Hoezo sparen? Kasmoni!
Sparen, dat doe je bij een bank, tegen rente. Fout, er zijn genoeg andere systemen, buiten banken om. Eén ervan is kasmoni: geld in de kast.
Aandelen zijn uit. Sparen is weer in. De onrust op de effectenbeurzen en de stijgende rente hebben de op zeker spelende Nederlanders naar hun oude, vertrouwde spaarrekening gedreven. Gezamenlijk hebben Nederlanders nu 246 miljard euro op zo’n rekening weggezet. Dat is 16 miljard meer dan vorig jaar, een stijging van zo’n 1000 euro per inwoner.
Toch zijn er vele groepen, vooral allochtonen, die dit ’sparen op de bank’ te formeel vinden. Je moet allerlei papieren overleggen en contracten sluiten. Toch moeten ook zij af en toe een grote uitgave doen. Daarvoor vallen ze terug op een informeel banksysteem dat in de eigen cultuur vaak al eeuwenlang goed heeft gewerkt. Die systemen zijn bij de deelnemers bekend onder exotisch klinkende namen als sam (Antillianen), susu (Ghanezen) en nouba (Marokkanen). Kasmoni, het systeem van Creoolse Surinamers, is wel het bekendst.
„Eigenlijk kennen blanke Nederlanders het systeem ook. Dat waren de onderlinge waarborgmaatschappijen uit de 19de eeuw, de onderlinges. Een ieder legde periodiek geld in en als een van de deelnemers schade leed door een ramp, kreeg die geld uitgekeerd”, zegt Aspha Bijnaar. Deze sociologe van Surinaamse origine is zes jaar geleden gepromoveerd op kasmoni. „In vele delen van de niet-westerse wereld is wel zo’n informeel spaarsysteem te vinden. Het zijn vooral gebieden met een zwakke staat en amper een financiële en sociale infrastructuur. Dan zoeken mensen op hun eigen manier naar een sociaal en financieel vangnet. De oudst bekende informele systemen stammen uit Japan, uit de elfde eeuw. Van boeren, om het risico van misoogsten op te vangen. Maar het ging niet altijd om geld. In India gingen betrokkenen rijst sparen voor als een kind van een van hen ging trouwen. Dan was men in ieder geval van de maaltijd verzekerd.”
Bijnaar leefde voor haar kasmoni-onderzoek een aantal jaren in de Bijlmer waar de grootste groep Surinamers in Nederland huist. „Kasmoni ontstond in Suriname onder de slaven. Toen ging het om puur overleven in een uiterst schamel bestaan. Nu wordt het gebruikt om er beter van te worden, materieel, maar ook om je te kunnen ontplooien. Toen Surinamers massaal naar Nederland trokken is het gebruikt om in de nieuwe omgeving hogerop te komen. Om te integreren eigenlijk.”
Hoe werkt kasmoni? „Het gaat nu niet zo zeer meer om armen. Die hebben namelijk geen uitgebreid netwerk en dat heb je wel nodig. In de meeste gevallen betreft het mensen uit de middenklasse - verpleegsters, onderwijzers, politieagenten, ambtenaren, winkeliers. Die hebben veel uitgaven voor de vaste lasten en vinden het moeilijk om zelfstandig te sparen. Kasmoni helpt daarbij. Stel je hebt tien mensen. Die verplichten zich om tien maanden lang per maand 100 euro weg te zetten bij een persoon. Dat is meestal een vrouw, de kasvrouw genoemd. Die organiseert de kasmoni, beoordeelt de deelnemers en houdt alles bij in een schriftje. Er worden geen officiële voorwaarden gesteld, er hoeven geen legitimaties of loonstrookjes te worden overlegd en de deelname kan anoniem. Wel keurt ze jou via haar sociale netwerk op kredietwaardigheid en betrouwbaarheid. Een deelnemer hoeft niet te weten wie de andere deelnemers zijn. Die kasvrouw is een sterke vrouw, meestal een informele onderneemster met een goede, serieuze reputatie en een groot netwerk dat veel informatie oplevert. Zij beheert de pot en keert elke maand de bijeengelegde som van 1000 euro uit aan een van hen. Dat wordt door het lot bepaald, maar de kasvrouw kan in haar wijsheid anders besluiten. Je kunt bij voorbeeld met haar regelen dat jij over vier maanden aan de beurt bent omdat je dan geld nodig hebt voor, zeg, autorijlessen. Een ander wil het snel, omdat zijn koelkast het heeft begeven. Heb je geen speciale wensen, dan wacht je je beurt af en dan koop je die saxofoon of een ticket voor een reis naar Suriname. Als iedereen aan de beurt is geweest, volgt overleg of de kasmoni wordt verlengd en met wie. Degene die slecht van betalen is geweest, wordt er dan meestal uitgezet door de kasvrouw.”
