie daar: de weg naar een schepje erbovenop.
Bovendien stond een nomadisch bestaan als ’beroepsrevolutionair’ verder af van het gangbare vrouwenleven dan van een mannenleven. Zij moesten er meer voor opgeven en konden daardoor slechter op hun schreden terugkeren. Het credo ’Niets te verliezen, want alles al kwijt’ bevordert fatalisme, wanhoop en onverschilligheid ten aanzien van zichzelf en anderen – radicalisering dus.
Hoe zit dat met de radicale moslima’s? Moeten wij aannemen dat zij gemakkelijker radicaliseren dan hun geloofsbroeders? Neigen vrouwen meer dan mannen tot desperadogedrag?
Ook in Nederland groeit het belang van vrouwen in islamistisch-terroristische netwerken. Over de Marokkaanse vrouwen rond het Hofstadnetwerk hebben we enige kennis dankzij het speurwerk van Volkskrant-journalistes Janny Groen en Annieke Kranenberg (’Strijdsters van Allah. Radicale moslima’s en het Hofstadnetwerk’, Amsterdam 2006). Deze Hofstadvrouwen namen actief deel aan huiskamersessies, waar ze door de mannelijke groepsleden werden geïnformeerd over de radicale islam. Daarnaast houden enkele prominente moslimvrouwen zich bezig met de verspreiding van het radicale takfir-gedachtengoed. Ze doen aan dawa (bekering, werving), verspreiden preken, boeken en andere documenten, vertalen teksten en spelen een rol in het radicaliseren van jongeren.
Deze vrouwen lijken in veel opzichten op Marokkaanse moslima’s die zich niet tot geweld maar wel tot de radicale islam voelen aangetrokken en die willen leven naar de letter van de Koran. Ze zijn rond de twintig, goed opgeleid, voelen zich door de Nederlandse samenleving buitengesloten, geven de islam een allesoverheersende rol in hun leven en worden door hun directe Marokkaanse omgeving, familie bijvoorbeeld, als te radicaal ervaren. Opvallend is hun honger naar informatie over het geloof. De moskee speelt in hun leven nauwelijks een rol omdat ze die niet puriteins genoeg vinden, of er de juiste leer niet vinden. Nederlandstalige lezingen, vaker in een buurthuis of een andere ruimte dan in een moskee, zijn populair. Ook ontlenen zij informatie aan websites die het salafisme en de politieke islam uitdragen.
op dit artikel rust copyright.
- Toon heel artikel
- vorige pagina
- 1
- 2
- 3
- 4
- 5
- volgende pagina
Jolande Withuis is als sociologe verbonden aan het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie. Op 5/6 verschijnt bij De Bezige Bij haar bundel ’De vrouw als mens. De mythe van het sekseverschil’. Dit artikel is een bewerking van het essay ’Sekse en Sekte’ dat Withuis op uitnodiging van het ministerie van binnenlandse zaken schreef voor de bundel ’Radicaliserende vrouwen’. Andere bijdragen daaraan zijn van hoogleraar groepsdynamica Roel Meertens en van publiciste Nahed Selim. De essays verschijnen op www.minbzk.nl/actueel en zijn in gedrukte vorm op te vragen bij keyvan.shahbazi@minbzk.nl.





Reacties (21)
Enerzijds gebruikt de schrijfster in dit artikel verbanden tussen schijnbaar geïsoleerde fenomenen, in het artikel over 2e generatie oorlogsslachtoffers (Trouw, mei 2006) bagataliseert zij verbanden tussen de oorlog en de erkenning van deze generatie met de desbetreffende problematiek en wijt zij deze aan de onderlinge relatie en de kwaliteit van de emotionele band tussen ouders en kinderen. Zij kopt dit artikel met de zin: 'Trauma is niet erfelijk en dat is nog altijd een taboe"..Pfff....Waar baseert zij dat op? Dat het geen besmettelijke ziekte of een besmettelijke bacterie zou zijn, vind ik ronduit patronizerend! Dr in wat?
