Han Ebbelaar / ’Breitner was de Hollandse Monet’
U bekijkt nu: pagina 1 van 2.
In het Rembrandtjaar organiseert Trouw de verkiezing van het mooiste schilderij van Nederland. Twintig bekende Nederlanders geven vast hun favorieten. Aflevering 12: Ex-danser Han Ebbelaar krijgt moderne kunst voor zijn verjaardag.
Vermeer: Gezicht op Delft, 1660-1661
Heel lang heeft Han Ebbelaar zitten dubben welke Vermeer het moest worden. ’Het meisje met de parel’ of ’Het gezicht op Delft’. Allebei vindt hij ze ’adembenemend mooi’. „Elke keer als ik ze ga bekijken denk ik: Han, je weet toch dat ze fantastisch zijn. Maar op het moment dat ik er tegenover sta, is er toch altijd weer dat waauwh-gevoel. Het licht, het mooie formaat, de sublieme manier waarop Vermeer ze heeft geschilderd.” De keuze is gevallen op het ’Gezicht op Delft’, omdat dat ’helemaal klopt’. Dat geldt weliswaar ook voor ’Het meisje met de parel’, maar wat hem een beetje tegenstaat bij dat portret is dat het ’het grootste cliché van de koekblikken is’.
Verschrikkelijk moeilijk vond Han Ebbelaar, ex-danser en voormalig solist bij het Nationale Ballet, het om te bepalen wat hij het allermooiste schilderij vindt. Zijn eerste ingeving was om vijf werken van Mark Rothko te kiezen. Hij pakt een boek uit de kast en begint erin te bladeren. Eigenlijk vindt hij alles mooi van deze kunstenaar. Maar Rothko is een Amerikaan en valt daarom buiten de opzet van deze wedstrijd. Natuurlijk snapt Ebbelaar ook wel dat je grenzen moet stellen. Maar toch moet er een Rothko bij, dan maar buiten mededinging. Hij pakt het boek er weer bij en bladert langs de afbeeldingen van schilderijen van deze kunstenaar. Zijn partner Alexandra Radius bemoeit zich er ook mee. Ze delen niet alleen het dansverleden – ze was ook eerste solist bij het Nationale Ballet – ook in de liefde voor de beeldende kunst trekken ze samen op. Ze hebben dezelfde smaak, al heeft Radius een lichte voorkeur voor een ander doek dan Ebbelaar na lang wikken en wegen aanwijst. „Maar het is jouw interview, Han, dus jij mag het zeggen.” Het wordt een schilderij uit 1953 met een brede magentakleurige baan die haast van het doek afspat. Ebbelaar vindt het vooral zo fascinerend omdat het zo simpel lijkt. „Maar als je er langer naar kijkt, ontdek je dat het een heele emotionele lading heeft.”
Breitner: Meisje in rode kimono, 1893
Nog uren zou Ebbelaar over Rothko willen praten, maar Radius wijst hem erop dat hij terug naar de les moet. Zijn tweede favoriet is ’Meisje in rode kimono’ van George Hendrik Breitner. Behalve dat hij het een mooi schilderij vindt, wil hij met deze keuze ook aandacht vragen voor Breitner, die volgens hem altijd een beetje onderbelicht is gebleven. „Ten onrechte, want in mijn visie is het de Hollandse Monet.” Ebbelaar vindt het schilderij ook zo geslaagd door de combinatie van de dieprode kimono en ’dat malle burgerlijke bruine kleed’.
Hond Bas, een terriër, kruipt op schoot bij Han Ebbelaar. De hond weigert overdag lang alleen te blijven en daardoor kunnen ze moeilijk samen musea bezoeken. Radius: „We zouden hem het liefst meenemen, maar honden mogen niet in musea. Meestal gaan we nu om en om, maar dat is toch niet zo prettig, omdat je je gevoelens en ervaringen toch graag wilt delen.”
Aan de muur van hun appartement op het Java-eiland in Amsterdam, met uitzicht op het IJ, hangt een schilderij met intense kleuren in een imponerende lijst. Het is een werk van Hans van Hoek, dat ze jaren geleden hebben gekocht. Van Hoek maakt zelf de lijsten om zijn schilderijen. In het begin van zijn carrière werd daar wat meesmuilend op gereageerd. Maar al snel viel de bijzondere combinatie op van de aardse, ambachtelijke toon van zijn lijsten gevoegd bij de ingehouden extase op het doek. Het barokke, expressieve karakter van zijn werk spreekt Ebbelaar en Radius aan. Er moet dus ook een Van Hoek op de lijst en dat wordt ’Black still-life’ uit 1975.
Hans van Hoek: Black Still-life, 1975
Ebbelaar: „Wat ik ook zo mooi vind van Hans van Hoek is dat hij volstrekt zijn eigen weg gaat en zich totaal niet stoort aan wat anderen zeggen.”
Emo Verkerk: James Joyce, 1982
Ook van zijn vierde favoriet, Emo Verkerk, hangt werk aan de muur. Verkerk maakt collage-achtige portretten van de groten der aarde. Ebbelaar haalt een foto te voorschijn van een zelfportret van Rembrandt, dat hij ook prachtig vindt. „Maar ik vind het veel boeiender om te zien hoe een portret kan evolueren.
© Trouw 2010, op dit artikel rust copyright.
- Toon heel artikel
- vorige pagina
- 1
- 2
- volgende pagina




Stuur artikel door