Dat slechte betalen – of erger: fraude – komt niet vaak voor, weet Bijnaar. „Als je Surinamers ernaar vraagt volgen wel altijd sterke verhalen. Dat is ook een beetje onze instelling. Maar ik heb het uitgebreid onderzocht en er blijkt niets van. De kasvrouw zorgt ervoor dat iedereen in het gareel blijft. Zo gauw je te laat bent met je geld – je kunt dat gireren, langsbrengen, in de brievenbus doen – klimt de kasvrouw in de telefoon of gaat langs en werkt op je gemoed. Dat doet het goed. Er staan overigens geen sancties op wanbetaling, maar wat volgt is publieke schande en sociale uitsluiting. Je hebt gelijk een slechte naam. Dat tikt in onze cultuur erg aan. De kasvrouw heeft er ook belang bij dat er betaald wordt, want zij is er verantwoordelijk voor als het niet lukt. Soms moet ze dan sieraden verkopen of verpanden om de uit te keren pot compleet te krijgen.” Bijnaar denkt dat een derde van de creoolse Surinamers in Nederland in kasmoni’s meedoet. Maandelijks gaat daar 4 tot 8 miljoen euro in om, schat ze.
Een enkele keer – in 5 van de 100 gevallen, schat Bijnaar – gaat de kasvrouw of een deelnemer er met de poet vandoor. „Meestal vluchten ze dan naar Suriname of komen er op een andere manier mee weg. Dat is ook iets Surinaams. Je gaat niet agressief achter je geld aan. Zo’n zakelijke vasthoudendheid past niet in onze cultuur. Dat laten we over aan zakelijk-gierige Hollanders of Hindostaanse Surinamers, zoals wij over hen denken. De eer van de dief is teloor. Dat telt ook zwaar. Er is het geloof dat het lot haar of hem zal achterhalen.”
Je zou veronderstellen dat nieuwe inwoners die informele systemen al snel inruilen voor het goed geordende Nederlandse banksysteem, waar je bovendien nog eens rente krijgt op je spaargeld. Niets is minder waar, zegt Bijnaar. „Het kasmoni-systeem breidt zich juist uit. Surinamers willen graag slagen in de Nederlandse samenleving. Dat maakt het leven duur, want ze willen zich ontplooien en ook nog eens de familie in Suriname financieel steunen. Kasmoni maakt dat op een vernuftige manier mogelijk. Het stelt de deelnemers in staat om onder vrijwillige dwang grotere uitgaven te plannen. En dat allemaal binnen een redelijke termijn. Dat is een krachtig systeem. Daar kan geen bank tegenop. Die dwingt je niet tot sparen. De rente levert men er graag voor in. Je ziet ook dat de tweede generatie enthousiast wordt. Je ziet jonge meisjes al kasmoni’s opzetten om make-up en modieuze kleding te kunnen betalen. Jongens kopen dan muziekinstrumenten of mengpanelen om als muzikant te kunnen optreden. Maar meestal heeft men óók een bankrekening.”
Je zou ook veronderstellen dat als kasmoni blijft bestaan in het nieuwe vaderland – en daar zelfs groeit – het zich ontwikkelt tot een formeler systeem. „Dat klopt wel. Na de onafhankelijkheid van Suriname in 1975 trokken veel Surinamers naar Nederland. De spanningen die dat gaf leidden bij kasmoni’s tot een toenemende fraude. Daardoor is men strenger geworden. Er zijn soms reglementen opgesteld en de kasvrouw wil meer van je weten. En waar de kasvrouw voorheen tevreden was met aandacht en een mooie bos bloemen, rekent ze nu vaak een vergoeding voor haar werk van zo’n vijf procent. Het systeem gaat mee met zijn tijd.”