Gaby, den haag op 11-12-2008, 16:53
Halverwege beschrijft Withuis even de reden van radicalisering: het afsluiten van anderen en het opsluiten in een kleine groep van gelijkdenkenden. Geen rem meer, geen nuancering, maar steeds verdere radicalisering. Nu gebruiken deze jongemensen (het zijn volgens mij altijd jongeren) de islam daarvoor, ooit was het socialisme hun drijfveer en rechtvaardiging. Maar de factor blijft isolatie, ongeacht geslacht of levensovertuiging. Lidwina's bedlegerigheid heeft daar weinig mee te maken. Het begin van de wederdopers en bizarre radicale christelijke sekten in de late middeleeuwen was een betere vergelijking geweest.
Fred, Leiden op 28-05-2007, 22:50
Het (wel heel erg wollige) artikel deelt de mensheid op in mannen en vrouwen. Maar veel vrouwen hebben mannelijke hormonen, en veel mannen hebben vrouwelijke hormonen. Het is overbekend dat lesbiennes in allerlei opzichten vaak nog mannelijker zijn dan mannen, en het kan goed zijn dat een belangrijk deel van de vrouwen waar mevrouw Withuis over schrijft lesbiennes waren. Of anderszins gestuurd werden door hormonen. Het artikel gaat hier helaas compleet aan voorbij.
Hans, Amsterdam op 28-05-2007, 22:50
Een analyse die intelligent lijkt maar op een vals fundament is gestart. De publicaties in Trouw rondom katholieken, de katholieke kerk en de paus krijgen een bedenkelijk niveau.
truus, heeze op 28-05-2007, 22:48
Buitengewoon intelligente en heldere analyse! De sociologische benadering maakt het wellicht moeilijk de materie te begrijpen daar de dominerende analyse-tendens vooral van psychologische aard is. Met het reduceren van radicalisering tot een uitsluitend psychologische fenomeen (bv psychose)raakt men te veel gefocused op het individu. Met psychotherapie alléén kom je er niet, er is hier méér aan de hand dan 'individuele ontsporing'. De waarde van het analyseren van de sociale context waarin deze individuen zich bewegen, ontwikkelen en mogelijk radicaliseren is het kunnen herkennen/voorspellen van bepaalde groepstendenzen in de maatschappij.
Rosa, Spanje op 28-05-2007, 14:52
Mijn naam is Lidwien en de betekenis ervan is mensenvriendin ofwel vriendin van het volk. Ik heb niets met het lijdensverhaal van Liduina, maar het verband leggen tussen haar ziekbed en vrouwelijke terroristen? Denk niet dat Liduina met opzet op het ijs is gaan liggen (als het al echt is gebeurd) en bij mijn weten heeft ze niet met opzet aangezet tot moord of zelf mensen de dood ingejaagd. Withuis suggereerd dat de 'manipulatieve' Liduina alles met een vooropgezet doel heeft gedaan en gaat er aan voorbij dat,dat niet te bwijzen valt. Ik denk dat een Jeanne D'Arc beter in haar verhaal gepast zou hebben dan de lijdzame Liduina.
Lidwien, A'dam op 28-05-2007, 14:52
Moeders zijn net zo goed sociaal onderdeel van het fenomeen 'vrouwenonderdrukking', zij geven vaak maar al te braaf door wat een sociaal/culturele context van hen verlangt. Soms gaan zij zelfs nog verder dan de vaders (zie ook vrouwenbesnijdenis). In die zin is hun gedrag waarschijnlijk te vergelijken met deze radicaliserende meiden, daar zij zich net zo goed proberen te bewijzen binnen de grenzen van een patriarchale machtsstructuur (maar dan als 'goede' moeders).
