Cohen: Geen uitkering voor boerkadrager
Als het nodig is voor het werk, moet de boerka uit. Dat vindt de Amsterdamse burgemeester Job Cohen. Voor een verbod is hij evenwel niet.
Als het aan burgemeester Job Cohen van Amsterdam ligt, dan hoeft een vrouw die haar boerka niet wil afdoen om werk te krijgen, ook niet om een uitkering te vragen. Dat zegt hij in een interview met deze krant.
Daarin merkt Cohen op dat er in het debat over de scheiding tussen kerk en staat vaak misverstanden sluipen. In Nederland heeft die scheiding, anders dan in Frankrijk, nooit betekend dat ook de publieke ruimte gevrijwaard moet zijn van religieuze uitingen. „Persoonlijk vind ik het verschrikkelijk om een vrouw in boerka te zien lopen. Maar of ik het al dan niet leuk vind, is geen criterium om het te verbieden.”
In situaties waar contact met andere mensen nodig is, zoals op school of op het werk, ligt de situatie volgens Cohen anders. „Ik ben het ermee eens, dat als je geen werk kunt vinden door die boerka, je dan ook niet langs moet komen om een uitkering aan te vragen.”
In 2006 hield zijn PvdA-partijgenoot Ahmed Aboutaleb ook al eens zo’n pleidooi. Maar een jaar later floot de Amsterdamse rechtbank de gemeente Diemen terug, toen die daadwerkelijk de bijstandsuitkering van een vrouw met boerka introk.
In reactie daarop nam de Tweede Kamer een motie aan die het korten op de bijstandsuitkering van boerkadragers mogelijk maakte. Maar een motie om de uitkering in dat geval helemaal in te trekken, kreeg toen alleen steun van de PVV.
In het interview in de Verdieping zegt Cohen zich niet te storen aan zijn imago van theedrinkende slapjanus. „Ik drink zelden thee. Maar als thee drinken betekent dat ik in gesprek blijf met mensen met wie ik het niet eens ben, dan vind ik het geen diskwalificatie, integendeel. Het alternatief is namelijk schieten of boksen.”
© Trouw 2010, op dit artikel rust copyright.




Stuur artikel door