Vat moed, pak de snoeischaar en kortwiek floxen en asters
© FOTO JÖRGEN CARIS, TROUW
Tuinierend Engeland staat momenteel op zijn kop, want dit is de week van de Chelsea Flower Show. Ieder jaar stromen bijna tweehonderdduizend mensen naar deze vijfdaagse tentoonstelling van alles wat met tuinen te maken heeft. Dicht opeengepakt wurmen ze zich langs de showtuinen en weten na afloop precies welke planten trendy zijn, en welke onverwijld de tuin uit moeten omdat ze hopeloos verouderd zijn. Maar dat is niet het enige dat ze van dit evenement meekrijgen. Na afloop weten ze namelijk ook dat het tijd is voor de ’Chelsea chop’.
In Engeland is doing the Chelsea chop een begrip. Spreek ’chop’ (’tsjop!’) hardop uit en je begrijpt meteen dat het een bezigheid is waar een mes of zelfs een bijl aan te pas komt. De toevoeging ’Chelsea’ is een ezelsbruggetje om het tijdstip te onthouden – eind mei, zodra de tuinshow in Chelsea is afgelopen – waarop je vaste planten kunt ’choppen’, oftewel: een kopje kleiner maken. Al moet je dat kopje nogal ruim nemen, want in de praktijk worden de planten minstens met de helft teruggeknipt.
Het gaat om een aantal vaste, in de zomer bloeiende planten. Als je die tussen half mei en de langste dag (21 juni) kortwiekt, bloeien ze later én rijker. De planten blijven bovendien lager en bossiger dan planten die ongehinderd hun gang mogen gaan.
Het terugknippen gebeurt niet alleen om de bloei uit te stellen en de plant bossig te houden, maar ook om gezondheidsredenen. Veel planten zijn gevoelig voor meeldauw. Wanneer je die in het late voorjaar met de helft terugknipt en daarna van water en mest voorziet, lopen ze opnieuw uit en krijgt meeldauw voorlopig geen kans.
Of neem herfstasters, die vaak last hebben van mijten. In het voorjaar nestelen die zich in de stengeltoppen, die daardoor misvormd raken. Door de asters terug te knippen, raak je de mijten kwijt. Bijkomend voordeel: de afgeknipte stengels bloeien rijker, doordat ze zich na het knippen vertakken.
Ben je, net als ik, zo’n slapjanus van een tuinier die het eng vindt om de snoeischaar in vaste planten te zetten, begin dan voorzichtig met een paar tegelijk. Engelse kwekers doen dat met floxen al sinds mensenheugenis. Ze knippen de floxen om en om terug, de ene stengel wel en de andere niet. En zorgen zo voor een gespreide bloei, omdat de afgeknipte stengels uiteraard later bloeien dan de niet afgeknipte.
Knipangst is ook te overwinnen door je, terwijl je de schaar in de stengels zet, te concentreren op de vele voordelen van zo’n behandeling. Al deze planten bloeien in juli, midden in de vakantietijd. Kom je lekker uitgerust terug uit Frankrijk, tref je een kleurloze tuin aan omdat alles is uitgebloeid. Die teleurstelling kun je jezelf besparen door de planten voor 21 juni terug te knippen. Je zult zien: op de eerste werkdag na de vakantie beginnen ze allemaal tegelijk te bloeien.
Voordelen op de langere termijn zijn er ook, want over een paar maanden hoef je die lange slappe lijzen niet meer op te binden. Of, als je dat toch al niet deed, bang te zijn dat ze bij het eerste het beste herfststormpje omvallen.
Tuinvragen? Ga naar www.trouw.nl/groen/tuinvraag
© Trouw 2010, op dit artikel rust copyright.
Alsem (Artemisia lactiflora)
Aster
Campanula lactiflora
Bergamotplant (Monarda)
Flox
Guldenroede (Solidago)
Kattestaart (Lythrum salicaria )
Koninginnekruid (Eupatorium maculatum, E. rugosum en E. perfoliatum)
Meisjesogen (Coreopsis verticillata)
Pluimpapaver (Macleaya cordata)
Scharnierplant (Physostegia virginica)
Schildpadbloem (Chelone obliqua)
Sedum
Zonnebloem (Helianthus ’Lemon Queen’ en H. salicifolius)
Zonnekruid (Helenium)




Stuur artikel door