Rosa, Spanje op 28-05-2007, 14:51
Zeer interessant artikel van Jolande Withuis waar veel wijsheid uit spreekt. Haar conclusie (s): "Onderwerping, verkleed als emancipatie, en sterker nog, emancipatie die onderwerping impliceert, kan erg gevaarlijk zijn." kan niet vaak genoeg geuit worden. Je moet het wel willen zien en daar schort het nog wel eens aan en dan druk ik me zachtjes uit. Het zou ook geweldig zijn als o.a.de 'meiden van halal' dit artikel onder ogen krijgen. (En vele vele anderen, ook de zogenaamde ex-feministes als mevrouw Meulenbelt...) Daar zouden ze iets van op kunnen steken.
A. van der Veer, H'sum op 28-05-2007, 09:47
voor heel wat zieke mensen is Lidwina een troost en bemoediging geweest. zij heeft daarmee iets goeds gedaan voor haar medemens. het doel van de door mevrouw Withuis beschreven dames is exact tegenovergesteld. de vergelijking slaat dus helemaal nergens op.
marcel, oosterhout op 28-05-2007, 09:44
Er zijn kortere manieren om een welbekend psychologisch fenomeen, dat van radicalisering, te duiden.
Paulcjm, Eijsden op 27-05-2007, 20:01
Feministen moeten met hun poten van de geschiedenis afblijven, dit artikel is daar een goed voorbeeld van. Het consequent opvoeren van sekseverschil als een sociale constructie met een meer bepalende invloed dan het klassenverschil is geschiedsverkrachting en ontkenning van reeel bestaande verschillen tussen man en vrouw. Het onderliggende doel van pseudo-wetenschappers als Withuis is het heiligverklaren van de 2e golf-feministen als de meest revolutionaire en succesvolle bevrijdingstheologie van de 20e eeuw. Withuis c.s. misbruiken met liefde het lijden van sommige vrouwen om in de eerste plaats zichzelf belangrijk te doen lijken.
H.R. Krol, Haarlem op 26-05-2007, 22:40
Dit is vast een doorwrochte analyse, maar wat schieten we er mee op? Nu we begrijpen, dat elke moslimaterrorist aan een Lidwinacomplex lijdt, hoeveel aanslagen kunnen we er mee voorkomen? Overigens is het mij, net als Jan, opgevallen, dat moeders in islamitische en ook hindoeïstische gezinnen veel en veel strenger zijn voor hun dochters, dan vaders. Maar dat feitje past natuurlijk weer niet goed in het beeld van pseuso-emancipatie als gevolg van vrouwenonderdrukking. Kortom, na het lezen van dit artikel kan ik niets anders dan mijn schouders ophalen.
M.Nieuweboer, Moengo Suriname op 26-05-2007, 22:37
Nog een mening naast de anderen, voegt niet veel toe. Het artikel roept de vraag op, wat voor geestelijke kracht er bij een mens binnenkomt die sterker is dan de eigen wil en verantwoordelijkheid. Een gewoon mens kan een manipulator worden, moordenaar, een zelfmoordterrorist(e). Eigen verstand en eigen verantwoordelijk heid worden verdrongen door........? Wie vult het in?
Luc de Vries, Maassluis op 26-05-2007, 22:29
Alsof het geen verschil maakt of je op een wonderlijke manier omgaat met je lijden of dat je als terroriste schoolkinderen gijzelt met alle verschrikkelijke gevolgen vandien. De teneur van dit inderdaad veel te lange artikel, waarbij dit allemaal op een hoop gegooid wordt met als enige verbindende factor het vrouw-zijn, vind ik eerlijk gezegd een perverse manier van wetenschap bedrijven. Of wilde de schrijfster postuum nog lijden toevoegen aan het lijden van Lidwien?
J. Verhoef, Amsterdam op 26-05-2007, 12:31
Kijk, hierom lees ik nu Trouw, zelfs in Afrika. Om dit soort stukken: erudiet, oorspronkelijk, prikkelend, eigenzinnig, zoekend naar dwarsverbanden tussen schijnbaar geïsoleerde fenomenen. En goed geschreven bovendien. Jolande Withuis, bedankt!
peter ventevogel, bujumbura op 26-05-2007, 12:26
Je zou de schouders ophalen over zulke academische onzin als het niet zo triest was. De islamitische gemeenschap is geen patriachaat, maar een matriachaat. Maar als je het niet wilt zien zie je het niet, zeker niet met westerse (vrouwelijke) vooringenomenheid. De vrouw is geen slachtoffer, maar drijvende kracht, impliciet, indirect, en soms expliciet, als terrorist. Spreek de vrouw aan op haar verantwoordelijkheid. Dan pas wordt het geweld een halt toegeroepen.
