VS onder vuur op armoedetop
Grote groep ontwikkelingslanden brengt Verenigde Staten in het nauw
Maxima in Doha© Trouw
De armoedetop van de VN dreigt vandaag met een slap akkoord te worden afgesloten. Een confrontatie met de VS is daarvan de oorzaak.
De onderhandelingen over wie steun voor ontwikkelingslanden betaalt zijn in een zeer moeilijke fase gekomen. Een aantal landen dreigt aan te sturen op het laten mislukken van de VN-top in Doha, de hoofdstad van Katar. De VS zouden als hoofdschuldigen voor een echec worden aangewezen.
Volgens westerse waarnemers, maar ook volgens minister Koenders (ontwikkelingssamenwerking), verliepen de eerste twee dagen van de beraadslagingen goed. Tussen de EU en de G77 – een groot blok van ontwikkelingslanden – werd consensus bereikt over een slotverklaring van de top.
Gisteren sloeg het optimisme over een vruchtbare top echter om in pessimisme. Die wordt gevoed door een controverse tussen een groot aantal ontwikkelingslanden en de VS.
Amerika wordt in het nauw gedrongen door landen die zich laten leiden door onder meer Venezuela. Die landen trachten op deze top de macht van de VS aan banden te leggen en die voor een belangrijk deel over te hevelen naar internationale organisaties en instellingen zoals de Verenigde Naties en de Bretton Woods-instellingen IMF en Wereldbank.
Opmerkelijk in het debat is dat vooralsnog geen overleg is geweest tussen Europa en de VS. Alleen minister Koenders heeft, terwijl de top vrijdagavond al begon, met de Amerikanen gesproken.
Uit die gesprekken trekt Koenders de conclusie dat op dit moment de Amerikaanse onderhandelaars – onder leiding van Henrietta Fore, directeur van UsAid (het Amerikaanse agentschap voor ontwikkelingssamenwerking) – weinig ruimte hebben om compromissen te sluiten. De machtsoverdracht van de regering Bush aan de nieuwe ploeg van Barack Obama moet daar de oorzaak van zijn.
Uit vertrouwelijke stukken van de Amerikaanse delegatie blijkt dat zij zich krachtig verzet tegen elke zin die wijst in de richting van een groter mandaat voor de Verenigde Naties of het IMF en de Wereldbank.
Volgens Koenders, en ook volgens ontwikkelingsorganisaties als Oxfam, spreekt uit de Amerikaanse teksten wel duidelijk dat de ontwikkelingslanden niet de dupe mogen worden van de huidige economische crisis. Minister Koenders gaat er dan ook vanuit dat afspraken die zijn gemaakt over het opvoeren van de hulp naar 0,7 procent van het bruto nationaal inkomen in 2015 overeind blijven. Evenals de formulering dat 50 procent van de stijging van de steun richting Afrika dient te vloeien.
Mocht er geen extra financiële steun komen, dan moet volgens Salil Shetty – directeur van de VN-Millenniumcampagne, die ijvert voor een halvering van de armoede in 2015 – in elk geval de kwaliteit van de hulp sterk toenemen. Volgens Shetty geven veel landen om de verkeerde reden geld voor verkeerde zaken op verkeerde plaatsen. Zij zouden bij het geven van hulp hun eigen doelen nastreven zoals het openen van markten voor eigen producten.
Shetty vreest dat de helft van de gegeven miljarden een politiek doel dient en niet de bestrijding van armoede. Donorlanden moeten tevens ophouden landen te overspoelen met delegaties. Ministeries van financiën in ontwikkelingslanden worden daarmee lam gelegd.
© Trouw 2010, op dit artikel rust copyright.
Máxima pleit bij VN voor spaarrekening
Slechts 20 procent van de wereldbevolking heeft een spaarrekening, terwijl sparen mensen in ontwikkelingslanden juist kan helpen een zelfstandig bestaan op te bouwen. Dat hield prinses Máxima dit weekeinde de VN-top over Financiering voor Ontwikkeling in Doha voor.
Máxima bood VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon hierover een rapport aan. „We weten dat arme mensen kunnen sparen, maar vaak niet op een spaarrekening. In plaats daarvan stoppen ze geld onder hun matras of moeten ze het in riskante investeringen stoppen, zoals vee of bouwmaterialen. Daardoor kunnen ze al hun bezittingen – en dromen – in één klap verliezen door ziekte, brand, een overstroming of droogte”, hield Máxima de top voor.
Volgens de prinses is er een directe relatie tussen toegang tot financiële diensten en de kansen voor kinderen om naar school te gaan. Spaargeld is tevens hard nodig om microkredieten te financieren. Nederland besteedt jaarlijks 100 miljoen euro aan microkrediet via ontwikkelingsbanken.




Stuur artikel door