Dat het kasmoni-systeem zich uiteindelijk ontwikkelt tot een echt banksysteem gelooft Bijnaar niet. „Dat zou niet logisch zijn, de twee passen niet bij elkaar. Maar banken hebben wel belangstelling. Ik heb hen al regelmatig moeten uitleggen hoe het werkt.”
© Trouw 2010, op dit artikel rust copyright.
De handelseditie van Aspha Bijnaars proefschrift Kasmoni – Een spaartraditie in Suriname en Nederland is uitgegeven bij Bert Bakker. Het boek is uitverkocht. Bijnaar zelf heeft nog enkele exemplaren in bezit. Die zijn voor 10 euro te koop. Bijnaar werkt nu bij het Nationaal instituut Nederlands slavernijverleden en erfenis – Ninsee. Telefoon 020 - 5682076/2075.
Kasmoni, sranantongo voor geld in de kast, bestaat onder verschillende namen in vele ontwikkelingslanden. Het systeem van geld inleggen en dat aan een van de deelnemers uitkeren is overal gelijk, zegt onderzoekster Aspha Bijnaar, maar de uitvoering verschilt nogal eens. Bij Surinamers kan het anoniem en is de kasvrouw (soms kasman) soms de enige die weet wie er allemaal meedoen. Dat maakt de positie van de kasvrouw extra cruciaal. Een kasvrouw die het goed doet, is dan ook een zeer aantrekkelijke huwelijkspartner, weet Bijnaar. Daarentegen komen bij Indonesiërs en Turken bij voorbeeld alle deelnemers bij de kasvrouw/man tezamen en leggen onder het oog van een ieder geld in een pot. Daar gaat een sterke sociale controle vanuit. De positie van de kasvrouw/man is dan meer coördinerend.
Hoewel kasmoni vooral een vrouwenzaak is doen er ook mannen mee. Een enkele keer wordt wel een witte man gesignaleerd als deelnemer. Waar mannen de leiding hebben verloopt het systeem wat zakelijker. Er wordt echt vergaderd en de kasstromen worden op de computer bijgehouden. De leden ontvangen met enige regelmaat afschriften van het wel en wee van de kasmoni. Vaak bestaan deze mannenkasmoni uit werknemers bij dezelfde baas. Bijnaar verhaalt in haar boek van een zekere Sam die zo een kasmoni leidde waarin 2,8 miljoen euro omging. Op de bijbehorende administratiemap stond dan ook terecht Sam’s Bank.
Op de Antillen, waar het systeem ’sam’ heet, is deelname van mannen weer zeer beladen. Antilliaanse mannen vinden ’sam’ een vrouwending. Als mannen meedoen worden ze vaak betiteld als mietjes.




Reacties (2)
Geachte mevrouw Bijnaar, Het is een prachtig systeem en bied veel uitkomst voor de financieel behoeftig mens. Geld is geen tabaksblad dat je zo oprookt. Neen, doe dat op speciale momenten van het leven.
Waar ik aanstoot van neem is dat u Nederlanders gierig noemt tezamen met Hindostanen. Elke prestatatie in mijn beleving brengt een tegenprestatie met zich mee. Geld leren waarderen is een kunst, zij die dat kunstje door hebben genieten meer van het verdiende geld. Achteloosheid en onderwaardering zijn trefwoorden voor het besef waar uw lotgenoten mee zijn opgegroeid. Ontwikkel maar vergeet je roots niet, dus blijft u maar kasmoni spelen.
de sigaar, van den haag op 23-04-2009, 09:51
De taalverloedering heeft helaas ook bij Trouw toegeslagen, zie ik. "Wit" voor mensen is een lelijk Anglicisme. Bij huidskleur is het juiste woord: "Blank".
Peter, Zaandam op 24-02-2008, 22:51
Plaats een reactie
Stuur artikel door