Jan, Utrecht op 26-05-2007, 12:23
Een verhaal over Lidwina. Zelf ooit geboren en opgegroeid in een "Lidwina-parochie". Nooit geweten wat een aanstellerige muts dat was. Maar goed, ik begrijp uit het artikel dat vrouwen a. onderdanig zijn, al dan niet onder dwang, b. graag mee willen tellen, c. dat moslima's die zich opblazen en vele onschuldige mensen doden op net zoveel begrip zouden moeten kunnen rekenen als katholieke meisjes die in bed gaan liggen meuren (veel overlast voor de beurt, dus ik begrijp dat wel) en d. dat sociologie terecht niet meer zo interessant worden gevonden door de burger als tijdens de hels correcte tijden. En u heeft teveel woorden nodig.
Rowy, Tilburg op 26-05-2007, 12:22
Heel nteressant maar veel te lang artikel. "Een goed verstaander heeft een half woord nodig" en "in de beperking toont zich de meesteres", zou ik aan de schrijfster willen zeggen.
willem kuijk, berchem op 26-05-2007, 12:15
Allereerst mijn oprechte--maar wat late--sympathie betuiging aan Lidwien. Ja, schaatsen kan gevaarlijk zijn. Ten tweede, dit is een te lang stuk over iets dat me toch al geen enkele barst interesseert. Lijden als gekozen beroep of roeping, is dat 't idee? Ik wil helemaal niks horen over de motivatie van terroristen, mannelijk of vrouwelijk. Het klinkt alsof het eenzelfde functie vervult als in het leven van Lidwien. Maar in haar tijd trouwde een vrouw of ze kon wel dag zeggen met haar handje. Wat voor rare grote sprong is dat nou naar hedendaags? Daar zit gezwets..eh, een dissertatie aan te komen. En het ziet er niet goed uit.
Ted Schrey, Montreal op 26-05-2007, 08:18
Het artikel lijkt mij een klassiek voorbeeld van hineininterpretieren. Lidwientje kruipt in bed, krijgt aandacht en besluit in bed te blijven. Een zittend gat en zeker een liggend gat bedenkt zich wat en wat is er beter dan je op het geestelijke te richten. Tegenwoordig heb je daarvoor een speciaal opgeleide gezinsverzorgster, die zo iemand het bed uit probeert te praten. In die tijd hadden ze dat soort figuren nog niet en dus bleef Lidwien in bed. En omdat ze zo nu en dan nog wel iets zinnigs zei, werd ze in de watten gelegd. De christelijke VVV is gek met dit soort figuren. Jolanda, ik had u voor wijzer versleten.
Annemiek, Arnhem op 26-05-2007, 08:15
De roman 'Waanzee' van Robert Haasnoot gaat over een moordpartij die in 1915 op een Katwijkse logger plaatsvond en die op religieuze grond uitgevoerd zou zijn. Waar gebeurd verhaal. Deskundigen zijn het er nog niet over eens of de oorzaak in het religieus besef van de daders gezocht moet worden of in hun persoonlijkheidsstructuur, die door gezinsverhoudingen in een besloten gemeenschap tot stand kwam. Religie zou dan alleen dekmantel of voertuig zijn, niet de oorzaak. Lidwina, Mohammed B. e.a. martelaren vonden blijkbaar in de religie een taal en een handleiding voor hun psychose. Zo te zien zijn veel allochtonen dit stadium niet voorbij.
Noord, Epe op 26-05-2007, 08:10
Plaats een reactie
Stuur artikel door